Buxus (Buxus sempervirens)

Foto: Wikimedia Commons, Public domain · bron

Snoeigids · Struik

Buxus snoeien: wanneer en hoe

Buxus sempervirens

Een buxushaag, -bol of -figuur knip je twee keer per jaar: eind mei of in juni, en van eind augustus tot begin september, telkens bij bewolkt en droog weer.

Buxus groeit traag, verdraagt strak knippen als geen andere struik en loopt zelfs uit oud hout weer uit. Het meeste werk zit tegenwoordig niet in het knippen, maar in het op tijd zien van de buxusmot en de buxusziekte: wie bij elke knipbeurt ook binnenin de struik kijkt, is er vroeg bij.

Feiten op een rij
Snoeimaandenmei–juni en augustus–september
Broedseizoen (15 maart–15 augustus)Let op in mei–juni en augustus
Bloeimaart–april
Goed voor bijen, vlinders en vogelsWeinig
Inheems in BelgiëJa
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren

Wanneer snoei je een buxus?

De eerste knipbeurt valt eind mei of in juni, als de nieuwe scheuten volgroeid zijn. Knip je vroeger, dan groeit de struik nog volop door en is je strakke vorm snel weer weg.

De tweede knipbeurt doe je van eind augustus tot begin september. Daarna niet meer: de nieuwe groei moet nog afharden vóór de winter.

Kies een bewolkte, droge dag: in felle zon verbrandt het blootgelegde blad, en op nat blad krijgt de buxusziekte makkelijk vat.

Wat snoei je nog in die maanden? mei · juni · augustus · september

Hoe snoei je een buxus?

  1. Gebruik een scherpe schaar: een buxusschaar voor bollen en figuren, een heggenschaar voor een lange haag. Ontsmet de messen vooraf en tussendoor met alcohol, zeker tussen twee hagen.
  2. Duw vóór je begint de takken open. Zie je spinsels, groene korreltjes of groene rupsen met zwarte strepen, dan zit de buxusmot erin: pluk of zuig de rupsen eerst weg.
  3. Knip de nieuwe groei terug tot net boven de vorige snede. Span voor een haag een koord; voor een bol helpt een mal, of draai rustig rond de struik.
  4. Houd een haag aan de top iets smaller dan aan de voet: zo krijgt ook de onderkant licht en blijft ze tot onderaan dicht.
  5. Ruim het knipsel meteen op, ook wat in de struik is blijven hangen. Gezond knipsel mag op de composthoop; knipsel en blad met buxusziekte of rupsen gaan bij het restafval.
  6. Een te grote of kale buxus mag je eind mei fors terugzetten, tot in het oude hout. Hij loopt traag maar zeker weer uit; geef daarna wat compost, en water bij droogte.

Hoeveel snoei je, en hoe vaak?

  • Twee knipbeurten per jaar volstaan voor een strakke haag, bol of figuur. Een losse, natuurlijk ogende buxus knip je één keer, na de eerste groei.
  • Neem telkens enkel de nieuwe groei weg. Wie dieper knipt, krijgt kale, bruine plekken die maanden nodig hebben om dicht te groeien.
  • Laat een jonge haag elk jaar maar enkele centimeters hoger worden: zo vertakt ze goed en blijft ze tot onderaan dicht.

Wat merkt de natuur ervan?

  • In een lage buxushaag nestelen weinig vogels, maar in grote bollen en hogere hagen bouwen merels en heggenmussen soms een nest. De knipbeurt eind mei of in juni valt in het broedseizoen (15 maart–15 augustus): kijk eerst goed, want een bezet nest verstoren is verboden.
  • Spuit geen gif tegen de buxusmot: chemische middelen doden ook lieveheersbeestjes, sluipwespen en andere nuttige insecten. Mezen en mussen eten de rupsen steeds vaker; een nestkast voor mezen in de buurt helpt.
  • Een biologisch middel met Bacillus thuringiensis werkt tegen jonge rupsen, maar doodt ook de rupsen van andere vlinders: gebruik het enkel gericht op de aangetaste buxus, en niet bij wind.
  • Een buxus die je niet te strak knipt, bloeit in maart–april met kleine, geurende bloempjes: vroege nectar en stuifmeel voor honingbijen. Vecht je elk jaar tegen de buxusmot, stap dan over op Japanse hulst (Ilex crenata) of de inheemse taxus.

Veelgemaakte fouten

  • Knippen in volle zon of bij hitte, zodat het blad verbrandt en bruin wordt.
  • Knippen bij nat weer of met een vuile schaar, zodat de buxusziekte zich van struik naar struik verspreidt.
  • Na begin september nog knippen: de jonge scheuten harden niet meer af en verkleuren of bevriezen in de winter.
  • Enkel de buitenkant bekijken: de buxusmot begint binnenin en valt pas op als de struik al half kaal is.
  • Knipsel laten liggen of aan dieren geven: buxus is giftig, ook voor paarden, koeien en andere grazers.

Let op: Kijk bij het knippen naar de rupsen van de buxusmot (groen met zwarte strepen) en hun spinsels. Buxus is giftig: draag handschoenen en houd snoeiafval weg van kinderen, huisdieren en vee.

In de buurt: verwante snoeigidsen

Lijkt op: Verschil met Japanse hulst · Verschil met haagkamperfoelie · Verschil met haagliguster

Fiche: Buxus · Snoeikalender en basisregels

Laden…