
Foto: Eduard August von Regel (1815–1892), German botanist., Public domain · bron
Bol- of knolgewas · Liliaceae
Greigii-tulp
Tulipa greigii
In andere talen: Tulipe de Greig (Français) · Greig's tulip (English)
De Greigii-tulp (Tulipa greigii) is een lage, botanische tulp uit de bergen van Centraal-Azië en de stamvader van de groep Greigii-tulpen. In april–mei draagt hij op korte, stevige stelen grote, komvormige bloemen die in de zon wijd openklappen, in rood, oranje, geel of crème, vaak tweekleurig. Bijzonder is het brede, grijsgroene blad met paarsbruine strepen of vlekken, dat al sierlijk is voor de bloei. Tuiniers houden van hem omdat hij laag en stevig is, goed tegen wind kan en in een zonnige, doorlatende grond vaak meerdere jaren terugkomt. Bekende rassen zijn het scharlakenrode ‘Red Riding Hood’ en het zalmrode, meerbloemige ‘Toronto’.
Let op: Alle delen zijn giftig, vooral de bol: houd bollen weg van kinderen, honden en katten. Bij wie veel bollen hanteert, kan het sap de huid irriteren; draag handschoenen.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand of leem
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
0,3 m
hoog, 0,15 m breed
Bloei
april–mei
| Hoogte | 0,3 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | april–mei |
Herkennen
Hoe herken je een greigii-tulp?
- Groeivorm
- Lage plant van 20–30 cm hoog, met een breedte van zo’n 15 cm per bol.
- Blad
- Breed, grijsgroen, vaak golvend en plat uitwaaierend, met paarsbruine strepen of vlekken.
- Bloem
- Grote, komvormige bloemen met puntige bloemblaadjes, die in de zon wijd opengaan, in april–mei.
- Kleur
- Rood, oranje, geel, roze of crème, vaak tweekleurig of met een donkere vlek in het hart.
- Bol
- Een bruine, gepunte bol die in de zomer een droge rust nodig heeft en kleine broedbolletjes vormt.
Bloei: april–mei · Planten: oktober–december
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Het gestreepte of gevlekte blad is al mooi voor de bloei.
- Grote, felgekleurde bloemen op korte stelen die niet omwaaien.
- Ideaal vooraan in de border, in de rotstuin en in potten en bakken.
- Komt in een zonnige, doorlatende grond vaker terug dan veel grote tuintulpen.
- Een vrolijke voorjaarsbloeier na de krokussen en vroege narcissen.
Waar staat een greigii-tulp graag?
- Volle zon: in de schaduw gaan de bloemen niet goed open en verzwakt de bol.
- Goed doorlatende zand- of leemgrond, neutraal tot kalkrijk.
- Droog tot normaal vochtig; in natte grond rotten de bollen. Een droge zomer is net goed.
- Plant de bollen zo’n 10 cm uit elkaar, in groepjes van minstens tien.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,3 m hoog, 0,15 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Druifjes: Blauwe trosjes rond de rode en oranje tulpen, tegelijk in bloei.
- Vergeet-mij-nietje: Een blauwe, luchtige onderbeplanting in border of pot.
- Hoornviooltje: Kleurige, lage bloempjes in potten en vooraan in de border.
- Kruipflox: Een bloeiend tapijt in april–mei, ook in de volle zon.
- Lage narcissen: Geel en wit in dezelfde voorjaarsrand, net iets vroeger in bloei.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een greigii-tulp?
Planten in oktober–december.
- Plant in oktober–december, als de grond afgekoeld is. Laat planten verkleint de kans op tulpenvuur.
- Graaf een plantgat of plantgeul van 10–15 cm diep, ongeveer drie keer de hoogte van de bol.
- Leg in zware grond een laagje grof zand of grind onderin, zodat er geen water blijft staan.
- Zet de bollen met de punt naar boven, zo’n 10 cm uit elkaar, en dek ze af met grond.
- In potten: gebruik doorlatende potgrond met wat zand, en een pot met een gat in de bodem.
