Chinees lantaarntje (Ceropegia linearis subsp. woodii)

Foto: Maja Dumat from Deutschland (Germany), CC BY 2.0 · bron

Kamerplant · Apocynaceae

Chinees lantaarntje

Ceropegia linearis subsp. woodii

In andere talen: Chaîne des cœurs (Français) · String of hearts (English)

Het Chinees lantaarntje, ook hartjesplant genoemd, komt niet uit China maar uit zuidelijk Afrika, waar het tussen rotsen en struiken groeit. Het is een vetplantje met draaddunne, paarsige ranken die 1 m en langer naar beneden hangen. Daaraan zitten paarsgewijs kleine, vlezige, hartvormige blaadjes, donkergroen met een zilveren marmering en paars aan de onderkant. Langs de ranken vormen zich kleine knolletjes waarmee de plant water opslaat en zich vermeerdert. Vroeger heette hij Ceropegia woodii. Liefhebbers kiezen hem voor een hangpot of een hoge plank, want hij vraagt weinig water en weinig zorg.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Droog

    verdraagt droogte

  • Grond

    Potgrond

  • Winterhard

    Kamerplant

    min. 10 °C

  • Grootte

    1 m

    hoog, 0,3 m breed

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart–april
Hoogte1 m
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend

Herkennen

Hoe herken je een chinees lantaarntje?

Groeivorm
Hangende vetplant met draaddunne ranken van 1 m en langer; de plant zelf is zo’n 30 cm breed.
Blad
Kleine, vlezige hartjes van 1–2 cm, paarsgewijs langs de rank; donker blauwgroen met zilveren marmering, de onderkant paars.
Knolletjes
Langs de ranken groeien kleine luchtknolletjes, en in de pot zit een grotere knol; ze slaan water op.
Bloem
Soms kleine, buisvormige bloemetjes van 2–3 cm, roze-paars met een donkere top, die op een lantaarntje lijken.
Wortels
Fijn en ondiep, aan de knol: ze rotten snel in natte grond.

Planten: maart–april · Snoeien: maart–april

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een sierlijke hangplant: de ranken met hartjes vallen als een gordijn over de pot.
  • Weinig water nodig: hij verdraagt het als je eens een gietbeurt vergeet.
  • Kan tegen wat zon, dus geschikt voor een lichte vensterbank.
  • Heel makkelijk te vermeerderen met de knolletjes of door een rank op een potje grond te leggen.
  • Klein en licht: past in een hangpot, op een boekenkast of op een plank.

Waar staat een chinees lantaarntje graag?

  • Veel licht, gerust met wat zon: een raam op het oosten of westen is ideaal. In de felle zomermiddagzon pal achter een zuidraam kan het blad verbranden.
  • Met meer licht worden de blaadjes kleuriger en blijven ze dicht bij elkaar; te donker geeft lange, kale ranken met ver uiteenstaande blaadjes.
  • Een zanderige, snel doorlatende grond: cactus- of vetplantengrond, eventueel met extra grof zand of perliet.
  • Kamertemperatuur is prima; in de winter mag hij koeler staan, maar niet onder 10 °C.
  • Een hangpot of hoge plank, waar de ranken vrij naar beneden kunnen hangen.
Licht
Zonnig of licht, zonder felle zon
Potgrond
Cactusgrond
Zuurtegraad
Neutraal
Water geven
Weinig
Grootte
1 m hoog, 0,3 m breed
Temperatuur
Minimum 10 °C

Mooi samen met

  • Erwtenplant: Een andere hangende vetplant met ronde ‘erwtjes’, voor dezelfde lichte plek en zuinige gietbeurten.
  • Wasbloem: Hoort bij dezelfde familie en houdt ook van veel licht en weinig water.
  • Echeveria: Een compacte rozet voor een vetplantenschaal op de vensterbank, met de ranken eroverheen.
  • Haworthia: Een kleine vetplant die met dezelfde zanderige grond en weinig water tevreden is.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een chinees lantaarntje?

Planten in maart–april.

  1. Verpot in maart–april, en alleen als de pot vol wortels zit, ongeveer om de 2–3 jaar.
  2. Kies een kleine, ondiepe pot met een gat in de bodem; terracotta droogt sneller op en dat is goed.
  3. Gebruik cactusgrond of meng potgrond met een derde grof zand of perliet.
  4. Zet de knol even diep als voordien, net onder het oppervlak.
  5. Ontwar de ranken voorzichtig en leg ze over de rand van de pot.
  6. Giet pas na een paar dagen licht aan, zodat beschadigde wortels eerst kunnen opdrogen.

