Camelia (Camellia × williamsii)

Foto: Agnes Monkelbaan, CC BY-SA 4.0 · bron

Heester · Theaceae

Camelia

Camellia × williamsii

In andere talen: Camélia (Français) · Camellia (English)

Deze camelia is een kruising tussen de Japanse camelia (Camellia japonica) en de Chinese Camellia saluenensis. De eerste kruisingen werden in de jaren 1920 gemaakt in Cornwall, in het zuidwesten van Engeland. Het is een groenblijvende struik van 2–3 m met glanzend blad die van februari tot mei grote bloemen in roze, rood of wit draagt. Hij is winterharder en bloeit rijker dan de gewone camelia, en hij laat zijn uitgebloeide bloemen zelf vallen, zodat de struik er altijd netjes uitziet. Het bekendste ras is ‘Donation’, met halfgevulde, zachtroze bloemen.

  • Licht

    Halfschaduw of schaduw

    verdraagt weinig zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of veen

    zuur

  • Winterhard

    tot -18 °C

    jonge planten beschermen

  • Grootte

    3 m

    hoog, 2 m breed

  • Bloei

    februari–mei

Feiten op een rij
Snoeimaandenmei–juni
Hoogte3 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeifebruari–mei

Herkennen

Hoe herken je een camelia?

Groeivorm
Opgaande, dichte struik van 2–3 m hoog en 1,5–2 m breed; groeit traag.
Blad
Eirond, 6–10 cm, leerachtig en glanzend donkergroen, met een fijn getande rand.
Bloem
Enkel, halfgevuld of gevuld, 7–12 cm breed, van februari tot mei.
Kleur
Meestal roze, ook wit, rood en lilaroze tinten.
Wortels
Ondiep en fijn vertakt: houdt van een koele, vochtige bodem onder een mulchlaag.

Bloei: februari–mei · Planten: april–mei en september · Snoeien: mei–juni

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Bloeit al vanaf februari, als de tuin nog grotendeels kaal is.
  • Groenblijvend, glanzend blad: het hele jaar een mooie struik.
  • Laat uitgebloeide bloemen zelf vallen: uitknippen is niet nodig.
  • Winterharder en makkelijker dan de gewone Japanse camelia.
  • Geschikt voor een schaduwrijke tuin en voor een grote pot.

Waar staat een camelia graag?

  • Halfschaduw of lichte schaduw, beschut tegen koude wind.
  • Liefst uit de ochtendzon: bevroren knoppen ontdooien dan langzaam en blijven gaaf.
  • Zure, humusrijke grond: zand, leem of veen. Kalk verdraagt hij niet.
  • Gelijkmatig vochtig, maar goed doorlatend.
  • Reken op 1,5–2 m ruimte.
Licht
Halfschaduw en schaduw
Grondsoort
Zand, leem of veen
Zuurtegraad
Zuur
Vocht
Normaal
Grootte
3 m hoog, 2 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -18 °C)

Mooi samen met

  • Rododendron: Houdt van dezelfde zure grond en halfschaduw en bloeit net na de camelia.
  • Lavendelheide: Groenblijvend, met witte bloemtrossen in het vroege voorjaar.
  • Varens: Een frisse onderbeplanting in de schaduw.
  • Japanse esdoorn: Fijn blad en herfstkleur naast het glanzende camelia-blad.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een camelia?

Planten in april–mei en september.

  1. Plant in april–mei of in september.
  2. Graaf een breed plantgat en meng de grond met potgrond voor zuurminnende planten of met bladcompost.
  3. Zet de kluit even hoog als in de pot of iets hoger: te diep planten verdraagt een camelia slecht.
  4. Druk de grond aan en geef een flinke gieter regenwater.
  5. Mulch met naaldenstrooisel, gehakselde schors of bladcompost.

