Foto: Daderot, Public domain · bron
Siergras · Poaceae
Achnatherum calamagrostis
In andere talen: Silver spike grass (English)
Achnatherum calamagrostis is een siergras uit de bergen van Midden- en Zuid-Europa, waar het groeit op droge, kalkrijke hellingen en puinhellingen. Het vormt een dichte pol van smalle, grijsgroene bladeren, waaruit vanaf juni lange, overhangende pluimen verschijnen. Die zijn eerst zilverwit, soms met een paarse gloed, en kleuren later goudbruin. Het gras wordt nog vaak verkocht onder de oude naam Stipa calamagrostis. Tuiniers waarderen de lange bloei en de bewegelijke pluimen; het ras ‘Lemperg’ blijft compacter.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
1 m
hoog, 0,8 m breed
Bloei
juni–september
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 1 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–september |
Herkennen
Hoe herken je een Achnatherum calamagrostis?
- Groeivorm
- Dichte, polvormende plant met blad tot 50–60 cm en bloeistengels tot 1 m die in een boog overhangen; ongeveer 80 cm breed.
- Blad
- Smal, grijsgroen en wat stug; bij droogte rolt het zich op. In de herfst verkleurt het strogeel.
- Bloem
- Lange, losse, veerachtige pluimen van juni tot september, eerst zilverwit, soms met een paarse zweem, later goudbruin.
- Wortels
- Diep en vezelig; het gras breidt zich niet uit met uitlopers en blijft netjes op zijn plek.
- Winter
- De droge pluimen en het strokleurige blad blijven lang overeind en geven structuur in de wintertuin.
Bloei: juni–september · Planten: maart–mei · Snoeien: maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit uitzonderlijk lang: van juni tot september, en de pluimen blijven tot in de winter staan.
- Zilverwitte pluimen die bij elk briesje bewegen en in het tegenlicht oplichten.
- Gedijt op droge, kalkrijke grond, waar veel borderplanten het lastig hebben.
- Zeer droogtebestendig en winterhard: ideaal voor een grindtuin of steppetuin.
- De pluimen zijn mooi in een vers of gedroogd boeket.
Waar staat een Achnatherum calamagrostis graag?
- Volle zon: in de schaduw bloeit het minder en vallen de pluimen om.
- Goed doorlatende grond, zand, leem of klei, neutraal tot kalkrijk; schrale grond is prima.
- Droog tot normaal vochtig; natte grond in de winter laat de pol rotten.
- Reken op 70–80 cm per plant, zodat de overhangende pluimen ruimte hebben.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 1 m hoog, 0,8 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Steppesalie: Paarsblauwe aren naast de zilveren pluimen, ook op droge grond.
- Hemelsleutel: Brede, roze schermen in de nazomer, op dezelfde droge plek.
- Kogeldistel: Blauwe, stekelige bollen voor een echte steppetuin.
- Rode zonnehoed: Bloeit tegelijk en staat mooi tussen de pluimen.
- Lavendel: Een lage, geurende voorgrond op dezelfde schrale grond.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Achnatherum calamagrostis?
Planten in maart–mei.
- Plant in maart–mei: in het voorjaar slaan siergrassen het best aan.
- Graaf een gat twee keer zo breed als de pot en maak de grond los; op zware grond meng je er grof zand of grind door.
- Zet de pol even diep als in de pot, niet dieper, en druk de grond goed aan.
- Houd 70–80 cm afstand; in een groep van drie of vijf komt het gras het mooist uit.
- Geef meteen goed water en het eerste seizoen bij droogte.
- Mulch met grind of laat de grond onbedekt; compost en mest zijn niet nodig.
Verzorgen
- Water
- Alleen het eerste jaar bij droogte. Daarna redt het gras zich ook in droge zomers.
- Bemesten
- Niet nodig: op rijke grond worden de stengels slap en vallen de pluimen om.
- Uitgebloeide pluimen
- Laat ze staan tot het voorjaar: ze zijn mooi in de winter en beschermen het hart van de pol.
- Voorjaarsbeurt
- Knip in maart het oude blad en de stengels weg, of kam het dode blad met gehandschoende vingers uit.
- Verjongen
- Een oude pol met een kaal hart verjong je door hem in het voorjaar te delen.
Tip: Plant het gras waar de lage avondzon door de pluimen schijnt: in het tegenlicht lichten ze zilver op. Knip pas in maart terug, zodat je er de hele winter van geniet.
Wanneer snoei je een Achnatherum calamagrostis?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: In maart, voor het nieuwe blad flink uitloopt. Laat het gras de hele winter staan.
Hoe:
- Knip de oude bloemstengels aan de voet weg.
- Knip het oude blad terug tot 10–15 cm boven de grond, of kam de dode bladeren uit met gehandschoende vingers.
- Spaar het jonge, groene blad dat al uit het hart komt.
Let op: Knip niet in de herfst terug: een open hart blijft in de winter nat en rot sneller, en je mist de mooie winterpluimen.
Vermeerderen
- Delen
- In april–mei, als het gras begint te groeien: steek de pol met een scherpe spade in stukken met elk voldoende wortels en plant ze meteen weer uit.
- Zaad
- Zaai in het voorjaar in een zaaibak onder glas en plant de jonge planten pas uit als ze stevig zijn. Het duurt een paar jaar voor ze op volle grootte zijn.
Hoe komt een Achnatherum calamagrostis de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Zeer winterhard, tot ongeveer −25 °C: in België is geen bescherming nodig.
- Laat de pluimen en het blad staan: ze zijn mooi met rijp erop en beschermen het hart.
- Natte grond is gevaarlijker dan vorst: zorg voor een goede afwatering.
- In een grote pot: zet hem op potvoetjes en geef in de winter nauwelijks water.
Ziektes en plagen
- Rot in het hart: Het midden van de pol wordt bruin en zacht, meestal na een natte winter. Plant op goed doorlatende grond en knip niet in de herfst terug.
- Omvallende pluimen: Door te rijke grond, te veel schaduw of te veel water. Kies een zonnige, schrale plek en bemest niet.
- Kale kern: Bij oudere pollen sterft het midden af en groeit het gras als een ring. Deel de pol in het voorjaar en plant de groeikrachtige randstukken opnieuw.
- Trage start: Het eerste jaar na het planten groeit het gras wat langzaam. Geef water bij droogte en wees geduldig.
Het jaar rond
- Februari: Pluimen laten staan; ze zijn mooi met rijp.
- Maart: Oud blad en stengels terugknippen tot 10–15 cm. Planten.
- April: Planten. Oude pollen delen.
- Mei: Planten. Jonge planten water geven bij droogte.
- Juni: Eerste pluimen, zilverwit.
- Juli: Volle bloei. Pluimen snijden voor een boeket.
- Augustus: Bloei. De pluimen kleuren langzaam goudbruin.
- September: Laatste bloei. Pluimen plukken om te drogen.
- November: Blad en pluimen laten staan.
- December: Wintersilhouet in de border.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In het wild groeit dit gras op kalkrijke puinhellingen in de Alpen en andere Europese gebergten.
- Het heette lang Stipa calamagrostis en wordt onder die naam nog vaak verkocht, maar botanici plaatsen het nu in het geslacht Achnatherum.
- De soortnaam calamagrostis verwijst naar de gelijkenis met struisriet, waarvan de wetenschappelijke geslachtsnaam Calamagrostis is.