
Foto: Ernst Gügel, CC BY-SA 3.0 · bron
Bol- of knolgewas · Liliaceae
Reuzenlelie
Cardiocrinum giganteum
In andere talen: Lis géant de l’Himalaya (Français) · Giant Himalayan lily (English)
Cardiocrinum giganteum, de reuzenlelie uit de Himalaya, is een van de meest indrukwekkende planten die je in een tuin kunt zetten. Uit een grote bol groeit eerst een paar jaar enkel een rozet van glanzende, hartvormige bladeren. Wanneer de bol groot genoeg is, schiet in één voorjaar een stengel omhoog van 2 tot soms 3 meter, met in juni–juli tot twintig grote, witte trompetbloemen met een paarsrode keel. ’s Avonds verspreiden ze een zware, zoete geur. Na de bloei sterft de hoofdbol af, maar de zijbollen nemen het over.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Leem of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -20 °C
Grootte
2,5 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
juni–juli
| Hoogte | 2,5 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–juli |
Herkennen
Hoe herken je een reuzenlelie?
- Groeivorm
- Rozet van glanzend blad, met in het bloeijaar een stengel van 1,5–3 m hoog.
- Blad
- Groot, breed hartvormig, glanzend donkergroen, tot 45 cm lang.
- Bloem
- Tot 20 trompetvormige bloemen van 15–20 cm, wit met een paarsrode keel, hangend tot horizontaal.
- Bloeitijd
- Juni en juli, pas na 3–7 jaar vanaf zaad of na 1–3 jaar vanaf een grote bol.
- Levenscyclus
- De bol bloeit één keer en sterft daarna af; de zijbollen groeien in enkele jaren uit tot bloeibare bollen.
Bloei: juni–juli · Planten: maart en oktober–november
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een spectaculaire verschijning: meterhoge stengels met grote witte trompetten.
- Een heerlijke, zware geur, vooral op warme zomeravonden.
- Een echte blikvanger voor een schaduwrijke bostuin.
- Glanzend, hartvormig blad dat ook zonder bloemen mooi is.
- Na de bloei blijven er zijbollen over, zodat je elk jaar opnieuw een bloeier kunt hebben als je bollen van verschillende leeftijden plant.
Waar staat een reuzenlelie graag?
- Halfschaduw tot lichte schaduw, bijvoorbeeld onder hoge bomen.
- Diepe, humusrijke, losse grond: bosgrond of leem met veel bladaarde.
- Gelijkmatig vochtig, maar zonder natte voeten.
- Beschut tegen wind, die de hoge stengel kan breken, en tegen de felle middagzon.
- Reken op 60 cm ruimte per bol.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Leem of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 2,5 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -20 °C)
Mooi samen met
- Hosta: Groot blad op de grond onder de hoge stengel.
- Varens: Fijne textuur in dezelfde vochtige schaduw.
- Rododendron: Een groene achtergrond waartegen de witte bloemen oplichten.
- Japanse esdoorn: Een sierlijke boom die halfschaduw geeft.
- Bergenia: Groenblijvend, groot blad aan de voet.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een reuzenlelie?
Planten in maart en oktober–november.
- Plant de bol in maart of in oktober–november.
- Plant ondiep: de punt van de bol net onder of gelijk met de grond.
- Maak een ruim plantgat en meng veel bladaarde en goed verteerde mest of compost door de grond.
- Plant bollen van verschillende grootte, zodat er elk jaar een andere in bloei komt.
- Markeer de plek en mulch met een dikke laag bladaarde.
Verzorgen
- Water
- Houd de grond in voorjaar en zomer vochtig; geef water bij droogte.
- Bemesten
- Een zware eter: geef elk voorjaar goed verteerde mest of compost en een mulch van bladaarde.
- Mulchen
- Een dikke laag bladaarde in de herfst beschermt de ondiepe bol en voedt hem.
- Steun
- Meestal niet nodig, maar op een winderige plek kun je de stengel aan een stok binden.
- Slakken
- Bescherm de jonge bladeren in het voorjaar: slakken eten ze graag.
Tip: Plant bollen van verschillende grootte bij elkaar: dan bloeit er bijna elk jaar wel een, terwijl de andere aansterken.
Wanneer snoei je een reuzenlelie?
Wanneer: Snoeien is niet nodig.
Hoe:
- Laat de stengel na de bloei staan als je zaad wilt oogsten; de grote zaaddozen zijn ook decoratief.
- Knip de afgestorven stengel in de herfst af als je hem niet wilt houden.
Let op: Knip het blad niet weg zolang het groen is: de zijbollen hebben het nodig om aan te sterken.
Vermeerderen
- Zijbollen
- Graaf na de bloei, in de herfst, de zijbollen van de afgestorven hoofdbol op en plant ze ondiep opnieuw; ze bloeien na 3–5 jaar.
- Zaaien
- Zaai vers zaad in de herfst in een diepe pot buiten; het kiemt traag en de planten bloeien pas na 5–7 jaar.
Hoe komt een reuzenlelie de winter door?
Winterhard tot −20 °C.
- Winterhard tot ongeveer −20 °C, maar de jonge scheuten in het voorjaar zijn gevoelig voor nachtvorst.
- Bescherm de opkomende rozet in maart–april bij nachtvorst met een vlies of een laag stro.
- Een dikke mulch van bladaarde beschermt de ondiepe bol.
- In de winter is er bovengronds weinig of niets te zien.
Ziektes en plagen
- Slakkenvraat: Op het jonge blad in het voorjaar. Bescherm met een slakkenkraag of ijzerfosfaat.
- Bevroren scheuten: Door late nachtvorst. Dek de rozet af als vorst voorspeld is.
- Lelietor: Een rode kever die blad en bloemen aanvreet. Raap de kevers en larven met de hand weg.
- Geen bloei: Normaal de eerste jaren; de bol moet eerst groot genoeg worden. Bemest goed.
Het jaar rond
- Maart: Bollen planten. Jonge scheuten beschermen tegen nachtvorst en slakken.
- April: Bemesten met mest of compost. Bescherming tegen nachtvorst.
- Mei: De bloeistengel schiet omhoog. Water geven bij droogte.
- Juni: Bloei. Geur op warme avonden.
- Juli: Bloei loopt af. Lelietor in de gaten houden.
- September: Zaaddozen rijpen.
- Oktober: Zijbollen opgraven en verplanten. Nieuwe bollen planten.
- November: Mulchen met een dikke laag bladaarde.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In de Himalaya werden de holle, afgestorven stengels gebruikt als fluiten of als kokers.
- Een volgroeide bol kan meer dan een kilo wegen en bloeit maar één keer in zijn leven.