Canna (Canna × generalis)

Foto: Yercaud-elango, CC BY-SA 4.0 · bron

Bol- of knolgewas · Cannaceae

Canna

Canna × generalis

In andere talen: Canna lily (English)

De canna (Canna × generalis) is een groep tuinhybriden van soorten uit tropisch en subtropisch Amerika. Uit een dikke, vlezige wortelstok groeien stevige stengels van ongeveer 1,2 m met grote, peddelvormige bladeren in groen, brons, purper of gestreept. Van juli tot de eerste vorst verschijnen bovenaan trossen opvallende bloemen in rood, oranje, geel of roze. Tuiniers kweken hem voor de exotische, tropische sfeer in een zonnige border of een grote pot. Bekende oude rassen zijn ‘Wyoming’, met oranje bloemen en bronzen blad, en ‘King Humbert’, met rode bloemen en purperbruin blad.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Normaal tot nat

    mag niet uitdrogen

  • Grond

    Zand, leem of klei

    neutraal tot kalkrijk

  • Winterhard

    tot 0 °C

    beschermen in strenge winters

  • Grootte

    1,2 m

    hoog, 0,5 m breed

  • Bloei

    juli–oktober

Feiten op een rij
Snoeimaandenoktober–november
Hoogte1,2 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeijuli–oktober

Herkennen

Hoe herken je een canna?

Groeivorm
Rechtopgaande pollen van ongeveer 1,2 m hoog en 50 cm breed, met stevige stengels.
Blad
Groot, breed en peddelvormig, tot 50 cm lang; groen, bronskleurig, purper of met gele of roze strepen.
Bloem
Trossen van onregelmatige, gladiolusachtige bloemen bovenaan de stengel, van juli tot oktober.
Kleur
Rood, oranje, geel, roze of crème, soms gevlekt of met een gekleurde rand.
Wortelstok
Dik, vlezig en vertakt, met ogen waaruit nieuwe scheuten groeien. Niet winterhard.

Bloei: juli–oktober · Planten: mei–juni · Snoeien: oktober–november

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Geeft met zijn grote bladeren meteen een tropische sfeer, ook als hij niet bloeit.
  • Bloeit lang, van juli tot de eerste vorst in oktober of november.
  • Rassen met bronzen, purperen of gestreepte bladeren zijn de hele zomer een blikvanger.
  • Ideaal in een grote pot op een zonnig terras of als middelpunt van een border.
  • Groeit snel: van een wortelstok in april tot een plant van meer dan een meter in augustus.

Waar staat een canna graag?

  • Volle zon en een warme plek: hoe meer zon, hoe rijker de bloei.
  • Rijke, humusrijke grond: zand, leem of klei, neutraal tot kalkrijk. Werk vooraf flink wat compost of goed verteerde mest door de grond.
  • Normaal tot vochtig: hij heeft in de zomer veel water nodig en verdraagt natte grond beter dan droogte.
  • Beschut tegen harde wind, die de grote bladeren scheurt. Reken op 40–60 cm tussen de planten.
Licht
Zon
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Neutraal of kalkrijk
Vocht
Normaal of nat
Grootte
1,2 m hoog, 0,5 m breed
Winterhard
Vorstgevoelig: haal de bollen of knollen voor de vorst binnen en bewaar ze vorstvrij

Mooi samen met

  • Dahlia: Bloeit in dezelfde periode en heeft dezelfde zorg nodig, ook wat rooien betreft.
  • Patagonisch ijzerhard: Ijle, paarse bloemhoofdjes die tussen de grote canna-bladeren zweven.
  • Bananenplant: Nog grotere bladeren voor een echte tropische border.
  • Lampenpoetsersgras: Zachte pluimen als luchtig contrast met de stevige canna.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een canna?

Planten in mei–juni.

  1. Start de wortelstokken in april binnen: leg ze in een pot met potgrond, 5 cm diep, op een lichte plek bij 15–20 °C.
  2. Houd de grond licht vochtig tot de eerste scheuten verschijnen; geef dan meer water.
  3. Laat de planten vanaf half mei overdag buiten wennen en plant ze eind mei of in juni uit, na de IJsheiligen.
  4. Maak een ruim plantgat met compost en zet de plant even diep als in de pot, 40–60 cm uit elkaar.
  5. Geef meteen flink water en leg een laag mulch rond de voet.
  6. In een pot: kies minstens 30–40 cm doorsnede, met rijke potgrond en een gat in de bodem.

