Gewone ereprijs (Veronica chamaedrys)

Foto: Didier Descouens, CC BY-SA 4.0 · bron

Kruidachtige plant · Weegbreefamilie (Plantaginaceae)

Gewone ereprijs

Veronica chamaedrys

In andere talen: Véronique petit-chêne (Français) · Germander speedwell (English)

Komt in België in het wild voor.

Gewone ereprijs is een laag, kruipend kruid met hemelsblauwe bloempjes die in april en mei hele bermen en graslanden blauw kleuren. Hij is algemeen in heel België, in graslanden, bermen, bosranden, heggen en gazons die niet te vaak gemaaid worden. Je herkent hem aan de helderblauwe bloempjes met donkere streepjes en een wit oog, en vooral aan de stengel: die heeft twee rijen lange haren die bij elk bladpaar van kant wisselen. De bloempjes zijn gemaakt voor zweefvliegen, die zich aan de twee meeldraden vastgrijpen en zo stuifmeel meenemen. Een bescheiden maar dankbare plant voor een bloemrijk gazon of een zonnige borderrand.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -30 °C

  • Grootte

    0,2 m

    hoog, 0,3 m breed

  • Bloei

    april–juni

Feiten op een rij
Snoeimaandenjuli en september
Hoogte0,2 m
Inheems in BelgiëJa
Bloeiapril–juni

Herkennen

Zo herken je hem

Groeivorm
Laag, 10–30 cm, met liggende stengels die op de knopen wortelen en opstijgende bloeistengels.
Blad
Tegenoverstaand, eirond, 1–3 cm, grof gekarteld, behaard en vrijwel zonder steel.
Bloem
Hemelsblauw met donkere aders en een wit oog, ongeveer 1 cm breed, met vier ongelijke slippen en twee meeldraden. In losse trossen op lange stelen uit de bladoksels.
Stengel
Twee rijen lange witte haren aan tegenoverliggende kanten, die bij elk bladpaar van kant wisselen. Het beste herkenningsteken.
Vrucht/Zaad
Een plat, omgekeerd hartvormig doosvruchtje, korter dan de kelk, met kleine zaadjes.
Verwarring met
Draadereprijs heeft lange, draadvormige bloemsteeltjes met telkens één bloem en kleine, niervormige bladeren. Mannetjesereprijs is rondom behaard en heeft lichtlila bloemen in dichte aren. Vergeet-mij-nietjes hebben vijf kroonslippen, een geel oog en verspreide bladeren.

Bloei: april–juni · Snoeien: juli en september

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Lange bloei van april tot juni, druk bezocht door zweefvliegen en kleine solitaire bijen.
  • Helder blauw is een bijzondere kleur in het gras: een mooi accent in een bloemrijk gazon.
  • Verdraagt af en toe maaien en blijft laag: ideaal voor gazonranden en bermen.
  • Groeit ook in lichte schaduw onder een haag of aan een bosrand.
  • Zweefvlieglarven eten bladluizen: wie zweefvliegen lokt, helpt de moestuin.

Waar staat een gewone ereprijs graag?

  • In het wild: graslanden, bermen, dijken, heggen, bosranden en open plekken in loofbos.
  • Zon tot halfschaduw.
  • Gewone, niet te natte grond: zand, leem of klei; liefst niet te voedselrijk, anders verdringt het gras hem.
  • In de tuin: een bloemrijk gazon dat je minder maait, de voet van een haag of de zonnige voorkant van een wilde border.

Mooi samen met

  • Kruipend zenegroen: Ook blauw en laag; bloeit tegelijk op dezelfde plekken.
  • Margriet: Wit en geel boven het blauw, in mei–juni.
  • Pinksterbloem: Lila bloemen in april–mei, voor een iets vochtiger gazon.
  • Madeliefje: Samen de basis van een bloemrijk gazon.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een gewone ereprijs?

  1. Koop plantjes bij een kwekerij van inheemse planten en plant ze in maart–april of september–oktober.
  2. Zet ze op 20–25 cm; in een gazon zet je een kluitje in een uitgestoken gat.
  3. Zaaien kan in september–oktober in potjes of op een kale plek: strooi het fijne zaad dun uit en bedek het hooguit met een dun laagje zand.
  4. Laat de potjes in de winter buiten staan; in het voorjaar verschijnen de kiemplantjes.
  5. Geef de eerste weken na het planten water bij droogte.
  6. Graaf nooit planten uit in de natuur.

Verzorgen

Water
Alleen na het planten. Daarna niet nodig.
Bemesten
Niet doen: op arme grond houdt hij beter stand tegen het gras.
Maaien
Laat een strook staan tot de bloei voorbij is en maai dan in juli op 5–8 cm. In een hooiland maai je in juli en in september, en voer je het maaisel af.
Uitbreiden
Verspreidt zich rustig met wortelende stengels; trek wat te veel is gewoon los.
Zaad laten vallen
Laat de bloeistengels staan tot de doosvruchtjes rijp zijn, dan zaait hij zichzelf uit.

Tip: Maai een strook van je gazon pas begin juli: in april–mei verschijnen daar vaak vanzelf blauwe ereprijs, madeliefjes en klaver.

Snoeien en maaien

Snoeimaanden: juli en september.

Wanneer: Na de bloei, in juli, en een tweede keer in september.

Hoe:

  • Maai op 5–8 cm hoogte; zo blijven de kruipende stengels gespaard.
  • Laat het maaisel een paar dagen liggen zodat de zaadjes uitvallen, en hark het dan weg.
  • Het maaisel afvoeren houdt de grond arm en het gras zwak.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Scheuren
In maart–april of september een gewortelde stengel met wat grond lossteken en elders planten.
Zaad
Rijp in de zomer; zaai in september–oktober buiten in potjes of op een kale plek.

Hoe komt een gewone ereprijs de winter door?

Winterhard tot −30 °C.

  • Blijft in de winter deels groen: de lage stengels en blaadjes overwinteren boven de grond.
  • Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C.
  • Laat de plant in de herfst met rust; in maart groeit hij meteen weer verder.

Ziektes en plagen

  • Verdrongen door gras: Op rijke grond groeit het gras sneller. Stop met bemesten en voer het maaisel af.
  • Haargallen: Witte, wollige propjes aan de stengeltoppen zijn gallen van een galmug. Onschuldig: laat ze zitten.
  • Te vroeg gemaaid: Wie in april–mei kort maait, ziet nooit bloemen. Spaar een strook of maai pas na de bloei.
  • Slakken: Ze vreten in het voorjaar aan jonge scheuten. Meestal herstelt de plant zich.

Het jaar rond

  • Maart: De plant groeit weer verder. Planten.
  • April: Begin van de bloei. Niet maaien in de bloeistrook.
  • Mei: Volle bloei, bezocht door zweefvliegen en kleine bijen.
  • Juni: Laatste bloemen. Het zaad rijpt.
  • Juli: Maaien op 5–8 cm na de bloei; maaisel afvoeren.
  • September: Tweede maaibeurt. Planten of delen. Zaaien in potjes.
  • Oktober: Zaaien en planten. Potjes buiten laten staan.
  • December: Rust; de lage, groene stengels overwinteren.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Chamaedrys betekent ‘dwergeik’, naar de blaadjes die op kleine eikenbladeren lijken; daar komt ook de Franse naam petit-chêne vandaan.
  • In het Engels heet hij ook bird’s-eye, naar het witte oogje in de blauwe bloem.
  • Geplukte bloemen laten hun kroontjes snel vallen; het is dus geen plant voor een boeket.

Meer soorten uit Europa · Alle soorten

Laden…