Sproetenplant (Hypoestes phyllostachya)

Foto: Forest & Kim Starr, CC BY 3.0 · bron

Kamerplant · Acanthaceae

Sproetenplant

Hypoestes phyllostachya

In andere talen: Hypoestes (Français) · Polka dot plant (English)

De sproetenplant komt van Madagaskar, waar hij in warme, vochtige bossen groeit. Het is een compacte kamerplant met zachte, eironde bladeren die bespikkeld zijn met roze, rode of witte vlekken, alsof iemand er verf op heeft gespetterd. Er bestaan veel kleurrijke rassen, zoals ‘Confetti’ en ‘Splash’. Hij is makkelijk en groeit snel, maar wordt na een paar jaar lang en kaal als je hem niet regelmatig inknipt. Hij houdt van veel licht zonder felle zon, gelijkmatig vochtige grond en een warme kamer.

  • Licht

    Halfschaduw

    geen felle middagzon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Potgrond

  • Winterhard

    Kamerplant

    min. 15 °C

  • Grootte

    0,4 m

    hoog, 0,3 m breed

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart–augustus
Hoogte0,4 m
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend

Herkennen

Hoe herken je een sproetenplant?

Groeivorm
Compacte, vertakte plant van 30–40 cm hoog en 25–30 cm breed met zachte stengels.
Blad
Eirond, 3–8 cm, zacht, donkergroen met roze, rode of witte vlekken. De vlekken zijn het sterkst bij veel licht.
Bloem
Kleine lila-roze bloemetjes in losse aren; ze vallen weinig op. Knip ze weg zodat de plant compact blijft.
Wortels
Fijn en ondiep: hij houdt van losse, vochtige grond.

Planten: maart–april · Snoeien: maart–augustus

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Kleurrijk blad het hele jaar: een vrolijke vlek op de vensterbank.
  • Makkelijk en snelgroeiend: in een paar maanden een volle plant.
  • Past in een kleine pot, een schaal of een grotere plantengroep met andere kamerplanten.
  • Makkelijk te vermeerderen met stekken, die in water of potgrond in een paar weken wortelen.
  • Je houdt hem klein en compact door regelmatig te knippen.

Waar staat een sproetenplant graag?

  • Licht: veel licht zonder felle zon, bijvoorbeeld bij een oostraam of iets terug van een zuidraam. In felle zon verbranden de bladeren; in een donkere hoek vervagen de vlekken.
  • Temperatuur: 18–24 °C; niet onder ongeveer 15 °C en geen tocht.
  • Grond: losse, humusrijke potgrond, licht zuur tot neutraal.
  • Luchtvochtigheid: hij houdt van vochtige lucht. Een lichte badkamer of keuken is prima; bij droge lucht krijgt hij bruine bladranden.
Licht
Licht, zonder felle zon
Potgrond
Gewone potgrond of luchtige, humusrijke potgrond
Zuurtegraad
Zuur of neutraal
Water geven
Gewoon
Grootte
0,4 m hoog, 0,3 m breed
Temperatuur
Minimum 15 °C

Mooi samen met

  • Fittonia: Zelfde warme, vochtige plek, met fijn getekend blad.
  • Calathea: Gestreept blad en dezelfde luchtvochtigheid.
  • Pilea: Compacte plant met dezelfde omstandigheden.
  • Varens: Zachte, groene pluimen naast het gespikkelde blad.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een sproetenplant?

Planten in maart–april.

  1. Verpot in maart–april, als de plant weer actief groeit. Jonge planten verpot je jaarlijks.
  2. Kies een pot van 10–14 cm met een gat onderin.
  3. Gebruik losse, humusrijke potgrond met een beetje perliet of zand voor een goede afwatering.
  4. Zet de plant even diep als eerst, vul aan en druk de grond lichtjes aan.
  5. Geef een flinke gietbeurt, laat overtollig water weglopen en zet de plant op een lichte plek.
  6. Knip lange scheuten meteen in, zodat hij zich goed vertakt.

