Cordyline (Cordyline fruticosa)

Foto: Dick Culbert from Gibsons, B.C., Canada, CC BY 2.0 · bron

Kamerplant · Asparagaceae

Cordyline

Cordyline fruticosa

In andere talen: Ti plant (English)

Cordyline fruticosa, ook ti-plant genoemd, komt uit tropisch Azië en de eilanden van de Stille Oceaan. Op een rechte, rietachtige stam draagt hij bovenaan een kroon van lange, lancetvormige bladeren die groen, roze, rood, paars of bont gestreept kunnen zijn. Als kamerplant wordt hij ongeveer 1,5 m hoog en 60 cm breed. Hij is geliefd om zijn kleurrijke blad, dat een lichte hoek van de kamer opvrolijkt. Hij houdt van warmte, licht zonder felle zon en een vrij vochtige lucht.

Let op: Giftig voor katten en honden: ze krijgen last als ze op het blad of de stam kauwen. Zet de plant buiten bereik van huisdieren en kleine kinderen.

  • Licht

    Halfschaduw

    geen felle middagzon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Potgrond

  • Winterhard

    Kamerplant

    min. 13 °C

  • Grootte

    1,5 m

    hoog, 0,6 m breed

Feiten op een rij
Snoeimaandenapril
Hoogte1,5 m
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren

Herkennen

Hoe herken je een cordyline?

Groeivorm
Rechtopgaande, rietachtige plant met één of meer stammen, ongeveer 1,5 m hoog en 60 cm breed; de onderste bladeren vallen met de jaren af.
Blad
Lancetvormig, 30–50 cm lang en 5–10 cm breed, in een kroon bovenaan de stam; groen, roodbruin, roze of bont.
Kleur
De kleur is het sterkst op een lichte plek zonder felle zon; op een te donkere plek vergroent het blad.
Bloem
Hij bloeit zelden binnen. In de natuur komen er pluimen met kleine, witte tot paarse bloemetjes.
Wortels
Dikke, witte wortels. Ze houden niet van natte voeten.

Planten: maart–mei · Snoeien: april

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Kleurrijk blad in groen, roze, rood of paars, het hele jaar door.
  • Een opvallende, rechte vorm die zonder veel werk indruk maakt in een hoekje of naast een raam.
  • Past in een lichte kamer zonder directe zon.
  • Groenblijvend: hij blijft het hele jaar mooi.
  • Makkelijk te vermeerderen met stekken van de stam of de top.

Waar staat een cordyline graag?

  • Helder licht zonder felle middagzon: een plek vlak bij een oost- of westraam of iets achter een zuidraam.
  • Een luchtige grond van potgrond met wat leem of perliet; zuur tot neutraal.
  • Houd de grond licht vochtig; stilstaand water in de pot of schaal vermijden.
  • Warm en vrij vochtig: 18–24 °C, nooit onder 13 °C. Zet hem uit de buurt van tocht en radiatoren.
  • Geef hem ruimte: de bladkroon heeft zo’n 60 cm nodig.
Licht
Licht, zonder felle zon
Potgrond
Gewone potgrond of luchtige, humusrijke potgrond
Zuurtegraad
Zuur of neutraal
Water geven
Gewoon
Grootte
1,5 m hoog, 0,6 m breed
Temperatuur
Minimum 13 °C

Mooi samen met

  • Calathea: Heeft dezelfde warmte en vochtigheid nodig, met patroonbladeren naast de roodgroene kroon.
  • Dracaena: Een verwante kamerplant met strakke bladeren, zelfde licht en verzorging.
  • Varens: Houden de lucht vochtig en geven een zachte, groene achtergrond.
  • Monstera: Grote, gelobde bladeren naast de smalle bladkroon van de cordyline.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een cordyline?

Planten in maart–mei.

  1. Verpot in maart–mei, in het begin van het groeiseizoen, zodra de wortels de pot vullen.
  2. Kies een pot met afvoergat die 2–4 cm breder is dan de oude, liefst zwaar zodat de plant niet omvalt.
  3. Gebruik luchtige potgrond gemengd met een derde perliet of grove zand; een dun laagje kleikorrels onderin helpt de afvoer.
  4. Zet de plant even diep als eerst en druk de grond zachtjes aan; begraaf de stam niet dieper.
  5. Geef meteen water, laat het overtollige weglopen en zet de plant op een warme, lichte plek.
  6. Verpot jonge planten om de twee jaar; oude planten krijgen alleen een nieuwe bovenlaag grond.