Verzorgen
- Water
- Meestal niet nodig. Enkel in potten en bij een droog voorjaar geef je wat water tijdens de groei.
- Bemesten
- Strooi bij het uitlopen wat compost of organische mest; dan laadt de bol zich beter op.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip of knak de bloem na de bloei af, zodat de bol geen energie in zaad steekt.
- Blad
- Laat het blad na de bloei minstens zes weken staan, tot het geel wordt en vanzelf loslaat.
- Opgraven
- Niet nodig in doorlatende grond. In natte grond graaf je de bollen in juni–juli op en bewaar je ze droog tot de herfst.
Tip: Het paars gestreepte of gevlekte blad is al sierlijk voor de bloei. Zet hem vooraan in de border of in een pot, waar je dat blad goed ziet.
Wanneer snoei je een greigii-tulp?
Wanneer: Snoeien is niet nodig. Knip na de bloei alleen de uitgebloeide bloem af en laat het blad staan.
Hoe:
- Knip of knak de uitgebloeide bloem net onder de bloem af; laat de steel staan.
- Laat het blad vanzelf geel worden en afsterven; vlecht of knoop het niet samen.
- Haal het blad pas weg als het helemaal geel is en makkelijk loskomt.
Let op: Knip het blad nooit groen af: zonder blad bloeit de bol volgend jaar slecht of niet.
Vermeerderen
- Broedbolletjes
- Graaf de bollen in juni–juli op als het blad afgestorven is, haal de broedbolletjes los, bewaar ze droog en luchtig en plant ze in de herfst. Ze bloeien na een paar jaar.
- Zaaien
- Kan, maar duurt jaren tot de eerste bloei, en rassen komen niet zuiver terug. Voor de tuin vermeerder je met broedbolletjes.
Hoe komt een greigii-tulp de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C. De bollen hebben zelfs een koude winter nodig om te bloeien.
- In de volle grond is geen bescherming nodig.
- In potten: zet de pot op voetjes zodat hij niet in het water staat, en pak hem in of zet hem tegen een muur bij strenge vorst.
Ziektes en plagen
- Tulpenvuur: Een schimmel die bij nat weer bruine vlekken, misvormd blad en verschrompelde scheuten geeft. Verwijder zieke planten meteen, plant laat en niet elk jaar op dezelfde plek.
- Muizen en woelmuizen: Eten de bollen op of slepen ze weg. Plant ze in een gaaskorf of in potten.
- Bladluis: Op jonge scheuten en op bewaarde bollen. Spuit af met water en controleer bollen voor je ze plant.
- Bolrot: Zachte, rottende bollen in natte grond. Plant in doorlatende grond en gooi zachte bollen weg.
Het jaar rond
- Januari: Potten bij strenge vorst inpakken.
- Maart: Het gestreepte blad komt op. Letten op slakken en bladluis.
- April: Bloei.
- Mei: Uitgebloeide bloemen afknippen. Blad laten staan.
- Juni: Het blad sterft af. Eventueel opgraven.
- Juli: Opgegraven bollen droog en luchtig bewaren.
- Oktober: Bollen planten.
- November: Bollen planten.
- December: Laatste bollen planten, zolang de grond niet bevroren is.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Tulpen zijn giftig, vooral de bollen: ze geven braken en diarree, ook bij paarden en bij katten en honden die bollen opgraven of eraan knagen. Een tulpenbol lijkt op een ui of sjalot, maar ruikt er niet naar als je hem doorsnijdt. Bewaar bollen die je na de bloei opgraaft dus nooit bij de groenten in de keuken, de kelder of de berging, en zet er een etiket bij. Wie veel bollen hanteert, kan huiduitslag krijgen (tulpenvingers): draag handschoenen bij het planten. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De soort is genoemd naar Samuel Greig, een negentiende-eeuwse voorzitter van de Russische tuinbouwvereniging.
- In het wild groeit hij op droge berghellingen met koude winters en hete, droge zomers. Daarom heeft de bol een droge zomerrust nodig.
- Greigii-tulpen vormen een eigen groep in de officiële indeling van tulpen; het gestreepte blad is hun herkenningsteken.