
Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron
Kamerplant · Bromeliaceae
Neoregelia
Neoregelia carolinae
In andere talen: Néorégélia (Français) · Blushing bromeliad (English)
Neoregelia carolinae komt uit de bossen van Brazilië, waar hij als epifyt op boomtakken groeit. Hij vormt een wijde, laag blijvende rozet van stevige, bandvormige, glanzend groene bladeren met fijn getande randen, die in het midden een trechter of kelk vormen waarin regenwater blijft staan. Bij de bloei kleurt het hart van de rozet felrood, wat de plant zijn Engelse naam ‘blushing bromeliad’ gaf; de eigenlijke bloemetjes zijn klein en paarsblauw en zitten verborgen in de kelk. Hij is makkelijk, houdt van een lichte plek en blijft maanden mooi. Er bestaan ook bonte vormen met crèmewitte strepen.
Licht
Halfschaduw
geen felle middagzon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Potgrond
Winterhard
Kamerplant
min. 15 °C
Grootte
0,3 m
hoog, 0,6 m breed
| Hoogte | 0,3 m |
|---|---|
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een neoregelia?
- Groeivorm
- Wijde, laag blijvende rozet van ongeveer 30 cm hoog en 60 cm breed; epifyt, in de natuur op boomtakken.
- Blad
- Stevig, bandvormig, ongeveer 30–40 cm lang, glanzend groen met fijn getande, scherpe randen; de bladeren vormen een kelk die water vasthoudt.
- Kleur
- Bij de bloei kleurt het hart van de rozet felrood en blijft zo vaak enkele maanden mooi.
- Bloem
- Kleine, paarsblauwe bloemetjes die verborgen in de kelk zitten en maar kort bloeien; de kleur van het blad is het eigenlijke sieraad.
- Wortels
- Klein; de wortels dienen vooral om de plant te verankeren. De plant neemt water op via de bladeren en de kelk.
Planten: april–mei
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Felrood hart dat maanden blijft staan: een langdurige kleurvlek zonder dat je de plant steeds moet vervangen.
- Glanzend, stevig blad dat het hele jaar mooi blijft.
- Weinig werk: je hoeft vooral de kelk met water te vullen en de grond licht vochtig te houden.
- Blijft laag en breed: past op een vensterbank of in een schaal met andere bromelia’s.
- Maakt zijscheuten (kindjes), zodat je er na verloop van tijd nieuwe planten bij krijgt.
Waar staat een neoregelia graag?
- Halfschaduw tot veel helder, maar indirect licht, bijvoorbeeld bij een oost- of westraam; geen felle middagzon, die brandt het blad. Te weinig licht geeft een groen hart.
- Zeer luchtige, zure en turfrijke grond, bijvoorbeeld bromeliagrond met boomschors en perliet; nooit zware, natte tuingrond.
- Gelijkmatig licht vochtige grond, een met water gevulde kelk en vochtige lucht; nooit zompig.
- Warm, 18–25 °C en niet onder 15 °C; geen tocht en niet vlak boven een radiator.
- Licht
- Licht, zonder felle zon
- Potgrond
- Luchtige, humusrijke potgrond
- Zuurtegraad
- Zuur
- Water geven
- Gewoon
- Grootte
- 0,3 m hoog, 0,6 m breed
- Temperatuur
- Minimum 15 °C
Mooi samen met
- Guzmania: Een andere bromelia met felrode of gele schutbladen, mooi in een groepje.
- Vriesea: Bromelia met een gekleurde bloeiwijze in een bijpassende tint.
- Orchidee: Past qua warmte, licht en luchtvochtigheid.
- Calathea: Mooi getekend blad dat dezelfde vochtige lucht waardeert.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een neoregelia?
Planten in april–mei.
- Pot in april–mei, of zodra de plant uit zijn pot groeit of een jonge scheut is losgemaakt.
- Kies een kleine, zware pot met een gat in de bodem; de wortels zijn klein en de rozet is breed, dus een lichte pot valt gemakkelijk om.
- Maak een zeer luchtig, zuur mengsel van bromeliagrond of turf met boomschors en perliet; leg onderin wat kleikorrels voor de afvoer.
- Zet de plant even diep als eerst en zorg dat de voet van de bladeren boven de grond blijft; druk de grond lichtjes aan.
- Geef een lauwe gietbeurt met kalkarm water en vul de kelk voor ongeveer een derde tot de helft.
Verzorgen
- Water
- Houd de kelk gevuld met kalkarm water (regenwater is ideaal) en ververs het elke 2–4 weken, zodat het niet bederft. Houd de grond licht vochtig, maar niet nat; laat de bovenste laag tussen twee gietbeurten iets opdrogen.
