Hertshoornvaren (Platycerium bifurcatum)

Foto: Känsterle at Dutch Wikipedia, Public domain · bron

Kamerplant · Polypodiaceae

Hertshoornvaren

Platycerium bifurcatum

In andere talen: Corne d’élan (Français) · Staghorn fern (English)

De hertshoornvaren komt uit de regenwouden en vochtige bossen van Oost-Australië en Nieuw-Guinea, waar hij als epifyt op boomstammen en takken groeit, zonder grond. Hij heeft twee soorten bladeren: ronde schildbladeren die zich plat tegen de ondergrond drukken en later bruin en papierachtig worden, en lange, gevorkte bladeren die als een gewei naar buiten hangen. Die geweibladeren zijn grijsgroen door een fijn viltlaagje. Opgebonden op een plank of in een hangmand is hij een levend kunstwerk aan de muur. Het is de makkelijkste en meest verkochte soort van zijn geslacht.

  • Licht

    Halfschaduw

    geen felle middagzon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Potgrond

  • Winterhard

    Kamerplant

    min. 10 °C

  • Grootte

    0,8 m

    hoog, 0,8 m breed

Feiten op een rij
Hoogte0,8 m
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend

Herkennen

Hoe herken je een hertshoornvaren?

Groeivorm
Epifytische varen met een rozet van hangende, gevorkte bladeren, 50–80 cm lang en even breed.
Schildbladeren
Rond tot niervormig, eerst frisgroen, later bruin en papierachtig. Ze omklemmen de ondergrond, vangen water op en beschermen de wortels.
Geweibladeren
Lang, leerachtig en twee- tot driemaal gevorkt, grijsgroen door een viltlaagje van sterharen; ze hangen of staan schuin naar buiten.
Sporen
Bruine, fluweelachtige plekken aan de onderkant van de toppen van de geweibladeren.
Wortels
Kort; ze groeien onder de schildbladeren en hechten de plant vast aan de ondergrond.

Planten: april–mei

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een opvallende, beeldhouwkunstige plant die je als een schilderij aan de muur hangt.
  • Groeit zonder potgrond: op een plank, een stuk kurk of in een hangmand.
  • Wordt met de jaren een indrukwekkende plant van een halve meter of meer.
  • Maakt zelf jonge plantjes aan de rand, die je kunt afnemen.
  • Staat bekend als niet giftig voor katten en honden.

Waar staat een hertshoornvaren graag?

  • Licht tot halfschaduw, zonder directe middagzon: een lichte muur bij een raam op het oosten of westen.
  • Matig warm: 15–24 °C, niet onder 10 °C.
  • Vrij vochtige lucht: een lichte badkamer of keuken is ideaal. Niet boven een radiator.
  • Geef hem ruimte: de geweibladeren worden tot 80 cm lang en moeten vrij kunnen hangen.
  • Wat luchtbeweging is goed, koude tocht niet.
Licht
Licht, zonder felle zon
Potgrond
Luchtige, humusrijke potgrond
Zuurtegraad
Zuur
Water geven
Gewoon
Grootte
0,8 m hoog, 0,8 m breed
Temperatuur
Minimum 10 °C

Mooi samen met

  • Luchtplantjes: Groeien ook zonder grond en passen naast hem op een plank of een stuk hout aan de muur.
  • Vlinderorchidee: Ook een epifyt, voor dezelfde lichte plek zonder felle zon in een vochtige badkamer.
  • Zwaardvaren: Een hangende varen met fijn blad, als contrast bij de grove geweibladeren.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een hertshoornvaren?

Planten in april–mei.

  1. Bind hem op in april–mei, als hij te groot wordt voor zijn pot of zijn plank.
  2. Kies een plank van onbehandeld hout, een stuk kurk of een hangmand, iets groter dan de plant.
  3. Leg een dikke laag vochtig veenmos op de plank en druk de wortelkluit erop, met de schildbladeren tegen het mos.
  4. Bind hem vast met nylondraad of vislijn over de schildbladeren heen, zonder de geweibladeren te knellen. Na een tijd groeien nieuwe schildbladeren over de draad.
  5. Dompel de plank meteen een kwartier onder in lauw regenwater en laat goed uitlekken voor je hem ophangt.
  6. Liever in een pot: kies een ondiepe pot met een luchtig mengsel van schors, veenmos en wat orchideeëngrond, geen gewone potgrond.

