Foto: Dalgial, CC BY-SA 3.0 · bron
Boom · Styracaceae
Japanse storaxboom
Styrax japonicus
In andere talen: Styrax du Japon (Français) · Japanese snowbell (English)
De Japanse storaxboom komt uit Japan, Korea en China. Het is een sierlijke, kleine boom met horizontaal uitgespreide takken en een brede kroon. In mei–juni hangen honderden witte, stervormige klokjes met gele meeldraden aan lange steeltjes onder de takken, terwijl het glanzende blad erboven staat. Ze geuren licht en trekken veel bijen aan. Daarna volgen grijsgroene, eivormige vruchtjes die tot in de herfst blijven hangen. Bekend zijn het ras ‘Pink Chimes’, met lichtroze bloemen, en treurvormen met hangende takken.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand of leem
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
7 m
hoog, 6 m breed
Bloei
mei–juni
| Snoeimaanden | juli |
|---|---|
| Hoogte | 7 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei–juni |
Herkennen
Hoe herken je een Japanse storaxboom?
- Groeivorm
- Kleine boom of grote struik met horizontale, gelaagde takken en een brede kroon, 5–7 m hoog en 5–6 m breed.
- Blad
- Ovaal, 4–8 cm, glanzend donkergroen en licht getand; in de herfst geel, soms roodachtig.
- Bloem
- Wit en klokvormig, met vijf slippen en een bundel gele meeldraden, 1,5–2 cm, aan lange steeltjes in groepjes onder de takken, in mei–juni; licht geurend.
- Vrucht
- Grijsgroene, eivormige vruchtjes van 1–1,5 cm, die van de late zomer tot in de herfst aan de boom hangen; niet eetbaar.
- Schors
- Glad en grijsbruin; in de winter tonen de kale takken de gelaagde vorm.
Bloei: mei–juni · Planten: maart–april en oktober–december · Snoeien: juli
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een overvloed aan witte, hangende klokjes in mei–juni, die je het best ziet als je onder de boom staat.
- Een kleine boom met een sierlijke, gelaagde vorm, ideaal als blikvanger in een kleine tuin.
- De bloemen geuren licht en zijn een feest voor bijen.
- Ook buiten de bloei mooi: glanzend blad, sierlijke vruchtjes en gele herfstkleur.
- Volledig winterhard.
Waar staat een Japanse storaxboom graag?
- Zon tot halfschaduw; in de volle zon moet de grond vochtig blijven.
- Humusrijke, vochthoudende maar goed doorlatende grond: zand of leem, zuur tot neutraal. Kalkrijke of zware, natte grond verdraagt hij slecht.
- Beschut tegen koude, drogende wind; late voorjaarsvorst kan de jonge scheuten beschadigen.
- Plant hem waar je onder de takken kunt kijken: bij een terras, aan een pad of op een talud.
- Reken op 5–6 m ruimte; hij staat het mooist alleen.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 7 m hoog, 6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Rododendron: Houdt van dezelfde zure, humusrijke grond en bloeit net voor of samen met de storaxboom.
- Japanse esdoorn: Fijn blad en herfstkleur, voor dezelfde beschutte plek en kalkarme grond.
- Hosta: Grote bladeren in de halfschaduw onder de kroon.
- Varens: Een frisse, groene onderbeplanting in de lichte schaduw.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Japanse storaxboom?
Planten in maart–april en oktober–december.
- Plant van oktober tot december of in maart–april, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er flink wat bladcompost of kalkarme compost door.
- Zet de boom even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Sla een boompaal aan de windkant en bind de stam losjes vast.
- Geef meteen ruim water, ook als het regent.
- Mulch met bladcompost of schors rond de voet, maar niet tegen de stam.
Verzorgen
- Water
- De eerste jaren bij droogte wekelijks ruim water; ook later in droge zomers, want hij houdt niet van uitdroging.
- Bemesten
- In het voorjaar bladcompost of een organische mest voor zuurminnende planten.
- Mulchen
- Elk voorjaar een laag bladcompost of schors: dat houdt de grond koel, vochtig en licht zuur.
- Kalk
- Strooi geen kalk en gebruik geen kalkrijke compost in de buurt: dan wordt het blad geel.
- Boompaal
- Controleer de boomband elk jaar en haal de paal na 2–3 jaar weg.
Tip: Mulch elk voorjaar met bladcompost of schors: zo blijft de grond koel, vochtig en licht zuur, net wat hij nodig heeft om rijk te bloeien.
Wanneer snoei je een Japanse storaxboom?
Snoeimaanden: juli.
Wanneer: Hij heeft weinig snoei nodig. Doe het nodige werk na de bloei, in juli.
Hoe:
- Haal dode, zieke en kruisende takken weg.
- Verwijder bij een jonge boom geleidelijk enkele lage takken als je een stam wil, maar laat de natuurlijke, gelaagde vorm intact.
- Knip waterloten en scheuten aan de voet weg.
- Snoei nooit hard: de sierlijke vorm herstelt traag.
Let op: Snoei zo weinig mogelijk en niet in de winter of het voorjaar: elke tak die je dan wegknipt, kost bloemen.
Vermeerderen
- Zachte stekken
- In juni–juli stekken van 10 cm van jonge scheuten nemen, onderste bladeren weg, in vochtige stekgrond onder plastic, warm en licht. Lukt niet altijd.
- Zaad
- In de herfst vers zaad uit de vruchtjes halen en buiten in een pot zaaien. Het kiemt traag, vaak pas in het tweede voorjaar.
Hoe komt een Japanse storaxboom de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C: in Belgische winters geen bescherming nodig.
- Late nachtvorst in april–mei kan jonge scheuten en bloemknoppen beschadigen; een beschutte plek helpt, en over een jonge boom kun je bij vorst een vlies leggen.
- In de winter tonen de kale, horizontale takken de mooie vorm van de boom.
Ziektes en plagen
- Geel blad: Bladvergeling met groene nerven op kalkrijke grond. Mulch met bladcompost of schors, geef regenwater en eventueel een meststof voor zuurminnende planten.
- Droogteschade: Bruine bladranden en slap blad in droge zomers. Geef ruim water en mulch.
- Vorstschade: Bruine, verwelkte jonge scheuten na late nachtvorst. Knip ze na de vorst terug; de boom loopt meestal opnieuw uit.
- Weinig bloei: Jonge bomen bloeien pas na enkele jaren; ook te veel schaduw of te hard snoeien kost bloemen.
Het jaar rond
- Maart: Planten. Mulch van bladcompost aanbrengen.
- April: Planten. Jonge boom beschermen bij late nachtvorst.
- Mei: Begin van de bloei. Bijen op de bloemen.
- Juni: Volle bloei: kijk onder de takken. Zachte stekken nemen.
- Juli: Licht snoeien na de bloei. Water geven bij droogte.
- Augustus: Water geven bij droogte. De vruchtjes hangen aan de takken.
- Oktober: Planten. Gele herfstkleur. Zaad oogsten en buiten zaaien.
- November: Planten. Mulch aanbrengen.
- December: Planten bij zacht weer. Rust.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Verwante Styrax-soorten uit Zuidoost-Azië leveren benzoëhars, dat al eeuwenlang in wierook gebruikt wordt.
- De vruchtjes bevatten saponinen, zeepachtige stoffen; in Japan werden ze vroeger gebruikt om mee te wassen.
- De bloemen hangen aan lange steeltjes naar beneden, zodat je ze vanaf de grond het best ziet; daarom heet hij in het Engels ‘snowbell’.