
Foto: Krzysztof Ziarnek, Kenraiz, CC BY-SA 4.0 · bron
Heester · Asteraceae
Olearia
Olearia × haastii
In andere talen: Oléaria (Français) · Daisy bush (English)
De olearia (Olearia × haastii) is een natuurlijke kruising uit Nieuw-Zeeland en een van de winterhardste soorten van zijn geslacht. Het is een dichte, groenblijvende struik van ongeveer 2 m hoog en breed, met ovale, leerachtige blaadjes die boven donkergroen en onderaan wit viltig zijn. In juli–augustus bedekt hij zich met trossen kleine, witte, geurende bloempjes die op madeliefjes lijken, met een geel hart. Hij verdraagt wind en zilte kustlucht goed en is daarom geliefd in kusttuinen en als windscherm. Bijen en vlinders komen er graag op af.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
tot -15 °C
jonge planten beschermen
Grootte
2 m
hoog, 2 m breed
Bloei
juli–augustus
| Snoeimaanden | april en september |
|---|---|
| Hoogte | 2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–augustus |
Herkennen
Hoe herken je een olearia?
- Groeivorm
- Dichte, rondachtige, groenblijvende struik van ongeveer 2 m hoog en breed.
- Blad
- Ovaal en leerachtig, 2–5 cm lang; boven donkergroen, onderaan wit viltig.
- Bloem
- Trossen van kleine, witte madeliefjes met een geel hart, in juli–augustus.
- Geur
- De bloemen geuren licht en zoet, vooral op een warme dag.
- Wortels
- Niet erg diep; hij houdt van een goed doorlatende grond en niet van natte voeten.
Bloei: juli–augustus · Planten: april–mei · Snoeien: april en september
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Geurende, witte bloemen in juli–augustus, als veel andere struiken al uitgebloeid zijn.
- Trekt bijen en vlinders aan.
- Groenblijvend: een dichte, rustige struik die het hele jaar blad heeft.
- Verdraagt zeewind en zilte lucht: ideaal voor tuinen aan de kust en als windscherm.
- Verdraagt droge grond en weinig verzorging, zodra hij is aangeslagen.
- Mooi als solitair, in een gemengde haag of in een zonnige border.
Waar staat een olearia graag?
- Volle zon, op een warme, open plek; hoe meer zon, hoe rijker hij bloeit.
- Goed doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk, als het water maar kan wegtrekken.
- Droog tot normaal vochtig; vermijd plekken waar het water in de winter blijft staan.
- Hij verdraagt zeewind, maar geef hem in het binnenland een beschutte plek tegen koude, uitdrogende oostenwind.
- Reken op 1,5–2 m per struik; voor een haag plant je op 80–100 cm.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 2 m hoog, 2 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -15 °C)
Mooi samen met
- Lavendel: Houdt van dezelfde zon en droge grond; paarse bloemen naast de witte trossen.
- Salie: Grijsgroen blad dat mooi past bij het witviltige blad van de olearia.
- Siergrassen: Wuivende halmen in de wind, mooi in een kuststijl.
- Zonneroosje: Een lage, bloeiende rand in de zon aan zijn voet.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een olearia?
Planten in april–mei.
- Plant in april–mei, zodat de struik voor de winter goed kan wortelen.
- Graaf een plantgat dat twee keer zo breed is als de kluit. In zware klei meng je er zand of grof grind door voor een betere afwatering.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Houd 1,5–2 m tussen de struiken; in een haag 80–100 cm.
- Geef meteen een flinke gieter water en daarna het eerste jaar wekelijks bij droogte.
- Leg een laag schors of houtsnippers rond de voet, zodat de wortels beschermd zijn tegen vorst en droogte.
Verzorgen
- Water
- De eerste twee zomers bij droogte wekelijks flink water. Daarna zelden nodig.
- Bemesten
- In april wat compost of een handje organische mest. Niet te veel: te rijke grond geeft zachte, vorstgevoelige scheuten.
- Mulchen
- Een laag schors of bladcompost in november beschermt de wortels tegen vorst en droogte.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip de uitgebloeide trossen na de bloei weg: dat houdt de struik compact en netjes.
Tip: Zet hem op een zonnige, goed doorlatende plek en wacht met het wegknippen van vorstschade tot april: vaak loopt hij onderaan weer uit.
Wanneer snoei je een olearia?
Snoeimaanden: april en september.
Wanneer: Licht snoeien kan meteen na de bloei, in september. Vorstschade knip je pas in april weg, als je ziet welke takken uitlopen.
Hoe:
- Knip uitgebloeide trossen en te lange takken in tot een gezonde zijtak.
- Hou de vorm compact en rond; verdeel een grote snoeibeurt over twee jaar in plaats van alles in één keer te doen.
- Knip in april bruine, bevroren takken terug tot op groen hout.
Let op: Snoei niet in de late herfst: nieuwe scheuten bevriezen dan makkelijk.
Vermeerderen
- Stekken
- In juli–september: halfhoutige stekken van 8–10 cm met een stukje oud hout, in een mengsel van zand en potgrond onder plastic. Ze wortelen in enkele weken tot maanden; overwinter ze vorstvrij.
- Zaaien
- Zaden van een kruising geven geen identieke planten, dus stekken is de betrouwbare manier.
Hoe komt een olearia de winter door?
Winterhard tot −15 °C: jonge planten beschermen.
- Winterhard tot ongeveer −15 °C: op een beschutte plek in Vlaanderen meestal veilig.
- Zet hem uit de koude, uitdrogende oostenwind. Bij strenge vorst kun je hem afdekken met vliesdoek of een rietmat.
- Jonge planten krijgen een dikke laag mulch rond de voet. In een pot zet je ze vorstvrij of wikkel je ze in jute.
Ziektes en plagen
- Vorstschade: Bruine, uitgedroogde bladeren en takken na een koude winter. Wacht tot april met snoeien: vaak loopt hij onderaan weer uit.
- Wortelrot: Verwelkend, geel blad door te natte grond, vooral in de winter. Verbeter de afwatering of verplant hem naar een drogere plek.
- Kaal worden: Onderaan kaal door schaduw of te weinig snoei. Zorg voor veel zon en snoei licht na de bloei.
- Bladluis: Kleine groene luizen op jonge scheuten in het voorjaar. Afspuiten met water volstaat meestal.
Het jaar rond
- April: Planten. Vorstschade wegknippen. Compost geven.
- Mei: Planten. Water geven na het planten.
- Juni: Water geven bij droogte, vooral jonge planten.
- Juli: Begin van de bloei: geurende trossen met bijen. Stekken nemen.
- Augustus: Volle bloei. Uitgebloeide trossen wegknippen.
- September: Licht snoeien na de bloei. Halfhoutige stekken nemen.
- November: Mulch aanbrengen tegen vorst. Jonge planten beschermen.
- December: Rust. Bij strenge vorst afdekken.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Olearia hoort bij de composieten, net als het madeliefje en de zonnebloem: de bloempjes zijn dan ook kleine madeliefjes.
- Het geslacht is genoemd naar Johann Gottfried Olearius, een Duitse botanicus uit de 17e eeuw.
- De witviltige onderkant van het blad helpt de verdamping te beperken, handig in wind en zilte lucht.