
Foto: AnRo0002, CC0 · bron
Heester · Rosaceae
Veelbloemige roos
Rosa multiflora
In andere talen: Rosier multiflore (Français) · Multiflora rose (English)
De veelbloemige roos (Rosa multiflora) komt oorspronkelijk uit Oost-Azië (Japan, Korea en oostelijk China) en is een krachtige, breed uitgroeiende struik met lange, overhangende takken, tot ongeveer 3 m hoog en breed. In juni en juli draagt hij grote trossen kleine, witte, sterk geurende bloemen, gevolgd door talloze erwtgrote, rode rozenbottels die tot in de winter blijven hangen. Hij is de stamvader van veel trosrozen en rambler-rozen en wordt veel gebruikt als onderstam voor andere rozen. Door zijn dichte, stekelige groei vormt hij een ondoordringbare haag. Geef hem veel ruimte en let op: in andere werelddelen is hij invasief.
Let op: In Noord-Amerika is deze roos een zeer problematische invasieve soort die natuurlijke gebieden overwoekert, en ook in Europa kan hij hier en daar verwilderen. Vogels verspreiden de zaden uit de bottels. Plant hem niet in de buurt van natuurgebieden of bosranden, verwijder zaailingen en doe geen snoeiafval in de natuur.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
3 m
hoog, 3 m breed
Bloei
juni–juli
| Snoeimaanden | maart en juli |
|---|---|
| Hoogte | 3 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–juli |
Herkennen
Hoe herken je een veelbloemige roos?
- Groeivorm
- Krachtige, brede struik van ongeveer 3 m hoog en breed, met lange, boogvormige takken vol stekels.
- Blad
- 7–9 deelblaadjes, lichtgroen met een behaarde onderkant. Kenmerkend zijn de gefranjerde steunblaadjes aan de bladsteel.
- Bloem
- Kleine, witte, enkelvoudige bloemen van 2–3 cm in grote pluimen, sterk en zoet geurend, in juni–juli.
- Vrucht
- Kleine, erwtgrote, rode rozenbottels in trossen, die tot in de winter blijven hangen.
- Takken
- Lange, boogvormige tot overhangende takken die, waar ze de grond raken, kunnen wortelen.
Bloei: juni–juli · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: maart en juli
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Rijke bloei in juni–juli, met honderden kleine, witte, geurende bloemen in grote trossen.
- De open, enkelvoudige bloemen zijn een bron van stuifmeel voor bijen en andere insecten.
- Rode rozenbottels in de herfst en winter geven voedsel aan vogels.
- Als ondoordringbare, stekelige haag een veilige schuil- en nestplaats voor vogels.
- Zeer winterhard (tot ongeveer −30 °C), robuust en weinig onderhoud.
Waar staat een veelbloemige roos graag?
- Zon tot halfschaduw; in volle zon bloeit hij het rijkst.
- Elke doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk. Hij houdt niet van natte voeten.
- Droog tot normaal vochtig; als hij is aangeslagen, is hij vrij droogtebestendig.
- Geef hem veel ruimte: 3 m of meer als losse struik, en 1–1,5 m tussen de planten in een haag.
- Plant hem niet in de buurt van natuurgebieden of bosranden (zie de waarschuwing).
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 3 m hoog, 3 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Meidoorn: Een inheemse haagstruik die bijen en vogels voedt.
- Sleedoorn: Een stevige, stekelige haagstruik met witte bloesem in het vroege voorjaar.
- Wilde kamperfoelie: Klimt door de haag heen en geurt in de zomer.
- Gelderse roos: Witte bloemschermen in mei–juni en rode bessen voor de vogels.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een veelbloemige roos?
Planten in maart–april en oktober–november.
- Plant in maart–april of in oktober–november, als de grond niet bevroren of drassig is.
- Bepaal vooraf hoeveel ruimte hij krijgt en maak de plek onkruidvrij: hij wordt 3 m breed.
- Graaf een plantgat dat twee keer zo breed is als de kluit en even diep en meng er compost door.
- Zet de plant even diep als in de pot, vul aan met grond en druk die goed aan.
