
Foto: PumpkinSky, CC BY-SA 3.0 · bron
Struik · Theefamilie (Theaceae)
Camelia
Camellia japonica · ook: Japanse camelia, Camellia
De camelia is een groenblijvende struik uit Japan, Korea en China, met dik, glanzend donkergroen blad en grote, rozenachtige bloemen. Hij bloeit van februari tot april, als de tuin nog grotendeels kaal is, in wit, roze of rood, enkel of gevuld. Hij houdt van halfschaduw, zure grond en regenwater, net als een rododendron. Op een beschutte plek in de grond is hij bij ons winterhard; in een pot vraagt hij wat meer zorg.
Let op: Wil zure grond en regenwater, zoals rododendron: op kalkrijke grond of met kraanwater wordt het blad geel.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zure grond
zuur
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
2–5 m
hoog
Bloei
februari–april
| Snoeimaanden | april–mei |
|---|---|
| Hoogte | 2–5 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Weinig |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | februari–april |
Herkennen
Hoe herken je een camelia?
- Groeivorm
- Dichte, rechtopgaande, groenblijvende struik van 2–5 m; groeit traag.
- Blad
- Verspreid, 5–10 cm, ovaal met een spitse top, fijn gezaagd, leerachtig en hoogglanzend.
- Schors
- Glad, grijsbruin.
- Bloem
- Grote (6–12 cm) witte, roze of rode bloemen, enkel of gevuld; ze vallen in hun geheel af.
- Vrucht
- Ronde, houtige doosvruchten.
- Verschil met de rododendron
- Die heeft groter, niet gezaagd blad en trossen trechterbloemen in mei.
- Verschil met de laurierkers
- Die heeft groter blad en witte bloemtrossen.
Bloei: februari–april · Snoeien: april–mei
Herkennen per kenmerk: Groenblijvend blad · Roze bloesem · Bloei in de winter
Lijkt op, maar is het niet
- Rododendron Rhododendron: groter, niet gezaagd blad en trossen trechterbloemen in mei. Verschil met rododendron
- Laurierkers Prunus laurocerasus: groter, dunner blad en witte bloemtrossen. Verschil met laurierkers
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Grote bloemen van februari tot april, als er nog weinig bloeit.
- Groenblijvend, glanzend blad: het hele jaar een verzorgde struik.
- Groeit in halfschaduw en schaduw, ook tegen een muur op het noorden of westen.
- Ook mooi in een grote pot op een koel terras.
Waar staat een camelia graag?
- Halfschaduw tot schaduw, beschut tegen koude oostenwind en de vroege ochtendzon.
- Humusrijke, zure, vochthoudende grond die goed doorlaat; geen kalk.
- Reken op 2–3 m breed op termijn.
- In een pot: rododendronpotgrond en een ruime pot met een gat in de bodem.
- Licht
- Halfschaduw of schaduw
- Grond
- Zure grond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 4 m hoog, 2,5 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Rododendron: Vraagt dezelfde zure grond en halfschaduw en bloeit in mei, na de camelia.
- Skimmia: Groenblijvend, voor dezelfde schaduwrijke, zure plek; rode knoppen in de winter.
- Lavendelheide: Hangende witte bloemtrosjes in het voorjaar en rood jong blad, in dezelfde grond.
- Hortensia: Bloeit in de zomer in dezelfde halfschaduw: zo heb je bloemen van februari tot de herfst.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Verdraagt schaduw en past onder grote bomen zoals: zomereik, wintereik, moeraseik, moseik, amerikaanse eik, steeneik
- Houden net als deze plant van zure grond: struikhei, rododendron, skimmia, framboos, blauwe bes, toverhazelaar, brem, gaspeldoorn
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een camelia?
- Plant in het voorjaar (april–mei) of in het begin van de herfst, zodat hij nog kan wortelen voor de winter.
- Graaf een ruim plantgat en vul het op kalkrijke of zware grond met rododendronpotgrond of zure bladcompost.
- Zet de plant niet dieper dan hij in de pot stond: de wortelhals blijft net boven de grond.
