
Foto: JLPC, CC BY-SA 3.0 · bron
Kruidachtige plant · Leliefamilie (Liliaceae)
Koningslelie
Lilium regale
In andere talen: Lis royal (Français) · Regal lily (English)
Komt van buiten Europa, maar staat hier veel in tuinen en parken.
De koningslelie is een bolgewas uit het westen van China, waar hij in het wild vooral groeit op droge, rotsige hellingen in de diepe vallei van de Min-rivier in Sichuan. In België groeit hij niet in het wild, maar sinds het begin van de 20ste eeuw is hij een van de makkelijkste en meest geliefde lelies voor de tuin. Je herkent hem aan de rechte stengels vol smalle bladeren en de grote, trompetvormige bloemen: wit vanbinnen met een gele keel, en purperroze gestreept aan de buitenkant. Eind juni en in juli verspreiden de bloemen een zware, zoete geur die ’s avonds het sterkst is en dan nachtvlinders lokt. Let wel op met katten: voor hen is de hele plant zeer giftig.
Let op: Lelies zijn zeer giftig voor katten: al een beetje blad, stuifmeel of vaaswater kan hun nieren ernstig beschadigen. Heb je een kat, plant ze dan niet of buiten haar bereik, en zet geen snijbloemen binnen. Ga bij een vermoeden meteen naar de dierenarts.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
1,2 m
hoog, 0,3 m breed
Bloei
juni–juli
| Snoeimaanden | juli en oktober |
|---|---|
| Hoogte | 1,2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Bloei | juni–juli |
Herkennen
Zo herken je hem
- Groeivorm
- Bolgewas met één rechte, onvertakte stengel van 1–1,5 m hoog, soms hoger.
- Blad
- Smal lijnvormig, 5–13 cm lang, donkergroen en dicht verspreid over de hele stengel.
- Bloem
- Trompetvormig, 12–15 cm lang, meestal 3–10 per stengel en bij oude planten soms meer dan 20, horizontaal of licht hangend: wit vanbinnen met een gele keel, buitenkant purperroze tot wijnrood gestreept. Lange meeldraden met oranjebruin stuifmeel. Sterk geurend.
- Vrucht/Zaad
- Een rechtopstaande, driehokkige doosvrucht vol platte, papierachtige zaden die met de wind verspreiden.
- Bol
- Een geschubde, purperrode bol van 5–10 cm; de stengel maakt boven de bol extra wortels.
- Verwarring met
- De madonnalelie (Lilium candidum) is vanbinnen en vanbuiten zuiver wit, maakt in de herfst al een bladrozet en wil ondiep geplant worden. Trompetlelie-hybriden lijken sterk, maar zijn er in meer kleuren.
Bloei: juni–juli · Snoeien: juli en oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de sterkst geurende lelies: een paar bloemen vullen een hele tuinhoek of kamer met hun parfum.
- Makkelijk en winterhard; hij komt jaar na jaar terug en vormt na een paar jaar mooie groepen.
- Groeit vlot uit zaad en bloeit dan al na 2–3 jaar, uitzonderlijk snel voor een lelie.
- Nachtvlinders bezoeken de bloemen ’s avonds; overdag verzamelen bijen en hommels er stuifmeel.
- Prachtige snijbloem die lang mooi blijft in een vaas.
- Brengt hoogte en elegantie in een border, zonder veel plaats in te nemen.
Waar staat een koningslelie graag?
- In het wild: droge, rotsige hellingen en steile valleiwanden in het westen van China, met warme zomers en koude, droge winters.
- ‘Kop in de zon, voeten in de schaduw’: de bloemen in de zon, de voet beschaduwd door lagere planten.
- Goed doorlatende grond is het belangrijkst: zand of leem, neutraal tot licht kalkrijk. Natte grond in de winter doet de bol rotten.
- Beschut tegen harde wind, dat spaart de hoge stengels.
- Ook geschikt voor grote, diepe potten op een terras.
Mooi samen met
- Ooievaarsbek: Bedekt de voet met blad en bloemen en houdt de bol koel.
- Vrouwenmantel: Lage, frisgroene bladeren en gele schermpjes aan de voet.
- Kattenkruid: Een blauwe wolk aan de voet en een bijenmagneet.
- Rozen: Een klassieke combinatie van geuren in de zomerborder.
- Lavendel: Zilvergrijs blad en paarse aren, in de zon op doorlatende grond.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een koningslelie?
- Koop bollen of potplanten bij een kwekerij of tuincentrum; haal nooit planten uit het wild.
- Plant de bollen in oktober–november, of in maart–april zolang ze nog stevig en niet uitgedroogd zijn.
- Plant 15–20 cm diep, omdat de stengel boven de bol wortels maakt; zet de bollen 20–30 cm uit elkaar, in groepjes van 3–5.
- Leg bij zware grond een laagje grof zand of grind onder de bol voor een goede afwatering.
