
Foto: KENPEI, CC BY-SA 3.0 · bron
Heester · Hamamelidaceae
Fothergilla
Fothergilla major
In andere talen: Large fothergilla (English)
Fothergilla major komt uit het zuidoosten van de Verenigde Staten, waar hij in de Appalachen aan bosranden en op hellingen groeit. Het is een langzaam groeiende, rechtopgaande struik van ongeveer 2 m hoog en breed, verwant aan de toverhazelaar. In april en mei, voor of tegelijk met het blad, verschijnen witte, flessenborstelachtige bloemaren met een zoete honinggeur. Het ronde, blauwgroene blad kleurt in de herfst geel, oranje, rood en purper, vaak allemaal tegelijk aan één struik. Daardoor is hij een van de beste struiken voor twee seizoenen. Hij is nauw verwant aan de kleinere Fothergilla gardenii.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of veen
zuur
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
2 m
hoog, 2 m breed
Bloei
april–mei
| Snoeimaanden | juni |
|---|---|
| Hoogte | 2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | april–mei |
Herkennen
Hoe herken je een fothergilla?
- Groeivorm
- Rechtopgaande, meerstammige en dicht vertakte struik van 2 m hoog en breed; trage groei.
- Blad
- Breed eirond tot rond, 5–10 cm, bovenaan grof getand, donkergroen met een blauwgroene onderkant; bladverliezend.
- Bloem
- Rechtopstaande, flessenborstelachtige aren van 3–5 cm, gevormd door witte meeldraden met gele helmknopjes, in april–mei.
- Geur
- Zoet, een beetje naar honing.
- Herfstkleur
- Geel, oranje, rood en purper, vaak allemaal tegelijk; het mooist in de zon.
- Wortels
- Fijn en vrij ondiep; met de jaren vormt hij soms wat uitlopers aan de voet.
Bloei: april–mei · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Geurende witte bloemborstels in april–mei, als de tuin ontwaakt.
- Een van de mooiste herfstkleuren: geel, oranje, rood en purper aan één struik.
- Bijen en hommels vliegen op de vroege bloemen.
- Groeit traag en blijft compact: past ook in een kleinere tuin.
- Zelden ziek en weinig snoeiwerk.
Waar staat een fothergilla graag?
- Zon of halfschaduw; in de zon bloeit hij rijker en kleurt hij het best.
- Zure, humusrijke grond: zand, leem of veen. Op kalkrijke grond krijgt hij gele bladeren.
- Normaal vochtig: niet laten uitdrogen, maar ook geen natte voeten.
- Een beschutte plek, uit de harde wind.
- Reken op 1,5–2 m ruimte per plant.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of veen
- Zuurtegraad
- Zuur
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 2 m hoog, 2 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Rododendron: Dezelfde zure grond; bloeit verder in mei–juni, als de fothergilla uitgebloeid is.
- Japanse esdoorn: Samen een vuurwerk van herfstkleuren.
- Blauwe druifjes: Blauwe voorjaarsbloei aan de voet, tegelijk met de witte borstels.
- Struikheide: Dezelfde zure grond en zon; bloeit in de nazomer, als de fothergilla nog groen is.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een fothergilla?
Planten in maart–april en oktober–november.
- Plant in maart–april of in oktober–november, als de grond niet bevroren is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er bladcompost of rododendronaarde door.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Houd 1,5–2 m tussen de planten.
- Giet goed aan, bij voorkeur met regenwater.
- Mulch met bladcompost, schors of dennennaalden.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig bij droogte; daarna in lange droge periodes, het liefst met regenwater.
- Bemesten
- In april wat bladcompost of organische mest voor zuurminnende planten.
- Mulchen
- Elk voorjaar een laag bladcompost of schors: zo blijft de grond koel, vochtig en zuur.
- Ruimte
- Plant geen grote struiken vlak ernaast: in de schaduw van de buren bloeit en kleurt hij minder.
- Uitgebloeide bloemen
- Hoeven niet weg; de vruchtjes zijn onopvallend.
Tip: Plant hem op een zonnige plek in zure, humusrijke grond: dan bloeit hij rijk en kleurt hij in de herfst het mooist. Zet hem vooraan in de border, waar je de geurende borstels van dichtbij ruikt.
Wanneer snoei je een fothergilla?
Snoeimaanden: juni.
Wanneer: Nauwelijks nodig. Snoei zo nodig direct na de bloei, in juni.
Hoe:
- Haal dode, zieke en kruisende takken weg.
- Knip een te lange tak terug tot een zijtak of tot aan de voet.
- Een oude struik verjong je geleidelijk door om de paar jaar een van de oudste stammen aan de voet weg te halen.
Let op: Hij bloeit op takken van vorig jaar: snoei niet in de winter of het vroege voorjaar, anders verdwijnen de bloemknoppen.
Vermeerderen
- Afleggen
- In het voorjaar een lage tak in de grond vastpinnen en afdekken met zure aarde; na een à twee jaar loskoppelen en verplanten.
- Zachte stekken
- In juni stekken van 8–10 cm van jonge scheuten in zure, vochtige stekgrond onder plastic. Laat ze de eerste winter vorstvrij doorbrengen voor je ze uitplant.
- Uitlopers
- Bewortelde uitlopers aan de voet in maart of oktober voorzichtig afsteken en verplanten.
Hoe komt een fothergilla de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Winterhard tot ongeveer −25 °C: in België is geen bescherming nodig.
- Late nachtvorst kan de bloemen in april bruin kleuren; de struik zelf heeft er geen last van.
- In een pot: kies een grote pot met rododendronaarde en zet hem beschut tegen een muur, uit de wind.
Ziektes en plagen
- Gele bladeren: Gele bladeren met groene nerven (chlorose) wijzen op te kalkrijke grond of kalkrijk gietwater. Geef regenwater en mulch met bladcompost of dennennaalden.
- Weinig herfstkleur: Te veel schaduw of te veel stikstofmest. Geef hem een zonniger plek en bemest matig.
- Bruine bladranden: Door droogte in de zomer. Geef bij droogte ruim water en mulch.
- Bevroren bloemen: Bruine bloemen na een vorstnacht in april. Er is niets aan te doen; volgend jaar bloeit hij gewoon weer.
Het jaar rond
- Februari: Rust. De bloemknoppen zijn al aangelegd.
- Maart: Planten. Bladcompost geven.
- April: Bloei: geurende witte borstels. Planten.
- Mei: Laatste bloemen; het blad loopt uit.
- Juni: Zo nodig licht snoeien na de bloei. Zachte stekken nemen.
- Juli: Water geven bij droogte, liefst regenwater.
- Augustus: Water geven bij droogte.
- Oktober: Volle herfstkleur. Planten.
- November: Planten. Gevallen blad als mulch laten liggen.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Het geslacht is genoemd naar John Fothergill, een achttiende-eeuwse Engelse arts en plantenverzamelaar die veel Noord-Amerikaanse planten kweekte.
- De witte ‘borstels’ hebben geen bloemblaadjes: ze bestaan uit de witte meeldraden van vele kleine bloempjes.
- Hij hoort bij dezelfde familie als de toverhazelaar en de Perzische ijzerboom.