Verzorgen

Water
Dompel de plant om de 1–2 weken een kwartier onder in lauw regenwater, tot het mos doorweekt is, en laat goed uitlekken. Wacht tot het mos bijna droog is voor je opnieuw dompelt.
Luchtvochtigheid
Bij droge lucht kun je de bladeren af en toe met regenwater vernevelen.
Bemesten
Van april tot september een keer per maand kamerplantenvoeding op een kwart van de sterkte in het dompelwater.
Viltlaagje
Veeg het grijze vilt niet van het blad en gebruik geen bladglans: het beschermt de plant tegen uitdroging.
Schildbladeren
Laat de bruine schildbladeren zitten: ze horen zo en beschermen de wortels.

Tip: Til de plank op voor je dompelt: voelt hij nog zwaar, dan is het mos nog nat en kan het dompelen wachten. Zo voorkom je rot aan de voet.

Wanneer snoei je een hertshoornvaren?

Wanneer: Hij wordt niet gesnoeid. Je knipt alleen af en toe een dood, helemaal bruin geweiblad weg.

Hoe:

  • Knip dode, verdroogde geweibladeren aan de voet weg, zonder de schildbladeren te beschadigen.
  • Laat de bruine schildbladeren altijd zitten: ze zijn een natuurlijk deel van de plant.
  • Raak de sporenplekken en het vilt op de bladeren zo weinig mogelijk aan.

Let op: Knip nooit de schildbladeren weg en wrijf het vilt niet van het blad: beide beschermen de plant.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zijplantjes
Aan de rand verschijnen jonge plantjes. Snij er in april–mei een los met zijn wortels en een stukje schildblad, zodra hij een paar geweibladeren heeft, en bind hem op een eigen plankje met veenmos.
Sporen
Ook mogelijk uit sporen, op vochtig substraat onder glas, maar dat duurt jaren: iets voor geduldige liefhebbers.

Hoe komt een hertshoornvaren de winter door?

  • Het hele jaar binnen: hij verdraagt geen vorst en houdt niet van temperaturen onder 10 °C.
  • Dompel in de winter minder vaak, ongeveer om de 2–3 weken, en geef geen voeding.
  • Hang hem op een lichte plek, weg van hete radiators en droge, warme lucht.

Ziektes en plagen

  • Schildluis: Bruine schildjes op de bladeren en langs de nerven, soms met kleverige honingdauw. Haal ze voorzichtig weg met een wattenstaafje, zonder het vilt weg te wrijven.
  • Zwarte voet: Zwarte, zachte plekken aan de voet en de schildbladeren, door te vaak water geven. Laat het mos tussendoor bijna droog worden.
  • Slappe, verdroogde bladeren: Te weinig water of te droge lucht. Dompel wat vaker en hang hem in een vochtigere ruimte.
  • Bruine vlekken onder de bladtoppen: Dat zijn sporenplekken, geen ziekte. Laat ze gewoon zitten.
  • Bruine schildbladeren: Normaal: oude schildbladeren worden bruin en papierachtig. Niet weghalen.

Het jaar rond

  • Januari: Om de 2–3 weken dompelen. Geen voeding. Weg van de radiator.
  • Maart: Weer vaker dompelen naarmate de dagen lengen.
  • April: Opbinden of op een grotere plank zetten. Zijplantjes afnemen. Maandelijks voeding in het dompelwater.
  • Mei: Opbinden of zijplantjes afnemen. Om de 1–2 weken dompelen.
  • Juni: Om de 1–2 weken dompelen. Voeding geven. Beschermen tegen felle zon.
  • Juli: Bij warm weer wekelijks dompelen. Letten op schildluis.
  • Augustus: Dompelen en voeding geven.
  • September: Laatste voeding.
  • Oktober: Minder vaak dompelen.
  • December: Om de 2–3 weken dompelen. Lichte plek.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Platycerium betekent ‘platte hoorn’, naar de vorm van de geweibladeren.
  • In het wild vangen de schildbladeren afgevallen blad en regenwater op; dat verteert tot de humus waarvan de plant leeft.
  • Het grijze vilt op het blad bestaat uit piepkleine sterharen, die de plant tegen uitdroging beschermen.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…