
Foto: Mariko GODA, Public domain · bron
Heester · Caprifoliaceae
Abelia
Abelia × grandiflora
In andere talen: Abélia à grandes fleurs (Français) · Glossy abelia (English)
Abelia × grandiflora is een halfgroenblijvende struik, een tuinhybride van twee Chinese abelia’s. Van juli tot in oktober draagt hij trosjes kleine, licht geurende klokjes in wit met een roze zweem, die bijen en vlinders aantrekken. Zijn sierlijke, overhangende takken met glanzend blad vormen een losse, elegante struik van ongeveer 1,5 m. Na de bloei blijven de roze tot bronskleurige kelkblaadjes nog weken zitten, zodat hij tot laat in de herfst kleur geeft. Er zijn ook bontbladige rassen, zoals ‘Francis Mason’, met geel gerand blad.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
zuur tot neutraal
Winterhard
tot -15 °C
jonge planten beschermen
Grootte
1,5 m
hoog, 1,5 m breed
Bloei
juli–oktober
| Snoeimaanden | april |
|---|---|
| Hoogte | 1,5 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een abelia?
- Groeivorm
- Sierlijke, ronde struik met overhangende takken, 1–1,5 m hoog en even breed.
- Blad
- Klein, eirond, glanzend donkergroen, tegenoverstaand; jong blad is vaak bronskleurig. Halfgroenblijvend.
- Bloem
- Trompetvormige klokjes van 1–2 cm in trosjes aan de toppen van de nieuwe scheuten.
- Kleur
- Wit met een roze zweem; de blijvende kelkblaadjes zijn roze tot bronsrood.
- Geur
- Licht en zoet, vooral op warme dagen.
Bloei: juli–oktober · Planten: april–mei en september–oktober · Snoeien: april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit laat en lang, van juli tot in oktober, als veel struiken al uitgebloeid zijn.
- Een waardevolle late nectarbron voor bijen, hommels en vlinders.
- De bloemen geuren licht en zoet.
- Halfgroenblijvend: in zachte winters houdt hij een groot deel van zijn blad.
- Past in een gemengde border, als losse haag of in een grote pot.
Waar staat een abelia graag?
- Zon of lichte halfschaduw; in de zon bloeit hij het rijkst.
- Een warme, beschutte plek, uit de koude oostenwind.
- Goed doorlatende, humusrijke grond: zand, leem of klei, zuur tot neutraal, niet te droog.
- Hou 1–1,5 m afstand; voor een losse haag ongeveer 80 cm.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 1,5 m hoog, 1,5 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -15 °C)
Mooi samen met
- Herfstaster: Bloeit tegelijk in september–oktober en trekt ook vlinders aan.
- Siergrassen: Luchtige halmen naast de overhangende takken.
- Lavendel: Een geurende, blauwe voet in de zomer.
- Hemelsleutel: Platte bloemschermen in de herfst, net zo geliefd bij bijen.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een abelia?
Planten in april–mei en september–oktober.
- Plant in april–mei of september–oktober.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er compost door.
- Zet de struik even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Giet flink aan en mulch de voet met compost of houtsnippers.
- Geef het eerste jaar regelmatig water.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig; daarna enkel bij langdurige droogte.
- Bemesten
- In het voorjaar een laag compost of wat organische mest.
- Mulchen
- In de herfst een mulchlaag rond de voet, als bescherming tegen vorst.
- Pot
- In een grote pot met potgrond voor heesters; geef in de zomer geregeld water.
Tip: Plant hem op een zonnige, beschutte plek. Snoei in april licht en knip enkele oude takken aan de voet weg: hij bloeit op nieuw hout tot in de herfst.
Wanneer snoei je een abelia?
Snoeimaanden: april.
Wanneer: In april, als de ergste vorst voorbij is: hij bloeit op nieuw hout.
Hoe:
- Knip bevroren twijgtoppen terug tot gezond hout.
- Knip elk jaar een paar van de oudste takken aan de voet weg; jonge scheuten nemen hun plaats in.
- Kort te lange takken wat in, maar behoud de overhangende vorm.
- Een verwaarloosde struik kun je in april flink terugsnoeien: meestal loopt hij goed opnieuw uit.
Let op: Scheer hem niet in een strakke bol: dan verliest hij zijn sierlijke vorm en bloeit hij minder.
Vermeerderen
- Zachte stekken
- In juni–juli stekken van 8–10 cm van niet-bloeiende scheuten, onder een plastic zak.
- Halfrijpe stekken
- In augustus stekken van 10 cm in een koude bak of onder plastic. Overwinter ze vorstvrij.
Hoe komt een abelia de winter door?
Winterhard tot −15 °C: jonge planten beschermen.
- Winterhard tot ongeveer −15 °C: in koude winters verliest hij veel blad en kunnen de takken terugvriezen.
- Meestal loopt hij in het voorjaar weer uit, desnoods vanuit de voet.
- Mulch de voet in de herfst met compost of bladaarde.
- In een pot: zet hem tegen een muur en pak de pot in.
Ziektes en plagen
- Vorstschade: Dode twijgtoppen na een strenge winter. Knip ze in april terug tot gezond hout.
- Bladluis: Soms op de jonge scheuten. Spuit ze weg met water.
- Weinig bloei: Te donker, of in de zomer gesnoeid. Geef hem een zonnige plek en snoei alleen in het voorjaar.
- Slap blad: Droogte, vooral in een pot. Geef ruim water.
Het jaar rond
- April: Snoeien: bevroren toppen en enkele oude takken weg. Planten.
- Mei: Planten. Compost geven.
- Juni: Zachte stekken nemen.
- Juli: Begin van de bloei.
- Augustus: Bloei vol bijen en vlinders. Halfrijpe stekken nemen. Water geven bij droogte.
- September: Bloei. Planten.
- Oktober: Laatste bloemen en roze kelken. Planten. Mulchen.
- November: Mulch rond de voet aanvullen.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Ook nadat de bloemen gevallen zijn, blijven de roze-rode kelkblaadjes nog weken aan de struik, waardoor hij lang kleur geeft.
- Het geslacht is genoemd naar Clarke Abel, een Britse arts en natuuronderzoeker die begin 19de eeuw planten verzamelde in China.
- Abelia × grandiflora is een kruising tussen Abelia chinensis en Abelia uniflora.