Verzorgen

Water
In het groeiseizoen houd je de grond licht vochtig: geef water zodra de bovenste 2–3 cm droog is. In de winter minder. Gebruik regenwater of kalkarm water.
Bemesten
Van april tot september om de 2–4 weken een halve dosis voeding voor groene planten. In de winter niet.
Luchtvochtigheid
Besproei het blad af en toe met kamerwarm, kalkarm water of zet de pot op een schaal met vochtige kleikorrels.
Bladeren
Veeg het blad af en toe schoon met een vochtige doek; dat helpt tegen stof en luizen. Verwijder gele of bruine onderbladeren.
Verpotten
Om de twee jaar in het voorjaar naar een iets grotere pot, tot de gewenste grootte.

Tip: Wil licht zonder felle zon en een vrij hoge luchtvochtigheid; besproei het blad af en toe. Houd de grond licht vochtig en vermijd tocht.

Wanneer snoei je een cordyline?

Snoeimaanden: april.

Wanneer: In het voorjaar (april), in het begin van het groeiseizoen, als de plant te hoog of kaal wordt.

Hoe:

  • Zaag of snijd de stam op de gewenste hoogte door met een scherp, schoon mes.
  • Onder de snede lopen binnen enkele weken nieuwe scheuten uit.
  • De afgesneden top kun je als stek laten wortelen.
  • Knip bruine of gele bladeren af aan de voet van het blad.

Let op: Houd het snoeisel buiten bereik van huisdieren: ook afgesneden delen zijn giftig.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Kopstek
In april–juli: snijd de bladkroon met 10–15 cm stam af, laat de snede een dag drogen en zet hem in vochtige potgrond met perliet bij 22–25 °C. Wortels na 4–8 weken.
Stamstukken
Snijd een kale stam in stukken van 5–10 cm en leg ze horizontaal op vochtige grond met perliet, warm en licht. Uit de ogen groeien nieuwe scheuten.
Zijscheuten
Bij het verpotten kun je zijscheuten met wortels afsnijden en apart oppotten.

Hoe komt een cordyline de winter door?

  • Niet winterhard: hij heeft minstens 13 °C nodig en voelt zich het best bij 15–20 °C.
  • Geef minder water: de grond mag tussendoor iets uitdrogen, maar nooit helemaal. Niet bemesten.
  • Zet hem uit de buurt van koude ramen, tocht en droge radiatorlucht en besproei het blad vaker.

Ziektes en plagen

  • Bruine bladtoppen: Droge lucht, kalkrijk water of een te droge pot. Besproei vaker, gebruik kalkarm water en knip de bruine toppen bij met een scherpe schaar.
  • Gele of afvallende bladeren: Dat de onderste bladeren afvallen is normaal. Valt er veel af of worden ze geel, dan is het te nat, te koud of tochtig. Laat de pot opdrogen en zet hem warmer.
  • Verlies van kleur: Op een te donkere plek vergroent het rode of roze blad. Zet hem lichter, maar niet in de felle zon.
  • Spint, wolluis en schildluis: Fijne webjes, witte wattige plekjes of bruine schildjes. Spoel de plant af of veeg het blad af en herhaal wekelijks; verhoog de luchtvochtigheid.

Het jaar rond

  • Januari: Rust: weinig water, geen voeding. Weg van tocht en koude ramen.
  • Februari: Rust: weinig water. Blad besproeien tegen droge lucht.
  • Maart: Verpotten als de wortels de pot vullen. Meer water geven.
  • April: Terugsnoeien indien nodig. Stekken nemen. Beginnen met voeding.
  • Mei: Verpotten kan nog. Om de 2–4 weken voeding. Water geven.
  • Juni: Groeiseizoen: water, voeding en vochtige lucht.
  • Juli: Groeiseizoen: beschermen tegen felle middagzon.
  • Augustus: Groeiseizoen: water en voeding.
  • September: Laatste voeding. Langzaam minder water.
  • Oktober: Minder water. Blad schoonvegen.
  • November: Rust: weinig water, geen voeding.
  • December: Rust: warm en licht houden, uit de buurt van radiatoren.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. Deze drakenbomen, de sansevieria, de geluksbamboe en de cordyline zijn licht giftig: het blad bevat saponinen, die bij katten en honden kwijlen, braken en soms diarree en lusteloosheid geven; katten kunnen er ook verwijde pupillen van krijgen. Ze knabbelen graag aan de lange, smalle bladeren, die op grassprieten lijken: zet de plant buiten hun bereik en ruim afgevallen of afgeknipte bladeren op. Laat geen dieren drinken uit de vaas of schaal van de geluksbamboe. Een kind krijgt van een stukje blad hooguit last van zijn maag, maar laat kinderen er niet op kauwen. Bel je dierenarts als een dier veel gegeten heeft of ziek wordt. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De plant is ook bekend onder de wetenschappelijke naam Cordyline terminalis; dat is een synoniem.
  • Op de eilanden van de Stille Oceaan worden de bladeren al eeuwenlang gebruikt voor rokjes en om voedsel in te wikkelen.
  • Het verschil met de verwante Dracaena zit onder de grond: cordyline heeft dikke, witte wortels, dracaena gele tot oranje wortels.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…