
Foto: user:Chilepine, Public domain · bron
Eenjarige plant · Convolvulaceae
Purperwinde
Ipomoea purpurea
In andere talen: Ipomée pourpre (Français) · Common morning glory (English)
De purperwinde is een eenjarige klimplant uit Mexico en Midden-Amerika, familie van de haagwinde en de zoete aardappel. In één zomer slingert ze zich tot 3 m hoog langs een hek, draad of obelisk, met hartvormige bladeren en trechterbloemen van 4–6 cm. De bloemen zijn purper, roze, blauwviolet, rood of wit, vaak met een lichter hart, en gaan ’s ochtends open; in de loop van de dag sluiten ze weer. Elke bloem leeft maar één dag, maar van juli tot de eerste vorst komen er elke ochtend nieuwe bij. Tuiniers kweken haar om snel een kaal hek, een pergola of een balkon groen en kleurrijk te maken.
Let op: Het zaad is giftig, vooral voor kinderen en voor huisdieren zoals honden en katten: laat geen zaaddoosjes rondslingeren en bewaar zaad buiten hun bereik. In warme streken zaait ze zich massaal uit en is ze een lastig onkruid; ook bij ons kunnen zaailingen opkomen.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
tot 2 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
3 m
hoog, 0,5 m breed
Bloei
juli–oktober
| Hoogte | 3 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | juli–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een purperwinde?
- Groeivorm
- Eenjarige, windende klimplant: de stengels slingeren zich om draden, takken en spijlen, tot 3 m hoog en zo’n 50 cm breed.
- Blad
- Hartvormig, 5–12 cm, frisgroen en zacht behaard, op lange stelen.
- Bloem
- Trechtervormig, 4–6 cm breed, van juli tot oktober; open in de ochtend, dicht in de loop van de dag, één dag per bloem.
- Kleur
- Purper, roze, blauwviolet, rood of wit, vaak met een witte keel en strepen.
- Zaad
- Harde, donkere zaden in ronde doosjes; ze zijn giftig.
Bloei: juli–oktober · Zaaien: april–mei · Planten: mei–juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groeit in één zomer tot 3 m: snel groen op een hek, pergola of balkon.
- Elke ochtend nieuwe trechterbloemen, van juli tot de eerste vorst.
- Het hartvormige blad vormt een dicht, fris scherm.
- Past ook in een grote pot met een klimrek op een zonnig terras.
- Een goedkope, tijdelijke oplossing zolang trage klimplanten nog moeten groeien.
Waar staat een purperwinde graag?
- Volle zon en warmte, liefst op het zuiden of westen en uit de wind.
- Gewone, goed doorlatende tuingrond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk; te rijke grond geeft vooral blad.
- Normaal vochtig; in een pot droogt ze snel uit.
- Een klimsteun is nodig: draden, gaas, een hek of een obelisk. Plant 20–30 cm uit elkaar.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 3 m hoog, 0,5 m breed
- Winterhard
- Vorstgevoelig: pas buiten na de laatste nachtvorst (half mei)
Mooi samen met
- Oost-Indische kers: Een kleurrijke eenjarige aan de voet van het hek, in dezelfde zon.
- Pronkboon: Ook een snelle eenjarige klimmer: samen bloeien ze in rood en purper.
- Siererwt: Bloeit vroeg in de zomer; de purperwinde neemt het daarna over.
- Zonnebloem: Een stevige stengel waarlangs de winde naar boven kronkelt.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een purperwinde?
Planten in mei–juni.
- Week het zaad een nacht in lauw water; harde zaden kun je ook licht openschuren met een nagelvijl.
- Zaai in april binnen, twee à drie zaden per potje van 8–9 cm, 1 cm diep, bij zo’n 20 °C. Ze verdraagt verpotten slecht, dus zaai meteen in aparte potjes.
- Of zaai eind mei ter plaatse, 1 cm diep, aan de voet van een hek of klimrek.
- Plant voorgezaaide planten na half mei uit, als de nachten warm zijn, op 20–30 cm afstand; houd de kluit heel.
- Leid de jonge ranken naar de steun en geef goed water.
- Een dun laagje compost rond de voet houdt de grond vochtig.
Verzorgen
- Water
- Regelmatig water geven, zeker in potten en bij warm weer: niet laten uitdrogen, maar ook geen natte voeten.