- Bemesten
- Van april tot september één keer per maand een zwakke dosis bromelia- of groenplantenvoeding in het gietwater (een kwart van de aangegeven dosis). In de winter niet.
- Luchtvochtigheid
- Vochtige lucht, ongeveer 50–60 % of meer; besproei de bladeren af en toe met lauw water en neem ze af met een doek.
- Jonge scheuten
- Na de bloei sterft de moederplant langzaam af, maar er groeien zijscheuten (kindjes). Laat ze aan de moeder groeien tot ze een derde tot de helft van haar grootte hebben.
- Verpotten
- Alleen als nodig, in het voorjaar; de plant heeft maar een kleine pot nodig.
Tip: Houd de kelk gevuld met regenwater en ververs het om de paar weken; houd het in de winter beperkt en lauw, zodat het hart niet rot.
Wanneer snoei je een neoregelia?
Wanneer: Een bromelia wordt niet gesnoeid. Je verwijdert alleen dode bladeren en, na verloop van tijd, de afgestorven moederplant.
Hoe:
- Knip verdorde onderste bladeren met een scherp, schoon mes of schaar dicht bij de voet af.
- Haal verwelkte bloemetjes en resten uit de kelk.
- Haal de moederplant weg als ze helemaal dood is: snijd haar vlak boven de grond af en laat de jonge scheuten groeien.
- Draag handschoenen: de bladranden hebben scherpe tandjes.
Vermeerderen
- Scheuten (kindjes)
- Wanneer een jonge scheut een derde tot de helft van de moeder groot is (zeker 10–15 cm), met een scherp, schoon mes dicht bij de moeder afsnijden, liefst met wat eigen wortels. Zet hem in een kleine pot met bromeliagrond, houd hem warm en vochtig. Ze bloeien na enkele jaren.
- Zaaien
- Kan, maar het is langzaam en het kost jaren voordat de plantjes een bloeiende rozet vormen; in de praktijk gebruik je scheuten.
Hoe komt een neoregelia de winter door?
- Niet winterhard: houd hem het hele jaar boven 15 °C, ook ’s nachts en in de winter.
- Geef in de winter minder water: houd de kelk maar voor een kwart tot de helft gevuld of bijna leeg en gebruik lauw water; koud water in de kelk geeft rot.
- Zet hem licht, zonder directe zon, en uit de buurt van radiatoren en koude tocht.
Ziektes en plagen
- Hartrot: De middelste bladeren worden zacht en komen er gemakkelijk uit, soms met een rotte geur. Meestal door stilstaand water in de kelk bij koude. Laat de kelk drogen, geef minder water en houd hem warm.
- Bruine bladpunten: Door droge lucht, hard water of zoutafzetting. Zorg voor vochtiger lucht, gebruik regenwater en spoel de kelk regelmatig door.
- Schildluis en wolluis: Bruine schildjes of witte wollige plukjes aan de bladvoet en bladeren. Veeg ze weg met een doek en wat zachte zeep of een wattenstaafje en herhaal na een week.
- Kleur verdwijnt: Een groen of vaal hart betekent te weinig licht. Zet hem lichter, zonder volle zon.
- Verbrand blad: Bleke of bruine droge plekken door felle zon. Zet de plant uit de felle zon.
Het jaar rond
- Januari: Rust: licht en warm, kelk maar weinig vullen, niet bemesten.
- Februari: Rust: licht en warm, weinig water.
- Maart: Kelk verversen. Meer water geven naarmate het warmer wordt.
- April: Verpotten of jonge scheuten loskoppelen. Beginnen met zwak bemesten.
- Mei: Verpotten of scheuten loskoppelen. Kelk vullen en elke 2–4 weken verversen.
- Juni: Kelk gevuld houden en verversen. Zwak bemesten. Vochtige lucht.
- Juli: Kelk vullen en verversen. Zwak bemesten.
- Augustus: Kelk vullen en verversen. Zwak bemesten.
- September: Stoppen met bemesten. Het water in de kelk beperken.
- Oktober: Minder water, kelk maar half gevuld.
- November: Rust: licht en warm, weinig water.
- December: Rust: licht en warm, weinig water.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De geslachtsnaam Neoregelia eert Eduard Regel, een Duits-Russische botanicus en tuinman die directeur was van de botanische tuin in Sint-Petersburg.
- Bromelia’s horen tot dezelfde familie (Bromeliaceae) als de ananas.
- In de natuur vangen de kelken regenwater en bladafval op, en kunnen kleine dieren zoals insecten en boomkikkers erin leven.