
Foto: Shu Suehiro, CC BY 3.0 · bron
Bol- of knolgewas · Asteraceae
Boomdahlia
Dahlia imperialis
In andere talen: Dahlia impérial (Français) · Tree dahlia (English)
De boomdahlia komt uit de bergbossen van Midden-Amerika, van Mexico tot in Colombia. Het is een reus onder de dahlia’s: holle, bamboeachtige stengels schieten in één seizoen tot ongeveer 3,5 m de hoogte in, met grote, meervoudig geveerde bladeren. De bloemen verschijnen pas als de dagen korter worden, meestal in oktober en november: sierlijke, bleek lila tot roze bloemen met een geel hart, die hoog boven de rest van de tuin zweven. Omdat hij geen vorst verdraagt, kweek je hem vaak in een grote pot of neem je de knollen in de herfst op. Een spectaculaire plant voor wie van hoge, exotische accenten houdt.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
tot 0 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
3,5 m
hoog, 1,5 m breed
Bloei
oktober–november
| Snoeimaanden | november |
|---|---|
| Hoogte | 3,5 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | oktober–november |
Herkennen
Hoe herken je een boomdahlia?
- Groeivorm
- Knolgewas met holle, bamboeachtige stengels van 3–3,5 m hoog en ongeveer 1,5 m breed. De stengels kunnen bij storm afbreken.
- Blad
- Groot en meervoudig geveerd, tot ongeveer 50 cm lang, tegenoverstaand en frisgroen.
- Bloem
- Enkelvoudige bloemen tot ongeveer 10 cm breed, bleek lila tot roze (soms wit) met een geel hart.
- Bloeitijd
- Oktober–november. Het is een kortedagplant: hij zet pas knoppen aan als de dagen korter worden.
- Wortels
- Dikke, vlezige knollen. In de grond overwinteren ze niet betrouwbaar, dus neem ze op bij vorst.
Bloei: oktober–november · Planten: mei · Snoeien: november
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Torenhoge blikvanger van 3–3,5 m, die in één zomer zijn volle hoogte bereikt.
- Bloeit pas in oktober en november, als de meeste zomerbloeiers al uitgebloeid zijn.
- De open bloemen zijn een late bron van nectar en stuifmeel voor bijen en hommels.
- Het grote, fijn verdeelde blad geeft de tuin een tropisch uiterlijk.
- Groeit ook in een grote pot, zodat je hem bij vorst makkelijk kunt binnenzetten.
Waar staat een boomdahlia graag?
- Volle zon en een warme, beschutte plek, bijvoorbeeld tegen een zuidmuur: hoe warmer, hoe vroeger de bloei.
- Gewone tuingrond (zand, leem of klei), neutraal tot kalkhoudend, goed doorlatend en rijk aan humus.
- Normaal vochtig, maar nooit nat: in een natte grond rotten de knollen.
- Beschut tegen wind, want de holle stengels breken makkelijk.
- Reken op ongeveer 1,5 m ruimte per plant. In een pot is een inhoud van 40–50 liter ideaal.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 3,5 m hoog, 1,5 m breed
- Winterhard
- Vorstgevoelig: haal de bollen of knollen voor de vorst binnen en bewaar ze vorstvrij
Mooi samen met
- Miscanthus: Een hoog siergras met pluimen in de herfst, dat zacht met de bloemen meebeweegt.
- Herfstaster: Bloeit tegelijk in paars en blauw en vult de voet van de dahlia.
- Canna: Even exotisch en even gevoelig voor vorst; je bewaart hem op dezelfde manier.
- Japanse anemoon: Roze en witte bloemen in dezelfde herfstperiode, ideaal als lagere voorbeplanting.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een boomdahlia?
Planten in mei.
- Zet de knollen in april in een pot in een lichte, vorstvrije ruimte: zo krijg je een voorsprong op de korte bloeitijd.
- Plant in mei uit, na half mei (de ijsheiligen), als er geen vorst meer wordt verwacht.
- Graaf een plantgat van 30–40 cm diep en meng er compost en wat grof zand door voor een goede drainage.
- Zet de knol of de voorgekweekte plant 10–15 cm diep, met de ogen naar boven, en plaats meteen een stevige paal van 2–3 m.
- Houd ongeveer 1,5 m afstand tot andere planten.
- Geef flink water en leg een laag mulch van compost of schors rond de voet.
