Laurierkers (Prunus laurocerasus)

Foto: Lord Koxinga, CC BY-SA 3.0 · bron

Snoeigids · Struik

Laurierkers snoeien: wanneer en hoe

Prunus laurocerasus

Een laurierkers knip je meteen na de bloei, in mei–juni, en zo nodig nog eens in augustus–september, het liefst met een snoeischaar: knip de uitgebloeide trossen mee weg, dan komen er geen giftige bessen.

Laurierkers is een populaire haagplant, maar ook een invasieve exoot: merels eten de bessen en zaaien hem uit in bossen, waar hij de inheemse planten verdringt. Plant er dus liefst geen nieuwe aan. Heb je al een laurierkershaag, dan voorkom je met de juiste snoei dat hij zich verspreidt, en vervang je hem later stap voor stap.

Feiten op een rij
Snoeimaandenmei–juni en augustus–september
Broedseizoen (15 maart–15 augustus)Let op in mei–juni en augustus
Bloeiapril–mei
Goed voor bijen, vlinders en vogelsWeinig
Inheems in BelgiëNee, ingeburgerd
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren

Wanneer snoei je een laurierkers?

De belangrijkste knipbeurt valt meteen na de bloei, in mei–juni. Knip de uitgebloeide trossen mee weg: dan vormen er zich geen bessen en kunnen vogels de struik niet verspreiden.

Groeit de haag snel, dan kan een tweede, lichtere knipbeurt eind augustus of in september. Later niet meer: de jonge scheuten moeten nog afharden.

Snoei bij droog weer: bij nat weer krijgen schimmels zoals de hagelschotziekte makkelijker vat op de wonden.

Wat snoei je nog in die maanden? mei · juni · augustus · september

Hoe snoei je een laurierkers?

  1. Gebruik een snoeischaar in plaats van een heggenschaar. Bladeren die een heggenschaar doormidden knipt, worden aan de snijrand lelijk bruin en blijven maanden zichtbaar.
  2. Knip elke te lange scheut apart terug, net boven een blad of knop en een eindje binnen in de haag: zo zie je de wonden nauwelijks.
  3. Knip daarbij alle uitgebloeide bloemtrossen weg. Zie je later toch groene of zwarte bessen hangen, knip ze dan alsnog weg voor de vogels ze vinden.
  4. Houd de haag aan de top iets smaller dan onderaan, zodat de onderkant licht krijgt en dicht blijft.
  5. Draag handschoenen en versnipper snoeiafval enkel buiten, nooit in een garage of schuur: blad en zaden bevatten stoffen waaruit blauwzuur vrijkomt als ze gekneusd worden.
  6. Breng het snoeiafval naar het recyclagepark of de milieustraat, of in de groencontainer. Gooi het nooit in het bos of in een weide, en houd het weg van kippen, paarden en ander vee.

Hoeveel snoei je, en hoe vaak?

  • Eén knipbeurt per jaar na de bloei is genoeg voor een gewone haag; een strakke haag knip je een tweede keer in augustus–september.
  • Een vrij uitgroeiende laurierkers wordt 4–5 m breed. Wil je hem kleiner, zet hem dan na de bloei in één keer fors terug, tot in het oude hout: hij loopt opnieuw uit.
  • Wil je van de haag af, zaag de struiken dan af en graaf de stronken uit. Lukt dat niet, knip dan elke nieuwe scheut weg zodra hij verschijnt, tot de stronk uitgeput is.

Wat merkt de natuur ervan?

  • Een dichte laurierkershaag is een nestplaats voor merels, houtduiven en heggenmussen. De knipbeurt in mei–juni valt midden in het broedseizoen (15 maart–15 augustus): kijk eerst goed en spaar een ruim stuk rond een bezet nest, want dat verstoren is verboden.
  • Honingbijen en hommels bezoeken in april–mei de witte bloemtrossen, en de kliertjes aan de voet van het blad lokken mieren met nectar. Maar wie de trossen na de bloei laat staan, krijgt bessen, en die brengen merels en andere vogels tot diep in het bos.
  • Verwilderde laurierkers vormt in bossen dichte, donkere struiklagen waaronder bijna niets anders groeit. Trek zaailingen in je tuin, onder bomen en in de houtkant jong uit, met wortel en al.
  • Een gemengde haag van inheemse soorten is veel meer waard: hulst en taxus blijven in de winter groen, haagbeuk en beuk houden hun bruine blad tot het voorjaar, en wilde liguster en meidoorn bloeien voor bijen en dragen bessen voor vogels. Plant de nieuwe haag naast de oude en haal de laurierkers pas weg als die dicht is.

Veelgemaakte fouten

  • Een heggenschaar gebruiken, zodat de haag vol halve, bruine bladeren hangt.
  • De uitgebloeide trossen laten staan, zodat er bessen komen die vogels in het bos uitzaaien.
  • Snoeiafval in het bos of aan de bosrand dumpen, of bij kippen, paarden en ander vee leggen.
  • Binnen of in een afgesloten ruimte versnipperen, waar het blauwzuur uit het gekneusde blad blijft hangen.
  • Nieuwe laurierkers aanplanten, terwijl een inheemse haag even goed beschut en veel meer leven in de tuin brengt.

Let op: Gooi snoeiafval niet in het bos en niet bij kippen of vee. Laurierkers is giftig: draag handschoenen en houd snoeiafval weg van kinderen, huisdieren en vee.

In de buurt: verwante snoeigidsen

Lijkt op: Verschil met laurier · Verschil met broodboom · Verschil met camelia · Verschil met glansmispel · Verschil met hulst · Verschil met olijfwilg · Verschil met rimpelbladige sneeuwbal · Verschil met rododendron · Verschil met skimmia

Fiche: Laurierkers · Snoeikalender en basisregels

Laden…