Verzorgen

Water
Ruim water geven, in droge, warme periodes elke dag bij planten in een pot. De grond mag nooit uitdrogen.
Bemesten
Van juni tot eind augustus om de twee weken vloeibare mest voor bloeiende planten, of in het voorjaar een flinke portie compost of organische mest.
Mulchen
Een laag compost of grasmaaisel houdt de grond vochtig en voedt de plant.
Uitgebloeide bloemen
Knip uitgebloeide trossen af tot net boven het volgende blad of de volgende zijscheut: daar komt een nieuwe tros.
Verpotten
Plant in een pot elk voorjaar opnieuw in verse potgrond; verdeel te grote wortelstokken.

Tip: Start de wortelstok in april binnen in een pot en plant eind mei uit in rijke grond. Geef veel water en voeding voor grote bladeren en bloemen.

Wanneer snoei je een canna?

Snoeimaanden: oktober–november.

Wanneer: Na de eerste vorst, in oktober of november, als het blad zwart wordt, knip je de stengels terug voor je de wortelstokken rooit.

Hoe:

  • Knip alle stengels terug tot 10–15 cm boven de grond.
  • Graaf de wortelstok voorzichtig uit en schud de aarde eraf.
  • Knip in de zomer uitgebloeide bloemtrossen af, net boven het volgende blad.
  • Haal beschadigde of gescheurde bladeren weg aan de voet.

Let op: Rooi de wortelstokken niet te laat: een paar nachten lichte vorst op het blad kan geen kwaad, maar bevroren wortelstokken rotten.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Delen
In april, bij het opstarten, snij je de wortelstok met een scherp mes in stukken met elk minstens één of twee ogen. Laat de wondjes een dag drogen voor je ze oppot.
Zaad
De zaden zijn keihard. Vijl ze licht aan of week ze 24 uur in lauw water en zaai in februari–maart bij 20–25 °C. Zaailingen lijken meestal niet op de ouderplant.

Hoe komt een canna de winter door?

Winterhard tot 0 °C: beschermen in strenge winters.

  • Niet winterhard: de wortelstok verdraagt geen vorst. In België rooi je hem elk najaar.
  • Laat de geroote wortelstokken een paar dagen drogen op een vorstvrije plek en bewaar ze in een kist met licht vochtige potgrond, zand of houtvezel.
  • Bewaar ze koel en vorstvrij, bij ongeveer 5–10 °C, bijvoorbeeld in een kelder of garage.
  • Plant in een pot: zet de hele pot vorstvrij en houd de grond bijna droog tot april.

Ziektes en plagen

  • Slakken: Eten in mei en juni gaten in de jonge scheuten. Plant pas uit als de plant stevig is, en raap slakken ’s avonds weg.
  • Gescheurd blad: Harde wind scheurt de grote bladeren in repen. Kies een beschutte plek, bijvoorbeeld tegen een haag of muur.
  • Virus: Gele strepen, vlekken of vervormde bladeren wijzen op een virus. Er is geen genezing: gooi de plant met wortelstok weg en koop gezond plantgoed.
  • Rot in de winter: Te natte of te warme opslag doet de wortelstokken rotten. Controleer ze in de winter en snij zachte plekken weg.
  • Weinig bloei: Te weinig zon, water of voeding. Geef hem de zonnigste plek en bemest regelmatig.

Het jaar rond

  • Januari: Bewaarde wortelstokken controleren op rot.
  • Maart: Wortelstokken nakijken. Zaaien binnen bij 20–25 °C.
  • April: Wortelstokken delen en binnen in een pot opstarten.
  • Mei: Overdag laten wennen buiten. Eind mei uitplanten na de IJsheiligen.
  • Juni: Uitplanten. Ruim water en mest geven.
  • Juli: Eerste bloei. Om de twee weken bemesten.
  • Augustus: Volle bloei. Uitgebloeide trossen afknippen. Veel water geven.
  • September: Bloei. Stoppen met bemesten.
  • Oktober: Na de eerste vorst terugknippen tot 10–15 cm en rooien.
  • November: Wortelstokken laten drogen en vorstvrij bewaren.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Wat bij de canna op kroonbladeren lijkt, zijn grotendeels omgevormde meeldraden. Slechts één meeldraad maakt nog echt stuifmeel.
  • De Engelse naam ‘Indian shot’ verwijst naar de ronde, keiharde zaden, die vroeger als hagel gebruikt zouden zijn.
  • Ondanks de Engelse naam ‘canna lily’ is hij geen lelie: de canna hoort in een eigen familie en is verwant aan banaan en gember.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…