Foto: Dinkum, CC0 · bron
Kamerplant · Gesneriaceae
Goudvisplant
Nematanthus gregarius
In andere talen: Nematanthus (Français) · Goldfish plant (English)
De goudvisplant (Nematanthus gregarius) komt uit de bossen langs de kust van Brazilië, waar hij als epifyt tussen boomtakken groeit. Het is een hangende of kruipende kamerplant met kleine, vlezige, glanzend donkergroene blaadjes aan slanke, overhangende stengels van ongeveer 40 cm. Van april tot september verschijnen er opvallende, oranje bloemen in de vorm van een gezwollen buisje met een klein mondje, die met wat fantasie op een goudvisje lijken. De plant blijft compact en is ideaal voor een hangpot of een plantenstandaard bij een lichte, niet te zonnige plek in de woonkamer.
Licht
Halfschaduw
geen felle middagzon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Potgrond
Winterhard
Kamerplant
min. 13 °C
Grootte
0,4 m
hoog, 0,5 m breed
Bloei
april–september
| Snoeimaanden | maart en oktober |
|---|---|
| Hoogte | 0,4 m |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | april–september |
Herkennen
Hoe herken je een goudvisplant?
- Groeivorm
- Hangende of kruipende struikjes met slanke, overhangende stengels tot ongeveer 40 cm, ongeveer 50 cm breed; in de natuur epifyt.
- Blad
- Klein, ovaal, vlezig en glanzend donkergroen, ongeveer 2–4 cm lang, tegenoverstaand aan de stengel.
- Bloem
- Oranje, opgeblazen buisjes van ongeveer 2–3 cm met een klein, geel mondje; van april tot september.
- Wortels
- Fijn en oppervlakkig, gevoelig voor te veel water: kies een kleine pot en luchtige grond.
- Stengels
- Dun, zacht en makkelijk buigzaam; ze groeien overhangend en wortelen soms bij de knopen.
Bloei: april–september · Planten: maart–april · Snoeien: maart en oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Opvallende, oranje bloemen die op goudvisjes lijken: een echte gespreksstarter.
- Bloeit lang, van april tot september, op een lichte plek.
- Glanzend, groenblijvend blad dat het hele jaar fris oogt.
- Compact en hangend: ideaal voor een hangpot of op een plank.
- Verwant aan het Kaaps viooltje en niet moeilijk, mits je de lucht vochtig en de plek licht houdt.
Waar staat een goudvisplant graag?
- Licht tot halfschaduw: veel helder, maar indirect licht, bijvoorbeeld bij een oost- of westraam; geen felle middagzon, die verbrandt het blad.
- Luchtige, humusrijke potgrond met turf of leem, boomschors en perliet; licht zuur tot neutraal.
- Gelijkmatig licht vochtig en bij een vochtige lucht; nooit zompig, omdat de fijne wortels dan wegrotten.
- Warm, 18–25 °C en in de winter niet onder 13 °C; geen tocht en niet vlak boven een radiator.
- Licht
- Licht, zonder felle zon
- Potgrond
- Gewone potgrond of luchtige, humusrijke potgrond
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Water geven
- Gewoon
- Grootte
- 0,4 m hoog, 0,5 m breed
- Temperatuur
- Minimum 13 °C
Mooi samen met
- Columnea: Verwante hangplant met kleurrijke, goudvisachtige bloemen en dezelfde warme, vochtige standplaats.
- Kaaps viooltje: Een compacte bloeier uit dezelfde plantenfamilie voor de voorgrond.
- Hoya: Een klimmende of hangende plant met vlezig blad die dezelfde lichte plek waardeert.
- Peperomia: Klein, vlezig blad in verschillende tinten als rustig decor.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een goudvisplant?
Planten in maart–april.
- Pot in maart–april, bij het begin van de groei, of zodra de plant zijn pot vol heeft; meestal om de 2 jaar.
- Kies een kleine, ondiepe pot of hangmand met gaten in de bodem, een maat groter dan de oude.
- Maak een luchtig mengsel van potgrond, boomschors en perliet; leg onderin wat kleikorrels voor de afvoer.
- Zet de plant even diep als eerst en druk de grond lichtjes aan.
- Geef een lauwe gietbeurt met kalkarm water en laat het overtollige water weglopen.
Verzorgen
- Water
- Laat de grond tussen twee gietbeurten iets opdrogen; geef lauw, kalkarm water (regenwater is ideaal) en laat nooit water in de schotel staan. In de winter minder, maar de grond mag niet helemaal uitdrogen.