- Geef na het planten water en markeer de plek met een stokje, zodat je de scheuten later niet beschadigt.
- Zaaien kan ook: zaai in het voorjaar in een pot; zaailingen bloeien al na 2–3 jaar.
Verzorgen
- Water
- In droge periodes in het voorjaar en tijdens de bloei water geven aan de voet. Na de bloei mag de grond droger zijn.
- Bemesten
- In maart–april wat compost of organische mest voor bolgewassen. Te veel stikstof maakt de stengels slap.
- Steun
- Zet op een winderige plek een bamboestok naast de stengel, zonder de bol te raken.
- Leliehaantje
- Kijk van maart tot augustus of er rode kevertjes op zitten, en larven die zich bedekken met hun eigen uitwerpselen. Raap ze met de hand; houd er een bakje onder, want de kevers laten zich vallen.
- Mulchen
- Een laag compost of lage vaste planten rond de voet houden de bol koel.
Tip: Komt er stuifmeel op je kleren, wrijf het dan niet uit maar tik het weg of neem het op met plakband. Knip voor de vaas de meeldraden uit de bloemen.
Snoeien en maaien
Snoeimaanden: juli en oktober.
Wanneer: Uitgebloeide bloemen in juli; de stengels pas in oktober, als ze geel en droog zijn.
Hoe:
- Knip uitgebloeide bloemen net onder de bloem af, tenzij je zaad wilt oogsten: zo gaat de energie naar de bol.
- Laat de stengel met de bladeren staan tot hij vergeelt: de bladeren voeden de bol voor volgend jaar.
- Knip in oktober de droge stengels tot net boven de grond af, of trek ze voorzichtig uit als ze los zitten.
- Snijd je bloemen voor de vaas, laat dan minstens de helft van de stengel met bladeren staan.
Let op: Gooi stengels en bladeren met grauwe schimmel bij het restafval, niet op de composthoop.
Vermeerderen
- Zaad
- Zaai vers of bewaard zaad in maart–april in een pot met zaaigrond, 0,5 cm diep. Het kiemt vlot; zaailingen bloeien na 2–3 jaar.
- Bolschubben
- Breek in september een paar buitenste schubben van een gezonde bol en leg ze in een zakje met vochtig vermiculiet of zand op kamertemperatuur. Na 6–8 weken vormen zich bolletjes, die je in een pot verder opkweekt.
- Scheuren
- Oudere groepen kun je in de herfst opgraven en de bollen verdelen; plant ze meteen weer.
Hoe komt een koningslelie de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- De bol overwintert diep in de grond; boven de grond is niets te zien.
- Winterhard, tot ongeveer −25 °C, als de grond goed doorlatend is.
- De scheuten verschijnen in maart–april en zijn gevoelig voor late nachtvorst: dek ze bij vorst af met vliesdoek.
- Zet potten in de winter tegen een muur en bescherm ze tegen te veel regen en strenge vorst.
Ziektes en plagen
- Leliehaantje: De rode kever en zijn larven vreten bladeren en knoppen kaal. Raap ze vanaf maart dagelijks weg, ook de oranje eitjes onder het blad.
- Grauwe schimmel: Bruine vlekken op blad en knoppen bij nat weer. Zorg voor een luchtige plek, geef water aan de voet en verwijder aangetaste bladeren.
- Bolrot: In natte grond rot de bol in de winter. Plant op een goed doorlatende plek, op een laagje grof zand.
- Slakken en muizen: Slakken eten de jonge scheuten, woelmuizen de bollen. Plant eventueel in een gaaskorf.
- Virus: Gestreept, misvormd blad en kwijnende groei. Haal zieke planten weg en houd bladluizen in toom, want die brengen virussen over.
Het jaar rond
- Maart: Scheuten verschijnen. Letten op leliehaantjes en late vorst. Zaaien.
- April: Compost geven. Leliehaantjes rapen.
- Mei: Steun plaatsen. Water geven bij droogte.
- Juni: Eerste bloemen eind juni. Geniet ’s avonds van de geur.
- Juli: Volle bloei. Uitgebloeide bloemen afknippen.
- Augustus: Zaaddozen rijpen. Het blad groen laten.
- September: Bolschubben nemen. Nieuwe bollen kopen.
- Oktober: Gele, droge stengels afknippen. Bollen planten.
- November: Bollen planten zolang de grond niet bevroren is.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Plantenjager Ernest Wilson vond de koningslelie in 1903 in de vallei van de Min-rivier. Toen hij er in 1910 bollen ging verzamelen, brak hij zijn been bij een rotsverschuiving; hij hield er een manke gang aan over, die hij zelf zijn ‘leliegang’ noemde.
- Regale betekent ‘koninklijk’, vandaar de Nederlandse naam koningslelie.
- De koningslelie is een van de ouders van veel trompetlelie-hybriden in onze tuinen.