Verzorgen

Water
Houd de grond gelijkmatig vochtig, maar niet nat: geef water als de bovenste centimeter droog is. Bij droogte laat hij het blad dramatisch hangen, maar na een flinke gietbeurt herstelt hij meestal binnen enkele uren.
Bemesten
Van maart tot september om de 2 weken een halve dosis kamerplantenvoeding; in de winter hoogstens eens per 6–8 weken.
Luchtvochtigheid
Nevel af en toe of zet de pot op een schaal met vochtige kiezels, zonder dat het water de pot raakt.
Inknippen
Knijp of knip de toppen van de scheuten regelmatig uit en verwijder bloemaren: de plant blijft compact en kleurrijk.
Verpotten
Elk voorjaar verse grond of vervang oude, kale planten door stekken.

Tip: Knip regelmatig de toppen in en verwijder de bloemaren, dan blijft hij compact en kleurrijk. Zet hem op een lichte plek zonder felle zon, zodat de vlekken mooi blijven.

Wanneer snoei je een sproetenplant?

Snoeimaanden: maart–augustus.

Wanneer: Tijdens het hele groeiseizoen, van maart tot en met augustus. Een stevige snoeibeurt doe je in maart.

Hoe:

  • Knijp of knip de top van elke scheut regelmatig weg, tot net boven een bladpaar: dat geeft meer vertakking.
  • Verwijder bloemaren zodra je ze ziet.
  • Snoei in maart oude, kale of lange planten terug tot ongeveer de helft; ze lopen binnen enkele weken weer uit.
  • Gebruik een scherp, schoon mes of schaar.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Kopstekken
Van maart tot augustus: topstekken van 8–10 cm met enkele bladparen nemen, onderste bladeren weg, in een glas water of vochtige potgrond zetten. Bij ongeveer 20 °C wortelen ze in 1–3 weken.
Zaaien
In maart op vochtige grond strooien en niet bedekken (hij kiemt in het licht), bij 20–24 °C vochtig houden. Het zaad kiemt na enkele weken.

Hoe komt een sproetenplant de winter door?

  • Niet winterhard: houd hem het hele jaar binnen, minstens 15 °C; vermijd tocht en een koude vensterbank.
  • Zet hem op de lichtste plek en geef iets minder water, maar laat de grond niet uitdrogen.
  • Niet of nauwelijks bemesten. Houd de lucht bij verwarming vochtig.

Ziektes en plagen

  • Kale, lange scheuten: Komt door te weinig licht of te weinig inknippen. Zet hem lichter en knip hem terug.
  • Vervagende vlekken: Te weinig licht: de plant wordt groener. Zet hem lichter, maar zonder felle zon.
  • Hangend blad: Meestal droogte: geef water en hij herstelt snel. Blijft het blad hangen bij natte grond, dan is er wortelrot; verpot in droge, verse grond.
  • Spint en wolluis: Fijne webjes of witte watten, vooral bij droge lucht. Spoel de plant af en verhoog de luchtvochtigheid.
  • Bruine bladranden: Droge lucht, tocht of kou. Zet hem op een vochtiger, beschutte plek.

Het jaar rond

  • Januari: Op de lichtste plek zetten; weinig water; niet bemesten.
  • Maart: Terugsnoeien tot de helft, verpotten en beginnen met bemesten.
  • April: Stekken nemen. Regelmatig inknippen.
  • Mei: Regelmatig inknippen; bloemaren weghalen.
  • Juni: Gelijkmatig water geven; om de 2 weken bemesten.
  • Juli: Tegen felle zon beschermen; inknippen.
  • Augustus: Water geven, bemesten en inknippen.
  • September: Laatste voeding. Stekken nemen voor de winter.
  • Oktober: Op de lichtste plek zetten; minder water.
  • December: Rust: warm, licht en weinig water.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De naam Hypoestes komt uit het Grieks: hypo betekent ‘onder’ en estia ‘huis’, omdat de bloemkelk door schutblaadjes wordt omsloten.
  • De vlekken zijn het sterkst bij veel licht; in de schaduw wordt het blad groener.
  • Stekken wortelen vaak al in enkele weken in een glas water.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…