Glansmispel (photinia) (Photinia)

Foto: Wouter Hagens, Public domain · bron

Snoeigids · Struik

Glansmispel (photinia) snoeien: wanneer en hoe

Photinia

Een glansmispel snoei je in mei–juni en in augustus–september, als haag of als vrije struik, het liefst bij bewolkt weer: elke snoeibeurt geeft nieuwe, knalrode scheuten.

De glansmispel, meestal het ras ‘Red Robin’, is een snelgroeiende groenblijver die je vooral om zijn rode jonge blad plant. Die kleur komt terug na elke snoeibeurt: daarom knippen veel mensen hun haag twee keer per jaar. Hij verdraagt snoeien goed, ook stevig, maar heeft twee zwakke plekken: in strenge winters kan hij bevriezen, en net als appel, peer en vuurdoorn kan hij bacterievuur dragen.

Feiten op een rij
Snoeimaandenmei–juni en augustus–september
Broedseizoen (15 maart–15 augustus)Let op in mei–juni en augustus
Bloeiapril–mei
Goed voor bijen, vlinders en vogelsWeinig
Inheems in BelgiëNee, aangeplant

Wanneer snoei je een glansmispel (photinia)?

De eerste snoeibeurt doe je in mei–juni, als het eerste rode blad groen begint te kleuren. Daarna loopt hij opnieuw rood uit.

De tweede beurt volgt eind augustus–september. Knip niet later: de nieuwe scheuten moeten nog afharden voor de winter, anders bevriezen ze.

Snoei bij bewolkt weer, niet in volle zon of bij hitte: blad dat na het knippen plots in de zon komt, verbrandt makkelijk. Bevroren takken knip je pas in mei terug, tot op gezond hout.

Wat snoei je nog in die maanden? mei · juni · augustus · september

Hoe snoei je een glansmispel (photinia)?

  1. Knip een haag liefst met een snoeischaar: een heggenschaar knipt de grote bladeren doormidden, en die worden bruin aan de snijrand. Met een scherpe heggenschaar gaat het sneller, maar dan zie je die randen een paar weken.
  2. Houd de haag bovenaan iets smaller dan onderaan, zodat ook de onderste takken licht krijgen en de haag tot op de grond dicht blijft.
  3. Een vrije struik knip je enkel waar nodig: te lange scheuten terug tot op een blad of een zijtak, en takken die uit de vorm groeien.
  4. Een te grote of kale struik mag je in mei stevig terugzetten, ook in het oude hout: hij loopt goed weer uit.
  5. Zie je kleine rode tot paarse vlekjes op het blad, die groter worden en in het midden grijs kleuren, dan is het bladvlekkenziekte. Knip aangetaste scheuten weg, ruim afgevallen blad op en houd de struik luchtig.
  6. Verwelken scheuten en bloemen plots en kleuren ze zwartbruin, denk dan aan bacterievuur: knip ruim in het gezonde hout, ontsmet je schaar en voer het snoeisel af.

Hoeveel snoei je, en hoe vaak?

  • Een haag: twee keer per jaar, in mei–juni en eind augustus–september, telkens de nieuwe groei tot een paar centimeter boven de vorige snoeilijn.
  • Een vrije struik: één of twee keer per jaar, en enkel waar nodig.
  • Wie minder wil knippen, laat een vrije struik zijn gang gaan: hij wordt 2–5 m hoog en 2–3 m breed, en bloeit dan ook.

Wat merkt de natuur ervan?

  • Beide snoeibeurten vallen geheel of deels in het broedseizoen (15 maart–15 augustus). In een dichte, groenblijvende haag nestelen merels, heggenmussen en winterkoninkjes: kijk eerst goed, want een bezet nest verstoren is verboden. Knip de tweede keer liefst na 15 augustus.
  • Een strak geknipte haag bloeit nauwelijks. Laat je een struik of een deel van de haag ongeknipt, dan bloeit hij in mei met schermen witte bloempjes, waar bijen, vliegen en kevers op afkomen.
  • Voor insecten en vogels is de glansmispel minder waardevol dan inheemse struiken. Meng in een haag hulst, haagbeuk of wilde liguster: je houdt de rode accenten, en vogels en insecten vinden meer voedsel.
  • In de winter is een groenblijvende haag een beschutte slaapplaats voor kleine vogels, en egels zoeken er onderaan een plek. Laat daar wat blad en takjes liggen, behalve blad met de vlekjes van bladvlekkenziekte.

Veelgemaakte fouten

  • Na september nog knippen, zodat de jonge scheuten in de winter bevriezen.
  • Snoeien in volle zon of bij hitte, zodat het blad verbrandt.
  • Bevroren takken te vroeg terugknippen, in plaats van te wachten tot mei.
  • De haag bovenaan breder laten worden dan onderaan, zodat ze onderaan kaal wordt.
  • Knippen zonder eerst naar nesten te kijken.

Let op: Snoei niet later dan september: de nieuwe scheuten moeten nog afharden voor de winter.

In de buurt: verwante snoeigidsen

Lijkt op: Verschil met laurierkers · Verschil met lavendelheide

Fiche: Glansmispel (photinia) · Snoeikalender en basisregels

Laden…