
Foto: Lemaire, Charles Antoine, Public domain · bron
Kamerplant · Cactaceae
Bisschopsmuts
Astrophytum myriostigma
In andere talen: Bonnet d’évêque (Français) · Bishop’s cap (English)
De bisschopsmuts is een cactus uit de hooglanden van Noord- en Midden-Mexico, waar hij op steenachtige, kalkrijke hellingen groeit. Hij heeft meestal vijf brede ribben, waardoor hij van bovenaf op een ster of een bisschopsmijter lijkt. Doorns heeft hij niet: het lijf is bedekt met duizenden kleine, witte wolvlokjes die hem een zilvergrijze glans geven. In de zomer verschijnen bovenop zijdeachtige, lichtgele bloemen. Hij groeit traag, eerst bolvormig en later wat zuilvormig, en is een geliefde verzamelplant. Er bestaan vormen met vier ribben en vormen zonder witte vlokjes.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog
verdraagt droogte
Grond
Potgrond
Winterhard
Kamerplant
min. 5 °C
Grootte
0,25 m
hoog, 0,2 m breed
Bloei
juni–augustus
| Hoogte | 0,25 m |
|---|---|
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–augustus |
Herkennen
Hoe herken je een bisschopsmuts?
- Groeivorm
- Bolvormig, later kort zuilvormig, in een pot tot 20–25 cm hoog; vertakt zelden.
- Ribben
- Meestal vijf, soms drie, vier of meer, breed en scherp gekield.
- Huid
- Grijsgroen en dicht bezet met kleine, witte wolvlokjes. Geen doorns, alleen wollige areolen op de ribkammen.
- Bloem
- Lichtgeel en zijdeachtig, 4–6 cm breed, bovenop de plant, van juni tot augustus. Elke bloem duurt een paar dagen.
- Wortels
- Fijn en gevoelig voor natte voeten: in natte grond rotten ze snel.
Bloei: juni–augustus · Planten: maart–april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een uitzonderlijk sierlijke, symmetrische vorm, zonder prikkende doorns.
- Grote, zijdeachtige gele bloemen in de zomer, al bij vrij jonge planten.
- Weinig werk: hij heeft zelden water nodig en verdraagt droge kamerlucht.
- Ideaal voor een zonnige vensterbank, waar veel andere kamerplanten verbranden.
- Blijft klein en past jarenlang in dezelfde pot.
Waar staat een bisschopsmuts graag?
- Zo zonnig mogelijk: een zuid- of westraam. In de zomer mag hij ook buiten op een zonnige plek onder een afdak, beschut tegen regen.
- Laat hem in het voorjaar geleidelijk aan de volle zon wennen, anders verbrandt de huid.
- Zeer luchtige, minerale cactusgrond met grof zand, grind of lavakorrels; wat kalk verdraagt hij goed.
- In de zomer warm, in de winter koel en droog bij 5–10 °C.
- Licht
- Zonnig
- Potgrond
- Cactusgrond
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Water geven
- Weinig
- Grootte
- 0,25 m hoog, 0,2 m breed
- Temperatuur
- Minimum 5 °C
Mooi samen met
- Oude man-cactus: Wil dezelfde zon, droge grond en koele winter.
- Mammillaria: Kleine kussencactussen die ook rijk bloeien op de vensterbank.
- Echeveria: Rozetten in grijsgroen en roze als zachte tegenhanger.
- Levende steentjes: Even zuinig met water en mooi in een lage schaal.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een bisschopsmuts?
Planten in maart–april.
- Verpot in maart of april, om de twee à drie jaar, als de plant de pot vult.
- Kies een niet te grote pot met een afvoergat; terracotta droogt sneller op.
- Meng cactusgrond met een derde tot de helft grof zand, grind of lavakorrels.
- Neem de plant vast met een opgerolde krant of dikke handschoenen en zet hem even diep als voordien. Een laagje grind houdt de stamvoet droog.
- Verpot in droge grond en geef pas na een week water, zodat beschadigde wortels eerst kunnen helen.
