Foto: User:SB_Johnny, CC BY-SA 3.0 · bron
Vaste plant · Plantaginaceae
Veronicastrum
Veronicastrum sibiricum
In andere talen: Véronique de Sibérie (Français) · Siberian Culver's root (English)
Veronicastrum sibiricum komt oorspronkelijk uit Siberië en het oosten van Azië. Het is een rechte, hoge vaste plant die jaar na jaar steviger wordt. Rond de stengels staan etages van smalle, gezaagde bladeren in kransen, als de armen van een kandelaar. Van juli tot september sieren lange, slanke aren met lavendelblauwe bloemetjes de border. De soort lijkt sterk op de Noord-Amerikaanse Veronicastrum virginicum, maar is minder bekend. Wie hoogte zoekt zonder gedoe met steunen, en bijen en vlinders in de tuin wil, is hier goed mee.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Leem, klei of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -35 °C
Grootte
1,5 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
juli–september
| Snoeimaanden | februari–maart |
|---|---|
| Hoogte | 1,5 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–september |
Herkennen
Hoe herken je een veronicastrum?
- Groeivorm
- Rechtopgaande, compacte pol van ongeveer 1,5 m hoog en 60 cm breed, met stevige, ongetakte stengels.
- Blad
- Smal lancetvormig, gezaagd, in kransen van meestal 4–7 bladeren rond de stengel; donkergroen.
- Bloem
- Lange, slanke aren van kleine, lavendelblauwe bloemetjes met uitstekende meeldraden, van juli tot september.
- Na de bloei
- De bruine zaadaren blijven tot de winter staan en sieren nog lang.
- Wortels
- Stevige wortelstok: de pol breidt langzaam uit en blijft jaren op dezelfde plek mooi.
Bloei: juli–september · Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: februari–maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een slank, rechtop accent van 1,5 m hoog dat weinig plaats inneemt en meestal geen steun nodig heeft.
- Bloeit van juli tot september, wanneer veel andere vaste planten al uitgebloeid zijn.
- Bijen, hommels en vlinders komen graag op de bloemaren af.
- Volledig winterhard en lang levend: de pol wordt elk jaar groter en mooier.
- De zaadaren blijven in de winter staan en geven structuur aan de border; ook goed als snijbloem in een boeket.
Waar staat een veronicastrum graag?
- Volle zon tot lichte halfschaduw: in de zon bloeit hij het rijkst, in halfschaduw blijft hij frisser.
- Humusrijke, vochthoudende grond: leem, klei of veengrond, zuur tot neutraal.
- Liefst gelijkmatig vochtig tot nat; in droge grond blijft hij kleiner en bloeit hij armer.
- Een beschutte plek is ideaal, al zijn de stevige stengels niet snel te breken.
- Reken op 50–60 cm tussen de planten.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Leem, klei of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal of nat
- Grootte
- 1,5 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -35 °C)
Mooi samen met
- Vlambloem: Bloeit in dezelfde periode en houdt van dezelfde vochtige grond.
- Zonnehoed: De ronde roze bloemen contrasteren met de slanke, blauwe aren.
- Zonnekruid: Warme geel-, oranje- en roodtinten naast het koele lavendelblauw.
- Pijpenstrootje: Een luchtig siergras dat de stevige, rechte aren verzacht.
- Bergamot: Bloeit tegelijk en trekt eveneens bijen en vlinders.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een veronicastrum?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant in maart–mei of in september–oktober, als de grond niet bevroren of drassig is.
- Graaf een plantgat dat twee keer zo breed is als de pot en meng er een paar scheppen compost door.
- Zet de plant even diep als in de pot, met de scheuten net boven de grond.
- Houd 50–60 cm afstand tussen de planten en geef meteen een flinke gieter water.
- Leg een laag bladcompost rond de voet en geef het eerste jaar water bij droogte.
Verzorgen
- Water
- Houd de grond vochtig. In droge zomers ruim water geven aan de voet, vooral het eerste jaar.
- Bemesten
- In het voorjaar een laag compost of wat organische mest. Op arme grond volstaat één extra beurt in juni.
