
Foto: Bernd Haynold, CC BY-SA 2.5 · bron
Kruid · Asteraceae
Valkruid
Arnica montana
In andere talen: Arnica des montagnes (Français) · Arnica (English)
Valkruid is een inheemse vaste plant uit de composietenfamilie, die groeit in de bergen van Europa en in het laagland op heide en schrale, zure graslanden. In België is hij zeer zeldzaam geworden en komt hij nog maar op een paar plaatsen in de Kempen en de Ardennen voor. Hij vormt een platte rozet van behaarde, eironde bladeren, waaruit in juni–juli stengels van 20–40 cm groeien met grote, oranjegele, geurende bloemhoofdjes. Bijen, hommels en vlinders komen er graag op af. In de tuin is het een uitdaging: hij lukt alleen op zure, voedselarme en kalkvrije grond.
Let op: Giftig bij inname: eet geen enkel deel van de plant en maak er geen thee van. Hou kinderen, katten en honden uit de buurt van bloemen en blad. Bij gevoelige mensen kan aanraking huidirritatie geven. Pluk of graaf hem nooit uit in het wild: hij is zeldzaam en staat op de Rode Lijst.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand
zuur
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
0,4 m
hoog, 0,2 m breed
Bloei
juni–juli
| Hoogte | 0,4 m |
|---|---|
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | juni–juli |
Herkennen
Hoe herken je een valkruid?
- Groeivorm
- Lage rozet van bladeren plat op de grond, met bloeistengels van 20–40 cm; breidt zich langzaam uit met kruipende wortelstokken.
- Blad
- Eirond, gaaf, 5–15 cm, licht behaard en wat kleverig, in een rozet; aan de stengel staan één of twee paar kleinere, tegenoverstaande blaadjes.
- Bloem
- Een tot drie bloemhoofdjes van 5–8 cm per stengel, oranjegeel, met licht gekartelde lintbloemen; in juni–juli.
- Geur
- De hele plant, en vooral de bloem, ruikt kruidig en aromatisch.
- Wortels
- Een kruipende wortelstok die nieuwe rozetten vormt; zo ontstaat na enkele jaren een kleine groep.
Bloei: juni–juli · Planten: april–mei
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de mooiste inheemse bloemen: grote, stralend oranjegele bloemhoofdjes in juni–juli.
- Een voedselbron voor bijen, hommels en vlinders in een natuurlijke heidetuin.
- Ideaal voor een schrale, zure zandgrond waar weinig andere bloemen het goed doen.
- Een laag, compact plantje dat ook in een pot of verhoogd bed past.
- Wie hem kweekt, helpt een zeldzame plant in leven te houden, zonder hem uit de natuur te halen.
Waar staat een valkruid graag?
- Volle zon; in de schaduw bloeit hij weinig en verdwijnt hij snel.
- Zure, voedselarme zandgrond zonder kalk: zoals op de heide.
- Normaal vochtig: de grond mag niet uitdrogen, maar ook niet nat blijven.
- Een open plek zonder concurrentie van gras of hoge planten; plant op 20–25 cm afstand in een groepje.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand
- Zuurtegraad
- Zuur
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,4 m hoog, 0,2 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Struikheide: Zijn natuurlijke partner op zure, schrale zandgrond, met bloei in de nazomer.
- Tormentil: Een laag, geel bloeiend plantje van dezelfde heischrale graslanden.
- Blauwe knoop: Blauwe bolletjes in de nazomer voor bijen en vlinders, op dezelfde schrale grond.
- Bochtige smele: Een fijn, laag gras van de heide dat de rozetten niet overwoekert.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een valkruid?
Planten in april–mei.
- Plant in april–mei, als de grond opwarmt en de rozetten beginnen te groeien.
- Op gewone tuingrond: maak een bed of een grote pot met zure potgrond voor heideplanten, gemengd met de helft zand. Gebruik nooit kalk, compost of mest.
- Zet de rozet even diep als in de pot: het hart moet net boven de grond blijven.
- Plant op 20–25 cm afstand, liefst een groepje van drie à vijf planten.
- Geef meteen water, bij voorkeur regenwater: leidingwater is in veel streken kalkrijk.
- Mulch niet met compost of schors; een dun laagje zand rond de rozet houdt slakken wat op afstand.