Verzorgen

Water
Bij voorkeur regenwater. Geef zeker water bij droogte in juli–september: dan vormen zich de bloemknoppen.
Bemesten
In april en eventueel in juni mest voor zuurminnende planten; daarna niet meer.
Mulchen
Elk voorjaar een laag naaldenstrooisel of bladcompost houdt de grond zuur, koel en vochtig.
Uitgebloeide bloemen
Hij laat ze zelf vallen. Ruim afgevallen bloemen op als ze onder de struik gaan rotten.
In een pot
Gebruik potgrond voor zuurminnende planten en een pot met een afvoergat; verpot om de 2–3 jaar.

Tip: Plant hem aan de westkant van een muur of onder hoge bomen, uit de ochtendzon: bevroren knoppen ontdooien dan langzaam en blijven gaaf.

Wanneer snoei je een camelia?

Snoeimaanden: mei–juni.

Wanneer: Na de bloei, in mei–juni, voor de nieuwe bloemknoppen gevormd worden.

Hoe:

  • Snoei weinig: knip alleen te lange of storende takken terug tot net boven een blad.
  • Haal dode, zieke en kruisende takken weg.
  • Een te grote struik verjong je over een paar jaar door telkens een paar oude takken flink in te korten; camelia’s lopen goed uit op oud hout.

Let op: Snoei niet na juni: vanaf de zomer zitten de bloemknoppen voor het volgende voorjaar al aan de toppen.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Stekken
In juli–augustus halfrijpe stekken van 10 cm met een blad en een knop, in vochtige, zure stekgrond onder plastic. Ze wortelen traag, na twee tot drie maanden.
Afleggen
In het voorjaar een lage tak in de grond vastpinnen; na een à twee jaar loskoppelen.

Hoe komt een camelia de winter door?

Winterhard tot −18 °C: jonge planten beschermen.

  • Winterhard tot ongeveer −18 °C: in de meeste Belgische tuinen geen probleem.
  • Open bloemen en knoppen kunnen bij vorst bruin worden; de struik zelf lijdt er niet onder.
  • In een pot: wikkel de pot in jute of noppenfolie en zet hem tegen een muur, want de wortels zijn gevoeliger dan de takken.
  • Geef bij droog winterweer zonder vorst af en toe water, vooral in potten.

Ziektes en plagen

  • Knopval: Knoppen vallen af voor ze opengaan. Meestal door droogte in de nazomer: geef dan regelmatig water.
  • Geel blad: Geel blad met groene nerven wijst op kalk of een te hoge pH. Geef regenwater en mest voor zuurminnende planten.
  • Dopluis: Bruine schildjes onder het blad, kleverig blad en zwarte roetdauw. Wegvegen met een zachte borstel en zeepsop.
  • Taxuskever: Halfronde happen uit de bladrand; de larven vreten aan de wortels, vooral in potten. Zet aaltjes in tegen de larven.
  • Bruine bloemen: Door vorst, of door ochtendzon na een koude nacht. Kies een plek uit de ochtendzon.

Het jaar rond

  • Februari: Begin van de bloei.
  • Maart: Volle bloei. Bij strenge vorst de pot beschermen.
  • April: Bloei. Planten. Mest voor zuurminnende planten geven. Mulchen.
  • Mei: Laatste bloemen. Planten. Snoeien na de bloei.
  • Juni: Licht snoeien. Eventueel nog eens bemesten.
  • Juli: Halfrijpe stekken nemen. Water geven bij droogte.
  • Augustus: Water geven bij droogte: de bloemknoppen vormen zich.
  • September: Planten. Water blijven geven bij droogte.
  • November: Potten inpakken tegen de vorst.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De thee die je drinkt komt van een verwante soort, Camellia sinensis.
  • Het geslacht is genoemd naar Georg Joseph Kamel, een jezuïet en plantkundige die rond 1700 de planten van de Filipijnen beschreef.
  • De bloemknoppen voor het volgende voorjaar worden al in de zomer gevormd.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…