Foto: Velela, Public domain · bron
Vaste plant · Iridaceae
Libertia
Libertia grandiflora
In andere talen: New Zealand satin flower (English)
Libertia grandiflora komt uit Nieuw-Zeeland, waar hij aan bosranden en op open plekken groeit. Hij behoort tot de irisfamilie en vormt een groenblijvende pol van stijve, smalle, zwaardvormige bladeren in platte waaiers, 60–80 cm hoog. Van mei tot juli verschijnen er boven het blad ijle, vertakte trossen van witte bloemen met drie bloemblaadjes, gevolgd door sierlijke, oranjegele zaaddozen. Hij is een elegante, architecturale plant voor een beschutte plek in goed doorlatende grond. Hij is slechts matig winterhard (tot ongeveer −10 °C) en heeft in strenge winters wat bescherming nodig.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand of leem
zuur tot neutraal
Winterhard
tot -10 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
0,8 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
mei–juli
| Snoeimaanden | april |
|---|---|
| Hoogte | 0,8 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei–juli |
Herkennen
Hoe herken je een libertia?
- Groeivorm
- Compacte, groenblijvende pol van 60–80 cm hoog en 50–60 cm breed, met bladeren in platte waaiers.
- Blad
- Stijf, smal en zwaardvormig, 30–60 cm lang, groen tot geelgroen; groenblijvend.
- Bloem
- Kleine witte bloemen van ongeveer 1,5–2 cm met drie bloemblaadjes, in vertakte, ijle trossen van mei tot juli.
- Vrucht
- Oranjegele, ronde zaaddozen na de bloei, die lang aan de plant blijven.
- Wortels
- Kort, vezelig en wortelstokachtig: de pol breidt langzaam uit en laat zich in het voorjaar delen.
Bloei: mei–juli · Planten: april–mei · Snoeien: april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groenblijvende waaiers van smal blad geven structuur in de border, ook in de winter.
- Witte bloemen in trossen van mei tot juli, met daarna decoratieve oranjegele zaaddozen.
- Slank en elegant, mooi tussen siergrassen, bij een muur of in een grote pot.
- Weinig verzorging als hij op een beschutte, goed doorlatende plek staat.
- Verwant aan de iris en een bijzondere aanwinst voor wie iets anders zoekt.
Waar staat een libertia graag?
- Zon tot halfschaduw; op een zonnige plek bloeit hij het rijkst.
- Doorlatende, humusrijke grond: zand of leem, zuur tot neutraal. Vermijd natte grond.
- Normaal vochtig; hij houdt niet van natte voeten, zeker niet in de winter.
- Kies een beschutte plek tegen een zonnige muur of in een hoekje, uit de koude wind. Reken op 50–60 cm per plant.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,8 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Matig winterhard (tot -10 °C): bescherm hem in strenge winters
Mooi samen met
- Siergrassen: Fijn gras naast het stijve blad geeft contrast.
- Lavendel: Een lage, grijze buur die van dezelfde zon en doorlatende grond houdt.
- Vrouwenmantel: Zacht blad aan de voet van de waaiers.
- Hosta: Breed blad naast het smalle blad, in halfschaduw.
- Geranium: Lage, bloeiende buur die de voet bedekt.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een libertia?
Planten in april–mei.
- Plant in april–mei, als het gevaar voor strenge vorst voorbij is en de plant een heel seizoen heeft om te wortelen.
- Graaf een plantgat dat twee keer zo breed is als de kluit en meng er compost en zand of fijn grind door als de grond zwaar is.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Houd 50–60 cm afstand tussen de planten.
- Geef meteen een flinke gieter water en houd de grond het eerste jaar licht vochtig.
- Leg een laag mulch van bladcompost of fijne schors rond de voet, maar laat de kroon vrij.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig water bij droogte. Daarna is hij redelijk droogtebestendig, maar in lange droge periodes heeft hij water nodig.
- Bemesten
- In het voorjaar een schep compost of organische mest. Meer is niet nodig.
- Mulchen
- Een laag bladcompost of droge schors in het najaar beschermt de voet tegen vorst; houd de kroon vrij.
- Uitgebloeide bloemen
- Laat de zaaddozen staan: ze zijn mooi in de herfst. Knip ze af als je ze liever niet hebt.
- Delen
- Verdeel de pol om de vier à vijf jaar in het voorjaar om hem vitaal te houden.
Tip: Plant op een beschutte plek in doorlatende grond en dek af in strenge winters. Knip het dode blad pas in april weg: het beschermt de pol in de winter.
Wanneer snoei je een libertia?
Snoeimaanden: april.
Wanneer: In april, als de nieuwe groei begint.
Hoe:
- Haal dode of bruine, door vorst beschadigde bladeren met een schaar of met de hand uit de waaiers.
- Knip verdorde bloemstengels af tot aan de pol, zodra ze er slordig uitzien.
- Snoei de groene bladeren niet in: ze zijn de sier van de plant.
- Trek het blad voorzichtig uit de pol in plaats van het af te snijden, om de kern niet te beschadigen.
Vermeerderen
- Delen
- In april–mei: graaf de pol uit, verdeel hem met een scherp mes of spade in stukken met wortels en plant ze meteen terug. Houd ze vochtig tot ze zijn aangeslagen.
- Zaaien
- In het voorjaar in zaaigrond op een lichte, vorstvrije plek, lichtjes bedekt; de zaailingen zijn traag en bloeien na twee tot drie jaar.
Hoe komt een libertia de winter door?
Winterhard tot −10 °C: beschermen in strenge winters.
- Matig winterhard, tot ongeveer −10 °C: in een gemiddelde Belgische winter overleeft hij op een beschutte plek, maar in strenge winters kan hij beschadigd raken.
- Dek de voet in november af met een dikke laag droog blad, schors of stro; bij strenge vorst ook het blad met jute of vliesdoek.
- In een pot: zet hem in de winter op een beschutte, vorstvrije plek of in een koele serre.
Ziektes en plagen
- Vorstschade: De bladpunten worden bruin of de hele waaier verdort. Knip in april het dode blad weg: als de wortels leven, loopt hij weer uit. Dek de plant in de winter beter af.
- Wortelrot: Door natte grond in de winter sterven de wortels af en wordt het blad geel. Plant in doorlatende grond en zorg voor afvoer.
- Bruine bladpunten: Door wind of droogte. Zorg voor een beschutte plek en geef water bij langdurige droogte.
- Slakken: Af en toe slakkenvraat aan jong blad in het voorjaar. Verzamel de slakken ’s avonds.
Het jaar rond
- Maart: Wintertoestand controleren. Dode bladeren zoeken.
- April: Dood blad wegnemen. Delen of planten. Compost geven.
- Mei: Planten. Begin van de bloei.
- Juni: Bloei. Water geven bij droogte.
- Juli: Laatste bloei. Zaaddozen laten vormen.
- Augustus: Zaaddozen sieren de plant. Water geven bij langdurige droogte.
- November: Voet afdekken met droog blad of schors.
- December: Winterbescherming controleren. Droog houden.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Het geslacht Libertia is genoemd naar Marie-Anne Libert (1782–1865), een Belgische plantkundige uit Malmedy.
- Net als bij de iris staan de bladeren in platte waaiers: de plant behoort tot de irisfamilie.
- De witte bloemen hebben slechts drie bloemblaadjes en worden opgevolgd door oranjegele zaaddozen.