- Mulchen
- Een laag compost of bladaarde in april houdt de grond koel en vochtig.
- Steun
- Meestal niet nodig. In halfschaduw of op zeer rijke grond kan hij doorbuigen: plaats dan in het voorjaar een steun.
- Uitgebloeide aren
- Laat ze staan: ze sieren in de herfst en de winter. Wil je een nette border, knip ze dan na de bloei af.
- Delen
- Meestal pas nodig na 8–10 jaar, als de pol in het midden kaal wordt.
Tip: Laat de pol jaren ongemoeid: hij groeit traag, maar wordt elk jaar mooier. Markeer de plek met een stokje, want hij komt pas laat in het voorjaar boven.
Wanneer snoei je een veronicastrum?
Snoeimaanden: februari–maart.
Wanneer: In februari–maart, voor de nieuwe scheuten boven de grond komen.
Hoe:
- Knip alle droge stengels van vorig jaar tot vlak boven de grond af.
- Gebruik een scherpe snoeischaar en ruim de stengels op de composthoop.
- Snij je bloemen voor een boeket, knip dan de stengel af boven een paar bladkransen.
Let op: Wacht niet te lang: tussen de oude stengels kunnen jonge scheuten beschadigd raken.
Vermeerderen
- Delen
- In maart–april of in september: steek de pol met een spade in stukken met elk minstens drie scheuten en wortels. Meteen herplanten en water geven.
- Zaaien
- De zaden zijn lichtkiemers en hebben kou nodig. Zaai ze in de herfst oppervlakkig op zaaigrond, dek ze niet af en laat de bak buiten overwinteren. De zaailingen komen in het voorjaar; ze hebben enkele jaren nodig om te bloeien.
- Stekken
- In mei: jonge scheuten van 8–10 cm met een stukje wortelstok afsteken en in vochtige zaaigrond zetten.
Hoe komt een veronicastrum de winter door?
Winterhard tot −35 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −35 °C: in België is geen bescherming nodig.
- Laat de zaadaren staan tot het snoeien in februari–maart; met rijp erop zijn ze een winterzicht.
- De scheuten komen pas laat in het voorjaar boven. Markeer de plek met een stokje, zodat je er niet op trapt of er iets anders plant.
Ziektes en plagen
- Slakken: Jonge scheuten worden in het voorjaar aangevreten. Rapen, een barrière van grof materiaal rond de pol en vooral het eerste jaar opletten.
- Meeldauw: Wit poeder op het blad in een droge, benauwde zomer. Ruim planten, aan de voet water geven en aangetaste bladeren wegknippen.
- Slap blad: Bruine bladranden of slap blad wijzen op droogte. Mulchen en ruim water geven.
- Omvallen: Op te rijke grond of in te veel schaduw groeit hij lang en slap. Minder bemesten, meer licht geven of een steun plaatsen.
Het jaar rond
- Februari: Oude stengels afknippen (kan tot in maart).
- Maart: Terugsnoeien. Compost geven. Planten en delen kan vanaf nu.
- April: Planten en mulchen. Op slakken letten bij de eerste scheuten.
- Mei: Planten. Een steun plaatsen indien nodig. Stekken nemen.
- Juni: Water geven bij droogte. Op arme grond bijmesten.
- Juli: Begin van de bloei. Bijen en vlinders komen af. Water geven bij droogte.
- Augustus: Volle bloei. Bloemen snijden voor een boeket.
- September: Late bloei. Planten of delen. Zaad laten rijpen.
- Oktober: Planten. Zaaien in een bak buiten. Zaadaren laten staan.
- November: Rust. De zaadaren sieren de border.
- December: Rust. Plek van de pol markeren.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam Veronicastrum betekent zoiets als ‘gelijkend op Veronica’: de soort werd vroeger bij de ereprijzen (Veronica) gerekend.
- De bladeren staan in etages, in kransen rond de stengel: daardoor lijkt de plant op een kandelaar.
- Veronicastrum virginicum uit Noord-Amerika is de bekendere zustersoort in tuinen; de Siberische soort is er sterk aan verwant.