
Foto: Tauʻolunga, CC BY-SA 3.0 · bron
Kamerplant · Commelinaceae
Tradescantia
Tradescantia spathacea
In andere talen: Moses-in-the-cradle (English)
Tradescantia spathacea, vroeger Rhoeo genoemd en in het Engels ‘Moses-in-the-cradle’, komt uit Mexico en Midden-Amerika. Het is een stevige, laag blijvende rozetplant met stijve, lancetvormige bladeren die boven donkergroen en onderaan purperrood zijn. Tussen de bladeren zitten kleine witte bloemetjes in boot- of mandvormige, purperen schutbladen, vandaar de bijnaam. Hij is veel gemakkelijker dan de hangende tradescantia’s: hij verdraagt wat zon, droge lucht en af en toe een vergeten gietbeurt. Let wel op: het sap kan de huid irriteren en de plant is giftig voor huisdieren.
Let op: Het sap kan de huid irriteren en de plant is giftig voor huisdieren. Houd hem buiten het bereik van katten, honden en kleine kinderen, laat niemand op de bladeren kauwen en draag handschoenen bij het verpotten en stekken.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Potgrond
Winterhard
Kamerplant
min. 13 °C
Grootte
0,4 m
hoog, 0,4 m breed
| Hoogte | 0,4 m |
|---|---|
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
Herkennen
Hoe herken je een tradescantia?
- Groeivorm
- Compacte, stijve rozet van ongeveer 40 cm hoog en breed, op een korte stam; vormt met de tijd zijscheuten.
- Blad
- Lancetvormig, 15–30 cm, stevig en vlezig-leerachtig; bovenkant donkergroen, onderkant purperrood.
- Bloem
- Kleine witte bloemetjes tussen twee boot- of mandvormige, purperen schutbladen, in de bladoksels.
- Wortels
- Vezelig en ondiep: hij houdt van een niet te grote, stevige pot.
Planten: maart–april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Sterk en makkelijk: verdraagt droge lucht, wat zon en een af en toe vergeten gietbeurt.
- Opvallend blad: donkergroen boven en purperrood onderaan, in een stevige rozet.
- Bloeit met grappige witte bloemetjes in purperen bootjes.
- Blijft compact (ongeveer 40 cm): ideaal voor een vensterbank of plantentafel.
- Vormt zelf zijscheuten, dus makkelijk uit te breiden.
Waar staat een tradescantia graag?
- Veel licht met een paar uur zon, dan blijft de rozet compact. Felle middagzon achter glas kan het blad schroeien.
- Warm, 15–25 °C; het minimum is 13 °C.
- Losse, goed doorlatende potgrond, bijvoorbeeld potgrond met een derde zand of perliet; zwak zuur tot neutraal.
- Matig vochtig: laat de bovenste laag opdrogen tussen twee beurten. Verdraagt droge kamerlucht.
- Geef hem zo’n 40 cm ruimte rondom; hij past ook op een lage tafel.
- Licht
- Zonnig of licht, zonder felle zon
- Potgrond
- Gewone potgrond of luchtige, humusrijke potgrond
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Water geven
- Gewoon
- Grootte
- 0,4 m hoog, 0,4 m breed
- Temperatuur
- Minimum 13 °C
Mooi samen met
- Aloë: Houdt van dezelfde lichte, droge plek en een beetje zon.
- Haworthia: Compacte vetplant voor dezelfde stevige pot en dezelfde zorg.
- Graslelie: Sterke kamerplant met lange, bonte bladeren als zacht contrast.
- Vetkruid (Sedum): Een vetplant die ook droogte verdraagt, voor een gezamenlijk schaaltje.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een tradescantia?
Planten in maart–april.
- Verpot in maart–april, als de wortels de pot vullen; meestal om de 2 jaar.
- Kies een stevige pot die 2–4 cm ruimer is dan de oude, met een afwateringsgat; de plant wordt wat topzwaar.
- Leg kleikorrels onderin en vul aan met losse potgrond, gemengd met een derde zand of perliet.
- Zet de plant even diep als eerst; de onderste bladeren blijven boven de grond.
- Geef matig water en laat het overtollige water weglopen.
- Zet hem op een lichte plek en bemest pas na 4 weken.
Verzorgen
- Water
- In het groeiseizoen water geven zodra de bovenste 2–3 cm droog zijn, in de winter eens per 2–3 weken. Giet nooit in de bladrozet: dat geeft rot.
