
Foto: Kor!An (Корзун Андрей), CC BY-SA 3.0 · bron
Kamerplant · Araceae
Scindapsus
Scindapsus pictus
In andere talen: Satin pothos (English)
De scindapsus (Scindapsus pictus, in het Engels ‘satin pothos’) komt uit de regenwouden van Zuidoost-Azië, waar hij als klimmer tegen bomen omhoog groeit. Het is een plant uit de aronskelkfamilie met hartvormige, matte, iets fluweelachtige bladeren met zilverkleurige vlekken. De bekendste vorm is ‘Argyraeus’; ‘Exotica’ heeft grotere zilveren vlekken. Als kamerplant hangt of klimt hij tot ongeveer 2 m. Hij is makkelijk, verdraagt wat schaduw en is daarom een populaire hangplant. Let op: hij is giftig voor kinderen en huisdieren.
Let op: Giftig: het sap bevat calciumoxalaatkristallen die mond, keel en huid kunnen irriteren bij kauwen of inslikken. Houd de plant buiten bereik van kinderen, katten en honden en draag handschoenen bij het snoeien. Bij inslikken: bel het Antigifcentrum (070 245 245) of de dierenarts.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Potgrond
Winterhard
Kamerplant
min. 15 °C
Grootte
2 m
hoog, 0,5 m breed
| Snoeimaanden | maart–april |
|---|---|
| Hoogte | 2 m |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
Herkennen
Hoe herken je een scindapsus?
- Groeivorm
- Hangende of klimmende plant met ranken tot ongeveer 2 m lang en 50 cm breed.
- Blad
- Hartvormig tot eirond, mat en iets fluweelachtig, donkergroen met zilveren vlekken en spikkels.
- Stengels
- Dunne, kruipende of klimmende stengels met luchtwortels aan de knopen.
- Bloem
- Binnen bloeit hij vrijwel nooit; in de natuur draagt hij een bloemkolf met schutblad, typisch voor de aronskelkfamilie.
- Herkomst
- Regenwouden van Zuidoost-Azië: warm, vochtig en gefilterd licht.
Planten: maart–mei · Snoeien: maart–april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Opvallend, zilverbespat blad: elke plant heeft een eigen patroon.
- Hangt of klimt: mooi in een hangpot, op een kast, aan een rek of mosstok.
- Verdraagt halfschaduw en vergeeft af en toe een vergeten gietbeurt.
- Groenblijvend en het hele jaar mooi.
- Makkelijk te vermeerderen met stekken.
Waar staat een scindapsus graag?
- Halfschaduw tot lichte schaduw: een lichte plek zonder rechtstreekse zon. Bij te weinig licht vervaagt de zilvertekening.
- Luchtige, humusrijke potgrond met perliet, licht zuur tot neutraal.
- Liever iets te droog dan te nat: de grond mag tussen twee beurten bijna uitdrogen.
- Kamertemperatuur van 18–25 °C en nooit onder 15 °C.
- Hang hem op, zet hem op een kast of geef hem een rek of mosstok.
- Licht
- Licht, zonder felle zon of weinig licht
- Potgrond
- Gewone potgrond of luchtige, humusrijke potgrond
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Water geven
- Weinig of gewoon
- Grootte
- 2 m hoog, 0,5 m breed
- Temperatuur
- Minimum 15 °C
Mooi samen met
- Pothos: Een verwante hangplant met groen en geel blad als contrast.
- Mini monstera: Dezelfde verzorging en samen een mooi klimmend groen.
- Rhipsalis: Een hangende cactus zonder stekels in een lichte hoek.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een scindapsus?
Planten in maart–mei.
- Pot in maart–mei, wanneer hij weer groeit.
- Kies een pot met afvoergat die 2–3 cm breder is dan de oude.
- Gebruik luchtige potgrond voor kamerplanten, met een derde perliet of schors.
- Zet de plant even diep als voorheen en druk de grond licht aan.
- Geef water tot het onderaan uitloopt en giet het schoteltje na een kwartier leeg.
- Hang of zet hem op een lichte plek en leid de ranken naar een steun als hij moet klimmen.
Verzorgen
- Water
- Laat de bovenste helft van de potgrond tussen twee beurten opdrogen en geef dan ruim water. Krullende bladeren wijzen op dorst; gele bladeren en zachte stengels op te veel water.
- Bemesten
- Van maart tot september elke 4 weken een meststof voor groene planten, op halve sterkte. In de winter niet.