Verzorgen
- Water
- Geef in de zomer ruim water, vooral in een pot: bij droogte laat hij zijn blad hangen. Giet aan de voet.
- Bemesten
- Vanaf juni om de twee weken een kaliumrijke meststof, bijvoorbeeld tomatenvoeding. Te veel stikstof geeft veel blad en weinig bloemen.
- Mulchen
- Een laag compost of schors houdt de grond vochtig en beschermt de knol tegen late vorst.
- Steun
- Bind de stengels op naarmate ze groeien aan een stevige paal. Zonder steun waait hij om.
- Pot
- Gebruik een zware pot met drainagegaten en voedzame potgrond. Een grote, zware pot houdt de plant stabiel in de wind.
Tip: Zet hem in april in een grote pot en begin vroeg: zo komt de bloei voor de eerste vorst. Zet de pot bij vorstvoorspelling in een vorstvrije serre of garage.
Wanneer snoei je een boomdahlia?
Snoeimaanden: november.
Wanneer: Na de eerste nachtvorst, meestal in november, zodra de stengels zwart zijn.
Hoe:
- Knip de stengels af tot ongeveer 15 cm boven de knol.
- Neem de knollen voorzichtig op, laat ze een paar dagen drogen en bewaar ze droog en vorstvrij.
- Laat je de plant in een pot staan, knip dan ook de stengels in en zet de pot vorstvrij en droog weg.
Let op: Knip niet voor de eerste vorst: de groene stengels voeden de knollen nog en de bloei komt laat.
Vermeerderen
- Knollen delen
- In april, als de ogen zwellen: snijd de knolklomp met een scherp mes in stukken met elk minstens één oog aan een stukje stengelbasis. Laat de sneden een dag drogen en plant ze in potten.
- Stekken
- In mei–juni: neem stekken van jonge scheuten van 10–15 cm met een paar knopen en zet ze in vochtige stekgrond onder plastic. Na enkele weken vormen ze wortels.
Hoe komt een boomdahlia de winter door?
Winterhard tot 0 °C: beschermen in strenge winters.
- Niet winterhard: de bovengrondse delen sterven bij de eerste nachtvorst en de knollen overleven vorst in de grond niet betrouwbaar (ongeveer 0 °C is de grens).
- Bewaar de opgenomen knollen in een kist met droog zand of potgrond op een koele, donkere, vorstvrije plek van 5–10 °C.
- In een pot: zet hem droog in een vorstvrije kelder, garage of serre en geef nauwelijks water.
- Controleer de knollen in januari en februari en snijd rotte delen weg.
Ziektes en plagen
- Late of uitblijvende bloei: Hij bloeit pas als de dagen kort worden. Geef hem een warme, zonnige plek en begin vroeg in pot. Bij een vroege vorst kan een pot nog binnen.
- Slakken: Jonge scheuten in het voorjaar worden aangevreten. Verzamel de slakken ’s avonds of leg een barrière van grof zand of schelpengruis.
- Bladluis: Kleine luisjes op jonge scheuten en knoppen. Spuit ze af met water; lieveheersbeestjes ruimen de rest op.
- Windschade: Holle stengels breken bij storm. Bind ze op aan een stevige paal en kies een beschutte plek.
- Knolrot: Zachte, bruine of beschimmelde knollen na de winter. Bewaar ze droog en luchtig en snijd rotte delen weg.
Het jaar rond
- Januari: Opgeslagen knollen controleren en rotte delen wegsnijden.
- Maart: Knollen uit de winterplek halen en nakijken.
- April: Knollen in potten zetten in een lichte, vorstvrije ruimte. Eventueel delen of stekken.
- Mei: Na half mei uitplanten en een steunpaal plaatsen.
- Juni: Om de twee weken bemesten. Water geven bij droogte.
- Juli: Ruim water geven en opbinden.
- Augustus: Opbinden. Letten op bladluis en slakken.
- September: De bloemknoppen vormen zich.
- Oktober: Begin van de bloei. Potten binnenzetten bij vorstvoorspelling.
- November: Bloei tot de eerste vorst. Daarna afknippen en de knollen opnemen.
- December: Knollen droog en vorstvrij bewaren.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De dahlia is sinds 1963 de nationale bloem van Mexico.
- De naam dahlia verwijst naar de Zweedse plantkundige Anders Dahl, een leerling van Linnaeus.
- De boomdahlia is een kortedagplant: pas als de nachten lang genoeg worden, zet hij bloemknoppen aan.