Verzorgen
- Water
- Hou de grond licht vochtig met regenwater, vooral in een pot en bij droogte. Nooit laten uitdrogen, maar ook geen natte voeten.
- Bemesten
- Nooit: mest en compost doen hem kwijnen en geven gras en onkruid voorsprong.
- Wieden
- Hou gras en onkruid rond de rozetten weg; valkruid verdraagt geen concurrentie.
- Slakken
- Bescherm vooral de jonge rozetten in het voorjaar: slakken eten het blad graag.
- Verpotten
- In een pot om de twee à drie jaar in april in verse, zure grond met zand zetten.
Tip: Kweek hem in een pot of verhoogd bed met zure grond en zand, en geef alleen regenwater: op gewone, kalkrijke of bemeste tuingrond verdwijnt hij snel.
Wanneer snoei je een valkruid?
Wanneer: Snoeien is niet nodig. Knip alleen de uitgebloeide stengels weg in juli–augustus, tenzij je zaad wilt.
Hoe:
- Knip uitgebloeide bloemstengels af tot net boven de rozet.
- Laat een paar bloemen uitbloeien als je zaad wilt oogsten.
- Haal afgestorven bladeren in de herfst voorzichtig weg, zodat er geen rot ontstaat in het hart.
- Draag handschoenen als je een gevoelige huid hebt.
Let op: Raak de plant met een gevoelige huid liever niet met blote handen aan: hij kan huidirritatie geven.
Vermeerderen
- Scheuren
- In april een groep voorzichtig opgraven en de rozetten met een stuk wortelstok losmaken. Meteen opnieuw planten in zure, zandige grond.
- Zaad
- Zaai vers, rijp zaad in een pot met zure, zandige grond en laat die buiten overwinteren; de kou helpt het zaad kiemen. Zaailingen groeien traag en bloeien pas na twee à drie jaar.
Hoe komt een valkruid de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Zeer winterhard, tot ongeveer −30 °C: in België is geen bescherming tegen kou nodig.
- De plant trekt in de herfst grotendeels in en loopt in het voorjaar opnieuw uit.
- Winternatheid is gevaarlijker dan vorst: zorg dat het water goed weg kan, ook in een pot.
- Laat potten buiten staan, op potvoetjes en een beetje beschut tegen aanhoudende regen.
Ziektes en plagen
- Slakken: Aangevreten of verdwenen rozetten in het voorjaar. Bescherm jonge planten, raap slakken ’s avonds en hou de omgeving open en droog.
- Kwijnen: Geel blad en weinig bloei, vaak door kalk, mest of te rijke grond. Gebruik zure, schrale grond en regenwater.
- Wortelrot: De rozet wordt slap en bruin, vooral in een natte winter. Zorg voor een goed doorlatende, zandige grond.
- Verdringing: Gras en onkruid groeien over de rozetten heen en de plant verdwijnt. Wied regelmatig en bemest nooit.
Het jaar rond
- Maart: Nieuwe rozetten verschijnen. Letten op slakken.
- April: Planten. Oude groepen scheuren. Slakken weren.
- Mei: Planten. Gras en onkruid wieden.
- Juni: Bloei; bijen en vlinders. Regenwater geven bij droogte.
- Juli: Bloei. Uitgebloeide stengels knippen of laten zaad maken.
- Augustus: Rijp zaad oogsten en zaaien in een pot.
- September: Rond de rozetten wieden.
- Oktober: Het blad sterft af. Afgestorven blad voorzichtig weghalen.
- November: Potten op potvoetjes zetten tegen natte voeten.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Valkruid is inwendig giftig: thee of tinctuur kan hartritmestoornissen en ernstige maag- en darmklachten geven. Gebruik het niet in de keuken en maak er zelf geen middeltjes van om in te nemen; zalven uit de apotheek zijn enkel voor een gave huid. Wie allergisch is voor composieten, kan al bij aanraking huiduitslag krijgen. In het wild is valkruid zeldzaam en beschermd. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Anders dan bij de meeste composieten staan de stengelblaadjes in tegenoverstaande paren.
- Door bemesting, verzuring en verdwijnende heide is hij in de Lage Landen sterk achteruitgegaan; hij is een kenmerkende soort van heischrale graslanden.
- De Nederlandse naam valkruid verwijst naar het vroegere volksgebruik na een val of een stoot.