Verzorgen

Water
Laat de grond tussen twee gietbeurten helemaal opdrogen en giet dan grondig. In de zomer is dat ongeveer om de 1–2 weken, in de winter veel minder.
Dorst
Zachte, slappe of rimpelige blaadjes betekenen dat hij water nodig heeft.
Bemesten
Van april tot september een keer per maand cactusvoeding op halve sterkte. Niet in de winter.
Luchtvochtigheid
Droge kamerlucht is geen probleem; vernevelen is niet nodig.
Ranken
Ontwar de ranken af en toe en draai de pot, zodat de plant gelijkmatig groeit.

Tip: Kijk naar de blaadjes: dikke, stevige hartjes betekenen dat alles goed is, slappe en rimpelige vragen om water, en gele, glazige zeggen dat je te veel geeft.

Wanneer snoei je een chinees lantaarntje?

Snoeimaanden: maart–april.

Wanneer: Hij hoeft niet gesnoeid te worden. Knip in maart–april te lange of kale ranken in voor een vollere plant.

Hoe:

  • Knip te lange ranken in tot de gewenste lengte, net na een blaadjespaar.
  • Knip kale, verdroogde ranken helemaal weg.
  • Leg de afgeknipte stukken met knolletjes terug op de pot: daar wortelen ze en wordt de plant voller.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Afleggen
Leg van april tot augustus een rank met een paar knolletjes of knopen op een potje met licht vochtige cactusgrond naast de moederplant en pin hem vast. Na een paar weken wortelt hij; dan knip je hem los.
Knolletjes
Maak de knolletjes langs de ranken los, liefst met een stukje rank, en druk ze half in licht vochtige, zanderige grond. Houd ze licht en warm; na enkele weken lopen ze uit.
Stekken
Knip stukken rank van 5–10 cm met een paar blaadjesparen en leg ze op vochtige grond, of zet ze in een glas water tot er wortels zijn.

Hoe komt een chinees lantaarntje de winter door?

  • Niet winterhard: hij staat het hele jaar binnen en mag niet onder 10 °C komen.
  • In de winter groeit hij nauwelijks: giet heel zuinig, ongeveer om de 3–4 weken, en geef geen voeding.
  • Een koele, lichte plek van 12–15 °C is goed, maar een gewone woonkamer kan ook; zet hem dan zo licht mogelijk.
  • In de zomer mag hij buiten op een beschutte plek zonder felle middagzon, zolang de nachten boven 10 °C blijven.

Ziektes en plagen

  • Rot: Gele, glazige blaadjes en zachte, bruine knollen of ranken aan de voet door te veel water. Laat de grond volledig opdrogen, verwijder rotte delen en stek gezonde ranken als reserve.
  • Lange, kale ranken: Ver uiteenstaande blaadjes en een dunne plant door te weinig licht. Zet hem lichter en leg ingeknipte ranken terug op de pot.
  • Rimpelige blaadjes: Te droog: geef een grondige gietbeurt. Ze worden binnen enkele dagen weer stevig.
  • Wolluis: Witte pluisjes langs de ranken en in de bladoksels. Veeg ze weg met een wattenstaafje en knip zwaar aangetaste ranken weg.

Het jaar rond

  • Januari: Rust. Heel zuinig water, geen voeding. Lichtste plek.
  • Maart: Verpotten als de pot vol is. Te lange ranken inknippen.
  • April: Inknippen en stukken terugleggen op de pot. Weer maandelijks voeding.
  • Mei: Meer water, maar de grond tussen twee beurten laten opdrogen. Afleggen of stekken.
  • Juni: Groei. Eventueel buiten op een beschutte, lichte plek.
  • Juli: Om de 1–2 weken water, als de grond droog is. Knolletjes oppotten.
  • Augustus: Laatste stekken. Letten op wolluis.
  • September: Laatste voeding. Binnenhalen voor de nachten onder 10 °C zakken.
  • Oktober: Minder water geven.
  • November: Rust. Koele, lichte plek.
  • December: Rust. Om de 3–4 weken een klein beetje water.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De bloemetjes zijn kleine vallen: vliegjes kruipen erin en blijven even gevangen door naar binnen gerichte haartjes, tot die verwelken. Zo nemen ze stuifmeel mee naar de volgende bloem.
  • Hij hoort bij de maagdenpalmfamilie, net als de wasbloem en de oleander.
  • De knolletjes langs de ranken werken als waterreservoir: zo overleeft hij in het wild droge periodes.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…