Verzorgen
- Water
- Van april tot september alleen gieten als de grond helemaal droog is, dan grondig, en het overschot weggieten. Liever te weinig dan te veel.
- Bemesten
- In de groeiperiode één keer per maand cactusmest op halve sterkte.
- Winterrust
- Van november tot februari volledig droog, koel (5–10 °C) en licht: zo bloeit hij beter.
- Huid
- Raak de witte vlokjes niet aan en spuit niet over de plant: weggewreven vlokjes komen niet terug.
- Verpotten
- Om de twee à drie jaar in het voorjaar, altijd in droge grond.
Tip: Geef hem een echte winterrust: droog en koel bij 5–10 °C. Zo blijft hij compact en bloeit hij de zomer erna veel rijker.
Wanneer snoei je een bisschopsmuts?
Wanneer: Een bisschopsmuts wordt niet gesnoeid.
Hoe:
- Haal verdroogde, uitgebloeide bloemen voorzichtig bovenop weg, zodat er geen vocht of rot blijft hangen.
- Verwijder vuil en dode blaadjes uit de kruin met een zacht penseel.
- Een rotte plek snijd je ruim weg tot in gezond weefsel en laat je goed opdrogen.
Vermeerderen
- Zaaien
- De gangbare manier, want hij maakt zelden zijscheuten. Zaai in het voorjaar vers zaad op vochtige, fijne cactusgrond, niet afdekken, onder glas bij 20–25 °C. De zaailingen groeien traag.
- Enten
- Liefhebbers enten jonge zaailingen soms op een sterke onderstam om ze sneller te laten groeien; dat vraagt wat ervaring.
Hoe komt een bisschopsmuts de winter door?
- Kamerplant: hij verdraagt geen vorst en wil minstens 5 °C.
- Houd hem van november tot februari helemaal droog, koel (5–10 °C) en zo licht mogelijk, bijvoorbeeld in een onverwarmde kamer.
- Een warme, natte winter maakt hem slap en vatbaar voor rot, en kost bloemen.
- Begin in maart weer voorzichtig met een klein beetje water.
Ziektes en plagen
- Rot: Zachte, bruine of zwarte plekken aan de voet door te veel water of koude, natte grond. Ruim wegsnijden, laten drogen en in verse, droge grond zetten; voortaan zuiniger gieten.
- Wolluis: Witte pluisjes in de kruin of op de wortels. Wegnemen met een penseel met wat spiritus; bij wortelluis verpotten en de wortels schoonspoelen.
- Zonnebrand: Bruine, verkurkte vlekken na een plotse verhuis naar de volle zon. Laat hem elk voorjaar geleidelijk wennen.
- Geen bloei: Meestal door een te warme of natte winter of te weinig licht. Geef een koele, droge winterrust en een zonnige zomerplek.
Het jaar rond
- Januari: Droog, koel en licht laten staan.
- Februari: Nog geen water. Een zonnige plek voorbereiden.
- Maart: Voorzichtig weer wat water geven. Verpotten indien nodig.
- April: Geleidelijk aan de volle zon laten wennen. Gieten als de grond droog is.
- Mei: Maandelijks cactusmest geven. Eventueel naar buiten onder een afdak.
- Juni: Bloei. Gieten als de grond helemaal droog is.
- Juli: Bloei. Uitgebloeide bloemen wegnemen.
- Augustus: Laatste bloemen. Laatste mestbeurt.
- September: Minder water geven. Voor de koude nachten naar binnen.
- Oktober: Nog heel weinig water. Koeler zetten.
- November: Winterrust: droog en koel bij 5–10 °C.
- December: Droog en licht laten staan.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam Astrophytum betekent ‘sterplant’ en myriostigma ‘met ontelbare stipjes’, naar de witte vlokjes.
- In tegenstelling tot de meeste cactussen heeft hij helemaal geen doorns.
- Liefhebbers kweken talloze vormen: met vier of acht ribben, zonder vlokjes of juist met extra dichte witte vlokken.