- Bemesten
- Van april tot september om de 4 weken kamerplantenmest op halve sterkte.
- Luchtvochtigheid
- Verdraagt droge kamerlucht. Veeg het blad af en toe stofvrij met een vochtige doek.
- Oude bladeren
- Verwijder de verdorde, onderste bladeren aan de stam met een schone schaar.
- Handschoenen
- Het sap kan de huid irriteren: draag handschoenen bij het verpotten, snoeien en stekken en was je handen daarna.
Tip: Zet hem op een lichte plek met een paar uur zon: dan blijft de rozet compact en wordt de onderkant van het blad dieper purper. Draag handschoenen bij het verpotten.
Wanneer snoei je een tradescantia?
Wanneer: Hij hoeft niet gesnoeid te worden: verwijder verdorde onderste bladeren het hele jaar door en kort een te lange stam in het voorjaar in.
Hoe:
- Knip verdorde onderste bladeren met een scherp mes of schaar bij de stam af.
- Een te hoge, kale stam kun je in april afsnijden: de top wortelt als stek en de stam loopt vaak weer uit.
- Verwijder verwelkte bloemen met hun schutblad.
Let op: Het sap kan de huid irriteren: draag handschoenen en was gereedschap en handen na afloop.
Vermeerderen
- Zijscheuten
- Maart–juli: haal zijscheuten met wortels voorzichtig van de moederplant en pot ze apart in losse potgrond.
- Stekken
- Maart–juli: snij de top van 10–15 cm van een lange stam, laat de wond een dag drogen, steek hem in zandige potgrond en houd die licht vochtig. Na 3–5 weken wortels.
Hoe komt een tradescantia de winter door?
- Niet winterhard: het minimum is 13 °C. Houd hem op 15–20 °C.
- Geef weinig water, eens per 2–3 weken; de bladeren mogen niet slap hangen.
- Zet hem op de lichtste plek, maar niet tegen een koude ruit.
- Niet bemesten.
Ziektes en plagen
- Wortelrot: Slap, geel blad en natte grond bij te veel water. Laat opdrogen, verpot in verse, losse grond en verwijder rotte wortels.
- Bruine bladpunten: Lange tijd te weinig water of te veel mest. Geef regelmatiger water en knip de punten bij.
- Lange, slappe stengels: Te weinig licht. Zet hem op een lichtere plek.
- Wolluis en spint: Witte pluisjes in de bladoksels (wolluis): wegvegen met een wattenstaafje met alcohol. Fijn spinrag en stipjes (spint): afdouchen en de luchtvochtigheid verhogen.
Het jaar rond
- Januari: Rust. Weinig water, minstens 13 °C, zo licht mogelijk.
- Februari: Weinig water. Controleren op wolluis.
- Maart: Verpotten indien nodig. Beginnen met bemesten.
- April: Verpotten, zijscheuten afscheiden. Elke 4 weken bemesten.
- Mei: Stekken nemen. Bemesten.
- Juni: Ruimer water geven. Bemesten.
- Juli: Zonnige plek is goed. Water zodra de bovenste 2–3 cm droog zijn. Bemesten.
- Augustus: Bemesten. Bloemen en schutbladen bekijken.
- September: Laatste keer bemesten.
- Oktober: Minder water. Warm houden, minstens 13 °C.
- November: Weinig water. Lichte plek.
- December: Rust. Eens per 2–3 weken water.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Het sap in blad en stengels van tradescantia kan de huid irriteren: bij gevoelige mensen geeft het jeuk en roodheid, en honden en katten die vaak door of tegen de plant lopen of erop kauwen, krijgen soms een rode, jeukende huid, vooral op buik, poten en snuit, of last van mond en maag. Hang of zet hem buiten het bereik van huisdieren, draag handschoenen bij het snoeien, stekken en verpotten, en was daarna je handen. Laat in de tuin geen honden in een perk met eendagsbloemen liggen. Gooi overtollige ranken van de vaderplant in de groenbak of op de compost, nooit in de natuur. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De bloemen zitten in twee purperen schutbladen die op een bootje of mandje lijken, vandaar de Engelse naam ‘Moses-in-the-cradle’.
- Tradescantia spathacea heette vroeger Rhoeo spathacea; die naam staat nog op veel etiketten.
- Hij is verwant aan de hangende vaderplanten (Tradescantia), maar groeit rechtop in een rozet.