- Geef meteen een flinke gieter water, ook als het regent.
- Leg een laag compost of schors rond de voet. Voor een haag: zet de planten 1–1,5 m uit elkaar.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte wekelijks een flinke gieter. Daarna redt hij zich zelf.
- Bemesten
- Meestal niet nodig. Een schep compost in het voorjaar is genoeg.
- Mulchen
- Een laag compost of schors in het voorjaar houdt onkruid weg en de grond vochtig.
- Steun
- Laat hem vrij groeien of leid de lange takken langs een hek, boog of schutting en bind ze aan.
- Zaailingen
- Trek jonge plantjes die rond de struik opkomen in het voorjaar uit.
Tip: Plant hem alleen op een plek waar hij 3 m of meer ruimte krijgt, bijvoorbeeld als vrijstaande haag achter in een grote tuin. Wil je uitzaaien vermijden, knip dan de uitgebloeide bloemen weg voor ze bottels vormen.
Wanneer snoei je een veelbloemige roos?
Snoeimaanden: maart en juli.
Wanneer: Snoei na de bloei, in juli. Een grondige verjonging doe je in februari–maart.
Hoe:
- Haal dode, beschadigde en zwakke takken weg.
- Neem om de drie à vier jaar ongeveer een derde van de oudste takken aan de voet weg.
- Een haag knip je direct na de bloei in vorm.
- Draag stevige handschoenen en lange mouwen: de takken zijn erg stekelig.
Let op: Een harde snoeibeurt in februari–maart kost je dat jaar een deel van de bloei, want hij bloeit op zijtakken van vorig jaar.
Vermeerderen
- Houtstekken
- In oktober–november stekken van 20–25 cm van gerijpte scheuten nemen en twee derde in de grond steken op een beschutte plek. Ze wortelen meestal goed.
- Afleggen
- Takken die de grond raken, wortelen vaak vanzelf. Koppel zo’n tak in het najaar los en plant hem op een nieuwe plek.
- Zaaien
- Haal de zaden uit rijpe rozenbottels in de herfst en zaai ze meteen in een pot die je buiten laat staan: ze hebben koude nodig om te kiemen.
Hoe komt een veelbloemige roos de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Zeer winterhard tot ongeveer −30 °C: in België is geen bescherming nodig.
- De rode rozenbottels blijven tot in de winter hangen en voeden vogels.
- Plant hem niet in een pot: hij is te groot en te krachtig.
Ziektes en plagen
- Uitzaaien en woekeren: Vogels verspreiden de zaden uit de bottels, en takken die de grond raken, wortelen. Trek zaailingen uit en knip eventueel uitgebloeide bloemen weg voor ze bottels vormen.
- Meeldauw: Wit poeder op blad en knoppen, vooral bij droogte en op een benauwde plek. Zorg voor zon, lucht en water aan de voet en knip aangetaste scheuten weg.
- Bladluis: Op jonge scheuten en knoppen in mei–juni. Spuit ze af met water of laat lieveheersbeestjes hun werk doen.
- Zwarte vlekken: Zwarte vlekken met franjes en vallend blad in natte zomers. Ruim aangetaste bladeren op en zorg voor luchtruimte tussen de planten.
Het jaar rond
- Maart: Planten. Eventueel verjongen. Compost geven.
- April: Planten. Mulch aanbrengen.
- Mei: De knoppen vormen zich. Letten op bladluis.
- Juni: Bloei begint.
- Juli: Volle bloei en daarna snoeien. Zaailingen uittrekken.
- Augustus: De bottels kleuren.
- September: Rode bottels. Zieke bladeren opruimen.
- Oktober: Planten. Houtstekken nemen. Zaad zaaien.
- November: Planten. Bottels voor de vogels laten hangen.
- December: De rode bottels sieren de winter.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Rosa multiflora is de ouder van veel trosrozen (polyantha-rozen) en rambler-rozen.
- Hij wordt veel gebruikt als onderstam waarop kwekers andere rozen enten.
- In de 20e eeuw werd de roos in de Verenigde Staten ook aangeplant als levende afrastering en tegen erosie, waarna hij op grote schaal verwilderde.