- Bemesten
- Weinig nodig: gewone grond geeft de meeste bloemen. Te veel stikstof geeft veel blad en weinig bloemen. In potten om de drie weken wat mest voor bloeiende planten.
- Steun
- Wikkel jonge ranken om de steun; daarna klimmen ze zelf. Draden of gaas werken beter dan een gladde muur.
- Toppen
- Knip de top van jonge planten met vier à vijf bladeren uit als je meer zijranken wilt.
- Zaaddoosjes
- Pluk ze weg als je meer bloemen wilt en geen zaad laat rijpen, zeker als er kinderen of huisdieren in de buurt zijn.
Tip: Zet de purperwinde waar je ’s ochtends langskomt, bij de voordeur of het ontbijtterras: later op de dag zijn de bloemen al dicht.
Wanneer snoei je een purperwinde?
Wanneer: De purperwinde wordt niet gesnoeid. Je leidt de ranken in de zomer en ruimt de plant na de eerste vorst op.
Hoe:
- Knip te lange of verdwaalde ranken af, of leid ze terug naar de steun.
- Verwijder de zaaddoosjes als je geen zaad wilt laten rijpen.
- Trek na de eerste vorst de zwarte ranken van de steun en ruim ze op, met de zaaddozen.
Let op: Laat geen rijpe zaaddoosjes liggen waar kinderen of huisdieren bij kunnen: het zaad is giftig.
Vermeerderen
- Zaad
- In april binnen of eind mei buiten zaaien, na een nacht weken. Eigen zaad oogsten kan: pluk in september–oktober bruine, droge doosjes, laat ze nadrogen en bewaar het zaad koel, droog en buiten bereik van kinderen.
Hoe komt een purperwinde de winter door?
Winterhard tot 2 °C: beschermen in strenge winters.
- Niet winterhard: ze verdraagt geen temperaturen onder ongeveer 2 °C en sterft bij de eerste vorst.
- Ruim de plant in oktober–november op en zaai in het voorjaar opnieuw.
- Gevallen zaad kan in de grond overwinteren en in het voorjaar kiemen: wied ongewenste zaailingen.
Ziektes en plagen
- Bladluis: Op jonge scheuten en knoppen. Afspuiten met water; lieveheersbeestjes helpen.
- Spint: Fijne, gele stipjes en spinsel op het blad bij warm, droog weer, vooral tegen een muur. Besproei het blad met water en houd de grond vochtig.
- Geel blad: Na koude nachten of te vroeg uitplanten worden de bladeren geel en stopt de groei. Plant pas uit na half mei.
- Veel blad, weinig bloemen: Te rijke grond of te veel mest. Stop met bemesten en geef de plant meer zon.
- Slakken: Ze vreten jonge zaailingen kaal. Bescherm ze de eerste weken en raap ze ’s avonds weg.
Het jaar rond
- April: Zaad een nacht weken en binnen zaaien in aparte potjes.
- Mei: Na half mei uitplanten of eind mei ter plaatse zaaien. Klimsteun plaatsen.
- Juni: Ranken leiden. Water geven bij droogte.
- Juli: Begin van de bloei: elke ochtend nieuwe bloemen.
- Augustus: Volle bloei. Water geven. Zaaddoosjes verwijderen.
- September: Bloei. Zaad oogsten als je dat wilt.
- Oktober: Laatste bloemen. Na de eerste vorst opruimen.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Alle delen van deze windes zijn giftig, vooral de zaden: bij de purperwinde en verwanten bevatten ze alkaloïden die misselijkheid, braken, buikpijn en zelfs hallucinaties geven. Ze worden daarom soms bewust gegeten als ‘natuurlijke drug’, wat gevaarlijk is, en zaad uit de winkel is bovendien vaak met een ontsmettingsmiddel behandeld. Bewaar zakjes zaad buiten het bereik van kinderen en jongeren, laat rijpe zaaddoosjes niet rondslingeren en houd honden en katten weg van de zaden. Eet er nooit iets van. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Elke bloem gaat maar één ochtend open; daarom heet ze in het Engels morning glory.
- Ze is familie van de haagwinde en de zoete aardappel.
- Charles Darwin gebruikte de purperwinde voor zijn proeven over kruis- en zelfbestuiving.