
Foto: Łukasz Szczurowski, CC BY-SA 3.0 · bron
Snoeigids · Struik
Weigela snoeien: wanneer en hoe
Een weigela snoei je meteen na de bloei, in juni–juli: zaag elk jaar een paar van de oudste takken aan de voet weg en knip uitgebloeide takken terug tot op een sterke, jonge zijscheut.
De weigela bloeit in mei–juni op het hout van vorig jaar, en maakt in de zomer de takken die het volgende voorjaar bloeien. Wie in de winter of het vroege voorjaar snoeit, knipt dus de bloemen weg. Snoei je meteen na de bloei, dan heeft de struik de hele zomer om nieuwe scheuten te maken, en bloeien sommige rassen in de nazomer zelfs een tweede keer.
| Snoeimaanden | juni–juli |
|---|---|
| Broedseizoen (15 maart–15 augustus) | Let op in juni–juli |
| Bloei | mei–juni |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
Wanneer snoei je een weigela?
Snoei zodra de meeste bloemen verwelkt zijn, eind juni of in juli. Hoe vroeger, hoe langer de nieuwe scheuten de tijd hebben om te groeien en bloemknoppen te maken.
Na eind juli snoei je niet meer: de takken voor volgend jaar zijn dan volop aan het groeien, en wat je wegknipt, bloeit niet.
Snoei niet in de herfst, de winter of het vroege voorjaar: de bloemknoppen voor mei zitten dan al op de takken.
Hoe snoei je een weigela?
- Kijk eerst naar de struik. Oude takken zijn dik, grijsbruin en sterk vertakt, en bloeien enkel nog bovenaan; jonge takken zijn recht, lichter van kleur en bloeien het rijkst.
- Zaag elk jaar een paar van de oudste takken, bij een volwassen struik ongeveer een op de vijf, vlak bij de grond weg. Zo groeien er uit de voet jonge takken bij.
- Knip uitgebloeide takken terug tot op een sterke, jonge zijscheut die naar buiten wijst. Zo houdt de struik zijn losse vorm met overhangende takken.
- Haal dode, zwakke en kruisende takken weg, en takken die over het pad of tegen een andere struik groeien.
- Een oude, kale struik verjong je in drie jaar: elk jaar na de bloei een derde van de oudste takken tot bij de grond weg. Zo blijft hij elk jaar bloeien.
- Geef na de snoei wat compost rond de voet, en water bij droogte: dan maakt de struik sterke nieuwe scheuten.
Hoeveel snoei je, en hoe vaak?
- Eén snoeibeurt per jaar, meteen na de bloei, is genoeg. Een jonge struik laat je de eerste twee à drie jaar gewoon groeien.
- Haal per jaar niet meer dan een vijfde à een kwart van de takken weg: zo vernieuwt de struik zich om de vier à vijf jaar helemaal, zonder ooit kaal te worden.
- Is hij te groot voor zijn plek, haal dan meer oude takken aan de voet weg in plaats van de struik rondom in te knippen, of kies bij een nieuwe aanplant een compact ras.
Wat merkt de natuur ervan?
- De trompetvormige bloemen zitten in mei–juni vol hommels, en ook de kolibrievlinder komt er soms nectar drinken. Snoei dus pas als de bloei echt voorbij is.
- In een dichte weigela nestelen merels, zanglijsters en heggenmussen graag. De snoei in juni–juli valt midden in het broedseizoen (15 maart–15 augustus): kijk eerst goed tussen de takken, want een bezet nest verstoren is verboden. Spaar het stuk rond een nest en neem het volgend jaar mee.
- Bladluizen op de jonge scheuten ruimen lieveheersbeestjes en mezen meestal zelf op: spuiten is niet nodig.
- Snoeitakken kunnen op een takkenril in een hoek van de tuin, een schuilplaats voor egels, winterkoninkjes en insecten. Jonge, niet-bloeiende scheuten wortelen makkelijk als zomerstek.
Veelgemaakte fouten
- In de winter of het vroege voorjaar snoeien, zodat de bloemknoppen weg zijn en de struik nauwelijks bloeit.
- De struik elk jaar rondom in een bol knippen, zodat hij enkel nog wat aan de buitenkant bloeit.
- Nooit oude takken aan de voet weghalen, zodat de struik van onderen kaal wordt en enkel bovenaan bloeit.
- In juni snoeien zonder eerst naar nesten te kijken.
Let op: Snoei niet in de winter of het vroege voorjaar: hij bloeit op het hout van vorig jaar, dus dan knip je de bloemknoppen weg.
In de buurt: verwante snoeigidsen
Lijkt op: Verschil met boerenjasmijn · Verschil met deutzia · Verschil met wilde kamperfoelie