- Luchtvochtigheid
- Hij verdraagt gewone kamerlucht, maar wat extra luchtvochtigheid geeft mooier blad. Veeg het blad af met een vochtige doek.
- Verpotten
- Om de 2 jaar in het voorjaar, als de wortels uit de pot groeien.
- Steun
- Aan een mosstok of rek kan hij klimmen; hangend blijft hij compacter. Beide werkt goed.
Tip: Laat de grond tussen twee beurten bijna uitdrogen en geef dan ruim water: zodra de bladeren een beetje krullen, weet je dat hij dorst heeft.
Wanneer snoei je een scindapsus?
Snoeimaanden: maart–april.
Wanneer: In maart–april, voor de groeiperiode begint. Bijknippen kan het hele groeiseizoen.
Hoe:
- Knip te lange of kale ranken terug tot net boven een blad of knoop.
- Knijp de toppen uit voor een bossiger plant: dan lopen de zijknoppen uit.
- Haal gele of dode bladeren en stengels weg.
- Gebruik de stukken met een knoop als stek.
Let op: Draag handschoenen: het sap kan de huid irriteren.
Vermeerderen
- Stengelstek
- Van maart tot augustus: knip een stuk stengel van 10–15 cm met minstens één knoop en één blad. Zet het in water of in vochtige perliet of potgrond; na 2–4 weken zijn er wortels.
- Meerdere stekken
- Plaats 3–4 stekken samen in één pot voor een volle plant.
Hoe komt een scindapsus de winter door?
- Niet winterhard: houd hem binnen bij minstens 15 °C; ideaal is 18–22 °C.
- Zet hem op een lichte plek zonder tocht en niet boven de radiator: bij weinig licht groeit hij nauwelijks.
- Geef minder water (laat de grond verder opdrogen) en bemest niet.
- Vermijd koude ramen: de bladranden worden dan bruin.
Ziektes en plagen
- Krullende bladeren: Teken van dorst. Geef ruim water; het blad herstelt meestal binnen enkele dagen.
- Gele bladeren en zachte stengels: Te veel water of slechte afvoer. Laat de grond opdrogen, controleer de wortels en pot zo nodig om.
- Vervagende tekening en lange tussenstukken: Te weinig licht. Zet hem lichter, maar zonder rechtstreekse zon.
- Bruine bladranden: Te droge lucht, kou of tocht. Verhoog de luchtvochtigheid en zoek een warmere plek.
- Spint, wolluis en thrips: Fijne webjes, witte pluisjes of zilverachtige vlekjes. Spoel de plant af, veeg ze weg met zeepwater en herhaal wekelijks.
Het jaar rond
- Januari: Rust. Lichte plek, weinig water.
- Februari: Rust. Controleren op spint en wolluis.
- Maart: Snoeien. Verpotten. Weer bemesten.
- April: Snoeien en stekken nemen. Verpotten indien nodig.
- Mei: Stekken nemen. Bemesten elke 4 weken.
- Juni: Bemesten. Geen felle zon.
- Juli: Bemesten. Water geven als de bovenste helft droog is.
- Augustus: Bemesten. Op spint en thrips letten.
- September: Laatste keer bemesten.
- Oktober: Minder water. Warme, lichte plek.
- November: Rust. Niet bemesten.
- December: Rust. Weinig water; koude ramen vermijden.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Alle delen van deze kamerplanten uit de aronskelkfamilie zijn giftig: het sap zit vol naaldvormige kristallen (calciumoxalaat), die bij kauwen meteen een brandende pijn en zwelling van lippen, mond en keel geven, met kwijlen en soms braken. Het meeste risico lopen katten, die graag aan hangende ranken en blad knabbelen, honden en jonge kinderen die op de vloer spelen. Hang klimmers en hangplanten buiten hun bereik, ruim afgeknipte ranken en stekjes meteen op en zet een glas met stekjes in water niet waar een kat eruit drinkt. Draag handschoenen bij het snoeien en verpotten, wrijf niet in je ogen en was daarna je handen. Kwijlt je kat of hond of zwelt zijn bek op, bel dan je dierenarts. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De soortnaam pictus betekent ‘beschilderd’: het blad lijkt met zilververf bespat.
- Hij wordt vaak verward met pothos (Epipremnum), maar is een ander geslacht; beide horen bij de aronskelkfamilie.
- ‘Argyraeus’ betekent ‘zilverachtig’ en is de bekendste cultivar.