Foto: Wenkbrauwalbatros, CC BY-SA 3.0 · bron
Vaste plant · Ranunculaceae
Wildemanskruid
Pulsatilla vulgaris
In andere talen: Anémone pulsatille (Français) · Pasqueflower (English)
Het wildemanskruid is een inheemse vaste plant van droge, kalkrijke graslanden in een groot deel van Europa. In het wild is hij in veel streken zeldzaam geworden, maar in de tuin is hij makkelijk op een zonnige, droge plek. Van maart tot mei verschijnen paarse, zijdeachtig behaarde klokken met een hart van goudgele meeldraden, samen met het fijn verdeelde, harige blad. Daarna volgen zilveren, pluizige zaadpluimen die weken mooi blijven. Er zijn ook vormen met witte, roze of wijnrode bloemen.
Let op: Alle delen zijn giftig, zeker vers. Het sap kan de huid en de mond irriteren. Houd jonge kinderen weg van de plant en wees voorzichtig met honden, katten en grazende dieren zoals konijnen, schapen en paarden. Draag handschoenen bij het werken.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog
verdraagt droogte
Grond
Zand of leem
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
0,25 m
hoog, 0,25 m breed
Bloei
maart–mei
| Snoeimaanden | februari |
|---|---|
| Hoogte | 0,25 m |
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | maart–mei |
Herkennen
Hoe herken je een wildemanskruid?
- Groeivorm
- Lage pol van ongeveer 25 cm hoog en breed; de stelen worden langer als het zaad rijpt.
- Blad
- Fijn, veervormig verdeeld en zacht behaard; het groeit vooral na de bloei verder.
- Bloem
- Klokvormig, 4–6 cm, met zes zijdeachtig behaarde bloembladen en een dicht hart van gele meeldraden.
- Kleur
- Paars tot violet; ook wit, roze en wijnrood.
- Zaadpluim
- Zilveren, veerachtige pluizen: elk zaadje heeft een lange, behaarde staart.
- Wortels
- Een diepe, houtige penwortel: verplanten verdraagt hij slecht.
Bloei: maart–mei · Planten: maart–april en september · Snoeien: februari
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de vroegste bloeiers voor een zonnige, droge plek, rond Pasen op zijn mooist.
- Na de bloei sieren de zilveren, pluizige zaadpluimen nog weken de tuin.
- Inheems en een vroege voedselbron voor bijen en hommels.
- Droogtebestendig: ideaal voor een rotstuin, een grindtuin of een muurrand.
- Compact en langlevend als hij op de juiste plek staat.
Waar staat een wildemanskruid graag?
- Volle zon; in de schaduw bloeit hij nauwelijks.
- Goed doorlatende zand- of leemgrond, neutraal tot kalkrijk; arme, stenige grond is prima.
- Droog: stilstaand water, zeker in de winter, is dodelijk.
- Plant op 20–25 cm afstand, vooraan in een border, in een rotstuin of in een grindtuin, waar hoge planten hem niet overgroeien.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Droog
- Grootte
- 0,25 m hoog, 0,25 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Tijm: Een lage, geurige mat in dezelfde droge, zonnige grond.
- Blauw schapengras: Blauwgrijze pollen naast de zilveren zaadpluimen.
- Zonneroosje: Bloeit daarna verder op dezelfde droge, kalkrijke plek.
- Blauwe druifjes: Blauwe bloempjes in dezelfde weken.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een wildemanskruid?
Planten in maart–april en september.
- Plant in maart–april of in september.
- Kies jonge planten in een pot: door de penwortel slaan oudere planten slecht aan.
- Maak de grond diep los en meng in zwaardere grond grof zand of grind door.
- Zet de plant even diep als in de pot, met het hart net boven de grond; haal de kluit niet uit elkaar.
- Geef goed water bij het planten en de eerste weken bij droogte, daarna nauwelijks nog.
- Een laagje grind rond de voet houdt het hart droog.
Verzorgen
- Water
- Alleen het eerste jaar bij droogte. Daarna niet meer, behalve in een pot.
- Bemesten
- Niet nodig: op rijke grond groeit hij slap en bloeit hij minder.