- Bemesten
- Van april tot september om de 2 weken een zwakke dosis voeding voor bloeiende planten. In de winter niet bemesten.
- Luchtvochtigheid
- Vochtige lucht, bijvoorbeeld met een plateau met natte kiezels of een luchtbevochtiger. Besproei de bloemen niet, omdat ze er vlekken van krijgen.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip verwelkte bloemen en bloemstelen af, dan blijft de plant netjes en komt er nieuwe bloei.
- Verpotten
- Om de 2 jaar in het voorjaar in verse, luchtige grond; de plant bloeit goed in een kleine pot.
Tip: Zet hem licht, giet pas als de bovenste laag iets droog is en knip lange ranken na de bloei terug: dan wordt hij voller en bloeit hij rijker.
Wanneer snoei je een goudvisplant?
Snoeimaanden: maart en oktober.
Wanneer: Knip lange ranken na de bloei terug (september–oktober) of begin maart, vóór de nieuwe groei.
Hoe:
- Kort lange, kale of rommelige ranken in tot ongeveer de helft, net boven een bladpaar.
- Knip verwelkte bloemen en dode of gele bladeren weg.
- In de herfst volstaat een lichte snoei; in maart kun je steviger terugknippen.
- Gebruik de afgeknipte toppen van 8–10 cm als stek.
Let op: Knip niet in de volle bloei: je haalt dan knoppen en bloemen weg.
Vermeerderen
- Stekken
- In het voorjaar of de zomer topstekken van 8–10 cm afknippen, de onderste bladeren weghalen en ze in vochtige, luchtige stekgrond (turf met perliet) zetten. Houd ze warm (ongeveer 20–22 °C), licht en onder folie of in een kasje; na 3–4 weken ontstaan wortels.
- Delen
- Bij het verpotten in het voorjaar een dichte plant voorzichtig in twee delen en elk deel apart planten.
Hoe komt een goudvisplant de winter door?
- Niet winterhard: houd hem het hele jaar boven 13 °C, liefst bij 15–18 °C.
- Een koelere, lichte standplaats in de winter met minder water kan de knopvorming in het voorjaar bevorderen; laat de grond nooit helemaal uitdrogen.
- Zet hem uit de buurt van radiatoren en koude tocht; droge verwarmingslucht geeft bruine bladranden en spint.
Ziektes en plagen
- Bladval: De plant verliest blaadjes bij koude, tocht, te natte of te droge grond of plotse temperatuurwisselingen. Zet hem op een stabiele, tochtvrije plek en geef gelijkmatig water.
- Geen bloei: Meestal te weinig licht of geen koelere winterrust. Zet hem lichter, knip hem na de bloei bij en geef hem een koelere winter.
- Grauwe schimmel: Grijze schimmel op bladeren en bloemen bij koude, vochtige, stilstaande lucht. Knip aangetaste delen weg, zorg voor wat luchtverversing en geef minder water.
- Wolluis en spint: Witte wollige plukjes of fijn web onder de bladeren. Veeg ze weg met een wattenstaafje of spoel de plant af onder een lauwe douche; herhaal na een week.
- Verbrand of vlekkerig blad: Bruine plekken door felle zon of koud water op het blad. Zet hem uit de felle zon en gebruik lauw water aan de rand van de pot.
Het jaar rond
- Januari: Rust: licht en koel (15–18 °C), weinig water, niet bemesten.
- Februari: Rust: licht, weinig water. Uit de buurt van radiatoren.
- Maart: Terugknippen, verpotten indien nodig. Beginnen met bemesten.
- April: Bloei begint. Regelmatig water en om de 2 weken bemesten.
- Mei: Bloei. Verwelkte bloemen wegknippen. Vochtige lucht.
- Juni: Bloei. Uit de felle zon houden. Stekken nemen.
- Juli: Bloei. Regelmatig water geven.
- Augustus: Bloei. Controleren op wolluis en spint.
- September: Laatste bloei. Stoppen met bemesten.
- Oktober: Na de bloei terugknippen. Minder water.
- November: Rust: licht en koel, weinig water.
- December: Rust: licht en koel, weinig water.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De geslachtsnaam Nematanthus komt uit het Grieks: nema betekent draad en anthos bloem, en verwijst naar de dunne bloemstelen.
- De plant is verwant aan het Kaaps viooltje: beide horen tot de gesneriafamilie (Gesneriaceae).
- De opgeblazen, oranje bloemen met hun kleine mondje hebben de plant zijn naam goudvisplant bezorgd.