Sleedoorn (Prunus spinosa)

Foto: Rasbak, CC BY-SA 3.0 · bron

Fermentatie · Van Bladwijzer

Sleedoornolijven

  • Opbrengst: ± 1 pot van 500 ml
  • Tijd: 20 min + 3–4 weken fermenteren
  • Van: Sleedoorn

Ingrediënten

  • 300 g sleeën (liefst na de eerste vorst, of een nacht in de vriezer gelegd)
  • 500 ml water, gekookt en afgekoeld
  • 30 g zout
  • 2 laurierblaadjes
  • 1 teentje look
  • 1 tl peperkorrels
  • 1 takje tijm

Bereiding

  1. Pluk de sleeën na de eerste vorst of leg ze een nacht in de vriezer: dat maakt ze minder wrang. Spoel ze en verwijder steeltjes en blaadjes.
  2. Prik elke sleedoorn 2–3 keer met een naald of tandenstoker, zodat de pekel binnendringt.
  3. Los het zout op in het water: dat geeft een pekel van 6 %.
  4. Doe de sleeën met de laurier, de look in plakjes, de peperkorrels en de tijm in een schone pot. Giet de pekel erover tot alles onderstaat en druk de sleeën omlaag met een schoon gewichtje of een zakje gevuld met pekel.
  5. Sluit de pot losjes af en zet hem 3–4 weken op kamertemperatuur, uit de zon. Open de pot elke dag even om het gas te laten ontsnappen en druk de sleeën telkens weer onder de pekel.
  6. Proef na 3 weken. De sleeën blijven licht wrang, zoals een olijf. Zijn ze mild zuur geworden, zet de pot dan in de koelkast.

Bewaren: In de koelkast 6 maanden, in de pekel en altijd onder het vloeistofpeil. Ruikt de pekel rot, is hij slijmerig of drijft er schimmel op, gooi dan alles weg. De pitten blijven in de sleeën: spuug ze uit en kauw er niet op. Lekker bij kaas en als borrelhapje.

Laden…