Foto: Sten Porse, CC BY-SA 3.0 · bron
Boom · Sapindaceae
Franse esdoorn
Acer monspessulanum
In andere talen: Érable de Montpellier (Français) · Montpellier maple (English)
De Franse esdoorn groeit in het wild rond de Middellandse Zee, van Marokko en Spanje tot Turkije, en noordwaarts tot in de warme rivierdalen van Frankrijk en Duitsland. Het is een kleine, traag groeiende boom met een dichte, ronde kroon en kleine, leerachtige bladeren met drie stompe lobben. In april–mei bloeit hij met hangende, geelgroene trosjes waar bijen graag op afkomen, en in de zomer kleuren de gevleugelde vruchtjes vaak roodachtig. Tuiniers kiezen hem omdat hij droogte, hitte en kalkrijke grond goed verdraagt. Zo is hij een ideale, niet te grote boom voor een warme stadstuin of een zonnig terras.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
Volledig winterhard
tot -20 °C
Grootte
8 m
hoog, 7 m breed
Bloei
april–mei
| Snoeimaanden | juli–augustus |
|---|---|
| Hoogte | 8 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | april–mei |
Herkennen
Hoe herken je een Franse esdoorn?
- Groeivorm
- Kleine boom of grote struik, 6–8 m hoog en 5–7 m breed, met een dichte, ronde kroon; groeit traag.
- Blad
- Klein, 3–6 cm, leerachtig, met drie stompe lobben en een gave rand; glanzend donkergroen, onderaan blauwgroen. In de herfst geel tot oranje.
- Bloem
- Geelgroene bloempjes in hangende trosjes in april–mei, net voor of met het jonge blad.
- Vrucht
- Gevleugelde dubbele vruchtjes met bijna evenwijdige vleugels, in de zomer vaak rood aangelopen.
- Schors
- Grijsbruin en glad bij jonge bomen, later fijn gebarsten.
Bloei: april–mei · Planten: maart–april en oktober–december · Snoeien: juli–augustus
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een kleine, traag groeiende boom die ook in een stadstuin of voortuin past.
- Verdraagt droogte, hitte en kalkrijke grond beter dan de meeste esdoorns.
- Vroege bloei in april–mei, een welkome voedselbron voor bijen.
- Dichte, ronde kroon met fijn blad die mooie, lichte schaduw geeft.
- Gele tot oranje herfstkleur; het blad blijft vaak lang aan de boom hangen.
Waar staat een Franse esdoorn graag?
- Volle zon en warmte; in de schaduw groeit hij ijl en kleurt hij minder.
- Goed doorlatende grond: zand, leem of klei, neutraal tot kalkrijk.
- Droog tot normaal vochtig; natte voeten verdraagt hij niet.
- Ideaal tegen een zonnige muur of op een warme, verharde plek in de stad.
- Reken op 5–7 m ruimte en plant hem minstens 3 m van gebouwen.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 8 m hoog, 7 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -20 °C)
Mooi samen met
- Lavendel: Geurende, grijze rand op dezelfde zonnige, droge en kalkrijke plek.
- Steppesalie: Paarse aren voor bijen, ook tevreden met droge grond.
- Kattenkruid: Een lange blauwe bloei aan de voet van de boom.
- Druifhyacint: Blauwe voorjaarsbolletjes onder de kroon, samen met de vroege bloei.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Franse esdoorn?
Planten in maart–april en oktober–december.
- Plant in maart–april of van oktober tot december, als de grond niet bevroren of drijfnat is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en maak de bodem los, zodat water weg kan.
- Zet de boom even diep als in de pot: de wortelaanzet blijft net zichtbaar.
- Zet een hoogstam vast aan een paal aan de windzijde.
- Geef meteen een flinke gieter water en het eerste jaar bij droogte elke week.
- Mulch met houtsnippers of grind, niet tegen de stam.
Verzorgen
- Water
- Alleen het eerste en tweede jaar bij droogte. Daarna is hij goed bestand tegen droge zomers.
- Bemesten
- Niet nodig; op arme grond groeit hij compacter en steviger.
- Mulchen
- Een laag houtsnippers rond jonge bomen houdt onkruid weg en de grond koel.
- In een pot
- Kan jaren in een grote pot op een zonnig terras. Gebruik goed doorlatende grond en geef in de zomer regelmatig water.
- Vorm
- Hij laat zich goed in vorm snoeien, als kleine bolvormige of meerstammige boom.
Tip: Ideaal voor een warme stadstuin: plant hem in de volle zon op goed doorlatende grond en geef na het tweede jaar geen water meer, behalve bij lange droogte.
Wanneer snoei je een Franse esdoorn?
Snoeimaanden: juli–augustus.
Wanneer: Snoei alleen in de zomer, in juli–augustus, als de boom in vol blad staat.
Hoe:
- Haal dode, zieke en kruisende takken weg, net buiten de takkraag.
- Knip waterloten en scheuten aan de stamvoet weg.
- Wil je een compacte kroon, kort dan de te lange scheuten een derde in.
- Hou de wonden klein; grote takken haal je beter geleidelijk, over een paar jaar, weg.
Let op: Niet snoeien van januari tot mei: esdoorns ‘bloeden’ dan sterk uit de wonden.
Vermeerderen
- Zaad
- Zaai rijp zaad in de herfst in een pot en zet die buiten in de kou; de zaailingen kiemen in het voorjaar, soms pas na een tweede winter.
- Zachte stekken
- In juni stekken van 10 cm van jonge scheuten in vochtige stekgrond onder plastic; ze wortelen niet altijd even makkelijk.
Hoe komt een Franse esdoorn de winter door?
Winterhard tot −20 °C.
- Winterhard tot ongeveer −20 °C: in België heeft een ingegroeide boom geen bescherming nodig.
- Jonge bomen op een koude, natte plek zijn gevoeliger: een goed doorlatende grond is de beste bescherming.
- In een pot: zet hem tegen een muur, wikkel de pot in jute en zet hem op potvoetjes, zodat er geen water in blijft staan.
Ziektes en plagen
- Verwelkingsziekte: Takken verwelken plots in de zomer, met bruine strepen in het hout. Knip ze ruim weg tot in gezond hout en ontsmet je snoeischaar; er bestaat geen genezing.
- Bladluis: Kleverig jong blad in het voorjaar. Lieveheersbeestjes ruimen ze meestal op; anders afspuiten met water.
- Meniezwam: Kleine roze-oranje bolletjes op dode takjes. Knip dood hout weg tot in gezond hout.
- Kwijnen op natte grond: Geel blad en weinig groei op zware, natte grond. Verplant hem jong naar een droger plekje of verbeter de afwatering.
Het jaar rond
- Maart: Planten. Mulch aanbrengen rond jonge bomen.
- April: Bloei met geelgroene trosjes; bijen. Planten.
- Mei: Bloei. Letten op bladluis.
- Juni: Jonge bomen water geven bij droogte.
- Juli: Snoeien als het nodig is. Rood aangelopen vruchtjes.
- Augustus: Laatste snoei. Potbomen water geven.
- Oktober: Gele tot oranje herfstkleur. Planten. Rijp zaad zaaien.
- November: Planten. Potbomen beschut zetten.
- December: Planten bij vorstvrij weer.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De soortnaam monspessulanum betekent ‘van Montpellier’: Mons Pessulanus is de Latijnse naam van die stad.
- In het wild komt hij noordelijk voor tot in de warme wijnbouwdalen langs de Moezel en de Rijn.
- Je herkent hem aan de kleine, driedelige bladeren met een gave rand; de verwante veldesdoorn heeft meestal vijf lobben.