
Foto: Liné1, CC BY 2.5 · bron
Boom · Betulaceae
Himalayaberk
Betula utilis
In andere talen: Bouleau de l’Himalaya (Français) · Himalayan birch (English)
De Himalayaberk groeit in het wild hoog in de bergen van de Himalaya, tot aan de boomgrens. In tuinen wordt hij 10–15 m hoog, met een open, lichte kroon en eironde, getande bladeren die in de herfst goudgeel kleuren. Hij is vooral geliefd om zijn stam: bij de bekendste vorm, de variëteit jacquemontii, is de schors spierwit en glad, met horizontale strepen. In april hangen er lange, geelbruine katjes aan de kale takken. Bekende rassen met extra witte stammen zijn ‘Doorenbos’ en ‘Grayswood Ghost’.
Let op: Berkenpollen veroorzaken in april bij veel mensen hooikoorts. Plant hem niet vlak bij een slaapkamerraam als iemand in huis daar last van heeft.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
15 m
hoog, 8 m breed
Bloei
april
| Snoeimaanden | augustus–oktober |
|---|---|
| Hoogte | 15 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | april |
Herkennen
Hoe herken je een himalayaberk?
- Groeivorm
- Rechtopgaande boom van 10–15 m met een open, ovale kroon; vaak als meerstammige boom gekweekt.
- Schors
- Bij de witte vormen spierwit en glad, met horizontale strepen; bladdert soms in dunne vellen af.
- Blad
- Eirond, 5–12 cm, met een gezaagde rand; donkergroen, in de herfst goudgeel.
- Bloem
- Hangende, geelbruine mannelijke katjes in april, korte vrouwelijke katjes rechtop.
- Wortels
- Vlak en uitgebreid: de grond onder de boom droogt snel uit.
Bloei: april · Planten: maart–april en oktober–december · Snoeien: augustus–oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Spierwitte stammen die het hele jaar opvallen, maar vooral in de winter.
- Een lichte, open kroon die weinig schaduw geeft: er groeit nog veel onder.
- Goudgele herfstkleur.
- Prachtig als meerstammige boom, als blikvanger in een gazon of voor een donkere haag.
- Volledig winterhard en weinig onderhoud.
Waar staat een himalayaberk graag?
- Zon of halfschaduw; in de zon blijft de kroon dichter en de stam het mooist.
- Zand-, leem- of kleigrond, zuur tot neutraal, liefst humusrijk.
- Normaal vochtig: de vlakke wortels verdragen geen lange droogte.
- Voor een donkere achtergrond, zoals een haag van taxus, komen de witte stammen het best uit.
- Reken op 5–6 m afstand van het huis en andere bomen.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 15 m hoog, 8 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Venijnboom: Een donkere haag of achtergrond die de witte stammen laat oplichten.
- Kornoelje: Rode twijgen naast witte stammen: een klassiek winterbeeld.
- Sneeuwklokje: Een wit tapijt onder de kale kroon in februari.
- Elfenbloem: Een sterke bodembedekker die de droge schaduw onder de berk verdraagt.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een himalayaberk?
Planten in maart–april en oktober–december.
- Plant van oktober tot december of in maart–april, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit, maar niet dieper, en meng er wat compost door.
- Zet de boom zo dat de wortelaanzet net op het maaiveld ligt. Voor een meerstammig effect kun je ook drie jonge bomen dicht bij elkaar planten.
- Plaats een korte boompaal schuin aan de windzijde en bind de stam losjes vast.
- Geef meteen een flinke emmer water, ook als het regent.
- Leg een laag mulch rond de voet, maar hou de stam zelf vrij.
Verzorgen
- Water
- De eerste drie jaar bij droogte wekelijks een paar emmers. Ook later bij langdurige droogte, want de wortels zitten ondiep.
- Bemesten
- In het voorjaar wat compost onder de kroon. Meer is niet nodig.
- Mulchen
- Een laag bladcompost houdt de grond koel en vochtig.
- Stammen wassen
- Groene aanslag van algen kun je in de winter wegwassen met lauw water en een zachte borstel.
- Onderbeplanting
- Kies sterke planten die tegen droge schaduw kunnen, want de wortels concurreren om water.
Tip: Plant hem als meerstammige boom voor een donkere achtergrond, zodat de witte stammen echt oplichten. Was de stammen eens per jaar in de winter met water en een zachte borstel, dan blijven ze spierwit.
Wanneer snoei je een himalayaberk?
Snoeimaanden: augustus–oktober.
Wanneer: Alleen als het nodig is, van augustus tot oktober, als de boom niet bloedt.
Hoe:
- Haal dode, beschadigde of kruisende takken weg.
- Verwijder geleidelijk de laagste zijtakken om meer van de witte stammen te tonen.
- Zaag net buiten de verdikte ring aan de voet van de tak, zonder een stomp te laten staan.
- Haal geen grote takken in één keer weg; spreid het over een paar jaar.
Let op: Snoei nooit in de late winter of het voorjaar: dan bloedt de berk sterk uit de snoeiwonden.
Vermeerderen
- Zaad
- Zaai in de herfst of het voorjaar vers zaad dun uit op vochtige zaaigrond en dek het nauwelijks af. De zaailingen hebben niet altijd een witte stam.
- Enten
- Kwekers enten de witte rassen in de winter op een onderstam. Voor een zekere witte stam koop je beter een geënte boom.
Hoe komt een himalayaberk de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: in België is geen bescherming nodig.
- In de winter zijn de witte stammen op hun mooist, zeker in de lage zon of voor een donkere haag.
- Snoei niet in de winter of het voorjaar: wacht tot augustus.
- Een jonge boom in een pot zet je beschut, met de pot in jute gewikkeld.
Ziektes en plagen
- Groene aanslag: Algen kleuren de witte stam groenig. Was hem in de winter met water en een zachte borstel, zonder hogedrukreiniger.
- Bladluis en honingdauw: Kleverige druppels onder de boom in de zomer, soms met zwarte schimmel. Meestal geen schade; plant hem niet boven een terras of oprit.
- Berkenroest: Oranje vlekjes aan de onderkant van het blad in de nazomer en vroege bladval. Afgevallen blad opruimen.
- Droogte: Geel blad en vroege bladval in droge zomers. Geef ruim water en mulch de grond.
Het jaar rond
- Januari: Witte stammen in volle glorie. Eventueel groene aanslag wegwassen.
- Februari: Stammen schoonwassen met water en een zachte borstel.
- Maart: Planten. Niet snoeien: de boom bloedt.
- April: Bloei met hangende katjes. Planten.
- Mei: Jonge bomen water geven bij droogte.
- Juli: Water geven bij droogte. Letten op bladluis.
- Augustus: Snoeien als het nodig is. Water geven bij droogte.
- September: Snoeien als het nodig is.
- Oktober: Goudgele herfstkleur. Laatste snoei. Planten.
- November: Planten. Afgevallen blad opruimen.
- December: Planten. De witte stammen sieren de tuin.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In de Himalaya werd de dunne schors van deze berk eeuwenlang als schrijfmateriaal gebruikt; er zijn nog oude manuscripten op berkenschors bewaard.
- De witte kleur van berkenschors komt van betuline, een stof in de buitenste lagen van de schors.
- Het ras ‘Doorenbos’ is genoemd naar S.G.A. Doorenbos, de vroegere directeur van de Haagse plantsoenendienst.