- Geef na het planten ruim regenwater en bedek de grond met een laag schors of naaldstrooisel.
Verzorgen
- Water
- Geef regenwater, geen kraanwater: dat bevat vaak kalk. Houd de grond in de zomer en nazomer vochtig, anders laat hij later zijn knoppen vallen.
- Bemesten
- Na de bloei een meststof voor rododendrons of zure bladcompost.
- Bodem
- Een laag schors of bladcompost houdt de wortels koel en vochtig.
- In een pot
- Geef geregeld water, ook in de winter bij droog weer, en zet de pot bij strenge vorst tegen een muur of in een koele, lichte ruimte.
Tip: Plant een camelia tegen een muur op het westen of het noorden: daar ontsnapt hij aan de ochtendzon en blijven de bloemen na een vorstnacht mooi.
Wanneer snoei je een camelia?
Snoeimaanden: april–mei.
Wanneer: Na de bloei, in april–mei.
Hoe:
- Weinig nodig: knip te lange takken in tot net boven een blad of een zijtak.
- Haal dode en zwakke takken weg; een te grote struik maak je over een paar jaar geleidelijk kleiner.
Let op: Na half juni niet meer snoeien: dan vormt hij de knoppen voor volgend jaar.
Vermeerderen
- Stekken
- Neem in juli–augustus halfrijpe stekken van 10 cm met een paar blaadjes en laat ze wortelen in zure stekgrond onder plastic; dat duurt een paar maanden.
- Afleggen
- Buig een lage tak naar de grond, kerf hem licht in en dek hem af met aarde; na een à twee jaar heeft hij wortels.
Hoe komt een camelia de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- In de grond winterhard in een gewone winter; bij strenge vorst kunnen bloemen en knoppen bevriezen.
- Een camelia in een pot is gevoeliger: bescherm de pot tegen bevriezen of zet hem bij strenge vorst in een koele, lichte ruimte.
Ziektes en plagen
- Knopval: Knoppen vallen af voor ze opengaan, meestal door droogte in de nazomer of door vorst. Geef regelmatig regenwater.
- Geel blad: Geel blad met groene nerven: te kalkrijke grond of kraanwater. Geef regenwater en een meststof voor zure grond.
- Dopluis: Kleine bruine schildjes onder het blad en een kleverige, zwarte laag erop. Veeg ze weg of laat lieveheersbeestjes en sluipwespen hun werk doen.
- Taxuskever: Halvemaanvormige hapjes uit de bladrand; de larven eten de wortels, vooral in potten. Bestrijd ze met aaltjes in het voorjaar of de nazomer.
Het jaar rond
- Februari: Bloei begint; na een vorstnacht de ochtendzon weren.
- Maart: Volle bloei.
- April: Na de bloei snoeien; bemesten.
- Mei: Laatste snoei; planten.
- Juni: Vanaf half juni niet meer snoeien: de knoppen worden gevormd.
- Juli: Halfrijpe stekken nemen.
- Augustus: Regelmatig regenwater: droogte doet de knoppen later vallen.
- November: Pot beschermen tegen vorst.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Tuin en landschap
- Groenblijvende struik met grote bloemen als het nog winter is; ook in een pot op een koel terras.
- Ook gebruikt voor
- Familie van de theeplant; uit de zaden maakt men in Japan camelia-olie.
Let op: Wil zure grond en regenwater, zoals rododendron.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Familie van de theeplant (Camellia sinensis). Zet hem uit de ochtendzon: bevroren knoppen die snel ontdooien, worden bruin.
- In Japan perst men uit de zaden camelia-olie, die gebruikt wordt voor haar en huid.
- Het geslacht is genoemd naar Georg Joseph Kamel, een jezuïet en plantenkenner die in de 17e eeuw op de Filipijnen werkte.
- Linnaeus noemde de camelia naar Georg Joseph Kamel, een Moravische jezuïet en plantkundige die op de Filipijnen werkte.
- De camelia is de bloem uit de roman ‘La Dame aux camélias’ van Alexandre Dumas zoon, het verhaal dat Verdi bewerkte tot de opera ‘La traviata’.