Ganzerik (Potentilla atrosanguinea)

Foto: Jerzy Opioła, CC BY-SA 4.0 · bron

Vaste plant · Rosaceae

Ganzerik

Potentilla atrosanguinea

In andere talen: Potentille de l’Himalaya (Français) · Himalayan cinquefoil (English)

De Himalayaganzerik komt uit de bergen van de Himalaya. Hij vormt een losse, bossige pol met aardbeiachtig blad van drie deelblaadjes, dat aan de onderkant zilverachtig behaard is. Van juni tot september verschijnen er bloedrode bloemen van ongeveer 2,5 cm op slanke stengels die graag tegen andere planten leunen. Bekend is het ras ‘Gibson’s Scarlet’ met helder scharlakenrode bloemen. Hij blijft laag, ongeveer 45 cm hoog, en is vaak kortlevend, maar bloeit lang door en is een plezier aan de rand van de zonnige border.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -25 °C

  • Grootte

    0,45 m

    hoog, 0,6 m breed

  • Bloei

    juni–september

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart
Hoogte0,45 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeijuni–september

Herkennen

Hoe herken je een ganzerik?

Groeivorm
Losse, bossige pol van ongeveer 45 cm hoog en 60 cm breed met slanke, vertakte stengels die liggen of leunen.
Blad
Drie deelblaadjes, aardbeiachtig en gezaagd, grijsgroen met een zilverachtige, behaarde onderkant.
Bloem
Schotelvormige, vijfdelige bloemen van ongeveer 2–3 cm in losse trossen, donker bloedrood, van juni tot september.
Levensduur
Vaak kortlevend: na enkele jaren wordt hij minder krachtig. Delen of zaaien houdt hem in leven.
Wortels
Vezelig, met een stevige kroon; goed doorlatende grond is belangrijk.

Bloei: juni–september · Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: maart

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Bloeit van juni tot september in een diep bloedrood dat in veel borders ontbreekt.
  • Het zilverachtige, aardbeiachtige blad blijft ook zonder bloemen sierlijk.
  • Bijen bezoeken de platte bloemen graag.
  • Blijft laag en leunt tegen buurplanten, ideaal aan de rand van de border.
  • Weinig werk en goed bestand tegen droogte, zolang de grond goed doorlatend is.

Waar staat een ganzerik graag?

  • Volle zon voor de rijkste bloei en het stevigste blad.
  • Gewone tuingrond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk. De grond moet goed doorlatend zijn.
  • Normaal vochtig; in langdurige droogte geef je water, in natte grond rot hij snel.
  • Zet hem aan de rand van de border of in een groep, zodat de stengels kunnen leunen.
  • Reken op 40–50 cm per plant.
Licht
Zon
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Normaal
Grootte
0,45 m hoog, 0,6 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -25 °C)

Mooi samen met

  • Kattenkruid: Blauwpaarse nevel naast de bloedrode bloemen, in dezelfde zon.
  • Ooievaarsbek: Blauwe of roze bloemen en mooi blad aan de rand.
  • Salie: Paarsblauwe aren in dezelfde zon en droge grond.
  • Struisriet: Een fijn gras dat de losse, leunende stengels ondersteunt.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een ganzerik?

Planten in maart–mei en september–oktober.

  1. Plant in maart–mei of in september–oktober, als de grond niet bevroren of drassig is.
  2. Werk compost door de grond; meng zware klei met grof zand voor een betere afwatering.
  3. Graaf een gat even diep als de pot en iets breder, en zet de plant even diep als in de pot.
  4. Houd 40–50 cm afstand tussen de planten.
  5. Geef meteen water en daarna wekelijks bij droogte tot hij is aangeslagen.
  6. Leg een dun laagje compost of fijn grind rond de planten, maar laat de kroon vrij.

Verzorgen

Water
Na het aanslaan alleen bij langdurige droogte; dan blijft hij langer bloeien.
Bemesten
In het voorjaar een laagje compost. Te veel stikstof geeft veel blad en weinig bloemen.
Mulchen
Een dun laagje compost of fijn grind in het voorjaar; niet tegen de kroon.
Uitgebloeide bloemen
Knip uitgebloeide stengels weg tot aan het blad: dat houdt de bloei langer gaande.
Steun
Meestal niet nodig: laat hem tegen buurplanten leunen of geef hem wat takjes als steun.

Tip: Zet hem aan de rand van de border en laat de stengels tegen buurplanten leunen. Knip uitgebloeide stengels weg en zorg voor goed doorlatende grond.

Wanneer snoei je een ganzerik?

Snoeimaanden: maart.

Wanneer: In maart: knip oude stengels en verweerd blad weg, voor de nieuwe scheuten doorkomen.

Hoe:

  • Knip de dode stengels van vorig jaar in maart tot net boven de nieuwe scheuten.
  • Knip in de zomer uitgebloeide stengels weg tot aan het blad.
  • Haal bruin of aangetast blad voortdurend weg.

Let op: Knip het blad in de herfst niet helemaal kaal: het beschermt de kroon in de winter.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Delen
In maart–april of in september, om de drie tot vier jaar: graaf de pol uit, deel hem in stukken met wortels en bladeren en plant ze meteen terug. Dat maakt de plant ook weer krachtig.
Zaaien
Zaai in de herfst of het vroege voorjaar in een zaaibak en bedek het fijne zaad nauwelijks. Zaailingen van een ras komen niet altijd zuiver uit.

Hoe komt een ganzerik de winter door?

Winterhard tot −25 °C.

  • Winterhard tot ongeveer −25 °C: in België is geen bescherming nodig.
  • Niet de kou, maar natte grond in de winter is een risico. Zorg voor goede afwatering.
  • In een pot: gebruik goed doorlatende grond, zet de pot beschut en laat hem niet in water staan.

Ziektes en plagen

  • Meeldauw: Wit poeder op het blad, vooral bij droogte en weinig lucht. Geef water aan de voet, ruimte en knip aangetaste delen weg.
  • Roest: Oranje tot bruine vlekjes op de onderkant van het blad. Knip aangetast blad weg en voer het af; zorg voor luchtige standplaats.
  • Rot in natte grond: De kroon wordt bruin en slap in natte winters. Zorg voor goed doorlatende grond.
  • Open pol: De pol wordt na enkele jaren open en kaal. Deel hem of vervang hem.

Het jaar rond

  • Maart: Oude stengels afknippen. Planten of delen. Compost geven.
  • April: Planten. Op slakken en uitdroging letten.
  • Mei: Planten. De pol laten leunen of takjes plaatsen.
  • Juni: Begin van de bloei.
  • Juli: Bloei. Uitgebloeide stengels wegknippen.
  • Augustus: Bloei. Water geven bij droogte.
  • September: Laatste bloei. Planten of delen.
  • Oktober: Planten. Blad laten staan voor de winter.
  • December: Rust.

Gebruiken

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De soortnaam atrosanguinea betekent ‘donkerrood’ (ater is donker, sanguineus is bloedrood).
  • De bloemen hebben net als aardbeien en rozen vijf kroonbladen: ze horen tot dezelfde familie, de Rosaceae.
  • In het wild groeit de soort in de bergen van de Himalaya.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…