- Verplanten
- Laat hem staan waar hij staat: door de penwortel overleeft hij verplanten vaak niet.
- Zaadpluimen
- Laat ze staan: ze zijn mooi en leveren zaad. Wil je geen zaailingen, knip ze dan weg.
- Pot
- In een diepe pot met een mengsel van potgrond en grof zand of grind; zet hem in de winter uit de regen.
Tip: Harige paarse klokken in het vroege voorjaar, gevolgd door zilveren, pluizige zaadpluimen. Plant op een zonnige, droge plek en verplant hem daarna niet meer.
Wanneer snoei je een wildemanskruid?
Snoeimaanden: februari.
Wanneer: Snoeien is niet nodig. In februari neem je hooguit de oude, dode bladeren voorzichtig weg, zodat de bloemknoppen licht krijgen.
Hoe:
- Trek of knip dode bladeren aan de voet weg, zonder de harige knoppen te raken.
- Laat de zaadpluimen na de bloei staan: ze zijn bijna even mooi als de bloemen.
- Draag handschoenen bij het werken.
Let op: Het sap kan de huid irriteren: werk met handschoenen.
Vermeerderen
- Zaad
- Oogst het zaad zodra het rijp is, in juni, en zaai het meteen in een pot met zanderige zaaigrond die je buiten zet. Vers zaad kiemt goed, oud zaad veel slechter.
- Wortelstekken
- In januari–februari: graaf voorzichtig aan de rand van de plant, snijd een paar stukjes dikke wortel van 3–5 cm af en leg ze in een pot met zanderige stekgrond. Houd ze koel en nauwelijks vochtig.
Hoe komt een wildemanskruid de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: tegen vorst is geen bescherming nodig.
- Winterse nattigheid is gevaarlijker dan vorst: zorg voor een goed doorlatende grond en een laagje grind rond de voet.
- In een pot: zet hem in de winter onder een afdak of tegen een muur, uit de regen.
Ziektes en plagen
- Rot: Het hart wordt bruin en zacht na een natte winter. Plant in goed doorlatende grond en leg grind rond de voet.
- Slakken: Vreten soms aan het jonge blad en de knoppen. Raap ze ’s avonds weg.
- Overgroeid: Tussen hoge planten krijgt hij te weinig licht en verdwijnt hij. Geef hem een open plek vooraan.
- Weinig bloei: Te veel schaduw of te rijke grond. Verplant hem niet, maar haal schaduwgevende planten weg en bemest niet.
Het jaar rond
- Januari: Wortelstekken nemen.
- Februari: Oude, dode bladeren voorzichtig wegnemen.
- Maart: Bloei. Planten.
- April: Volle bloei. Planten.
- Mei: Laatste bloei. Zilveren zaadpluimen.
- Juni: Rijp zaad oogsten en meteen zaaien.
- Juli: Niets doen: hij verdraagt droogte.
- September: Planten.
- November: Potten uit de regen zetten.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Alle delen van deze voorjaarsbloeiers zijn giftig, vooral vers: als de plant beschadigd wordt, komt protoanemonine vrij, een scherpe stof die ook in boterbloemen zit en in de mond een brandend gevoel, braken en buikpijn geeft, en op de huid roodheid en blaartjes. Pluk in het voorjaar geen blad van bosanemoon, gele anemoon, leverbloempje of wildemanskruid als groenvoer voor konijnen of cavia’s: ze kunnen er ernstig ziek van worden. Leverbloempje en wildemanskruid werden vroeger als geneesmiddel gebruikt; maak er zelf geen thee of middeltjes van. Houd jonge kinderen, honden en katten weg, laat kinderen geen bloemen in de mond steken, en draag handschoenen bij het verplanten en scheuren. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De Engelse naam pasqueflower verwijst naar Pasen: rond die tijd staat hij in bloei.
- De bloemen gaan wijd open bij zonnig weer en sluiten zich bij koud, nat of bewolkt weer.
- Hij hoort bij de ranonkelfamilie en werd vroeger bij de anemonen ingedeeld; in het Frans heet hij nog altijd anémone pulsatille.