Woestijnroos (Adenium obesum)

Foto: Wikimedia Commons, Public domain · bron

Kamerplant · Apocynaceae

Woestijnroos

Adenium obesum

In andere talen: Rose du désert (Français) · Desert rose (English)

De woestijnroos is een vetplant uit de droge streken van Oost-Afrika en het Arabisch Schiereiland. Hij vormt een gedrongen struikje met een opvallend verdikte stamvoet, de caudex, waarin hij water opslaat. Aan de toppen van de takken staan glanzende, lepelvormige bladeren en van mei tot september trompetvormige bloemen in roze, rood of wit, vaak met een lichter hart. Bij ons is het een kamerplant voor de zonnigste vensterbank, die in de zomer ook buiten op een warme plek mag staan. In de winter rust hij, verliest hij vaak zijn blad en wil hij droog staan. Het melksap is zeer giftig: werk altijd met handschoenen.

Let op: Alle delen van de plant, vooral het witte melksap, zijn zeer giftig bij inslikken; het sap irriteert ook huid en ogen. Zet de plant buiten bereik van kinderen, katten en honden, en draag handschoenen bij snoeien en verpotten. Was daarna je handen en je gereedschap.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog

    verdraagt droogte

  • Grond

    Potgrond

  • Winterhard

    Kamerplant

    min. 12 °C

  • Grootte

    0,8 m

    hoog, 0,6 m breed

  • Bloei

    mei–september

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart–april
Hoogte0,8 m
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeimei–september

Herkennen

Hoe herken je een woestijnroos?

Groeivorm
Vetplantachtig struikje of boompje tot 80 cm hoog en 60 cm breed in een pot, met een verdikte, grijsbruine stamvoet en dikke takken.
Blad
Lepelvormig tot langwerpig, 5–15 cm, glanzend donkergroen, in rozetten aan de toppen van de takken. Valt af in de rustperiode.
Bloem
Trompetvormig, 4–6 cm breed, met vijf brede slippen, van mei tot september.
Kleur
Roze tot rood, vaak met een wit hart; ook wit, en bij rassen dubbel of gestreept.
Stamvoet
Een dikke, waterhoudende basis die met de jaren groeit. Bij het verpotten kun je hem telkens iets hoger zetten, zodat hij mooi zichtbaar wordt.
Melksap
Wit en zeer giftig; het komt vrij bij elke wonde.

Bloei: mei–september · Planten: maart–april · Snoeien: maart–april

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een levend beeldje: de dikke, knoestige stamvoet maakt elke plant uniek.
  • Grote trompetbloemen in roze, rood of wit, van mei tot september.
  • Weinig water nodig: ideaal voor wie een plant al eens vergeet.
  • Kan vele jaren oud worden en wordt met de tijd steeds mooier.
  • Mag in de zomer naar buiten, op een zonnig terras.
  • Makkelijk te vormen door snoei, zoals een bonsai.

Waar staat een woestijnroos graag?

  • Zo veel mogelijk zon: een zuidraam of een serre is ideaal. Met te weinig licht strekt hij zich en bloeit hij niet.
  • Zeer luchtige, goed doorlatende grond: cactusgrond gemengd met een derde grof zand, perliet of puimsteen.
  • Droog: geef pas water als de pot bijna helemaal droog is. Natte voeten doen de stamvoet rotten.
  • Warm: in de groeitijd 20–30 °C, in de winter nooit onder 12 °C.
  • Van juni tot september mag hij buiten op een warme, zonnige en tegen regen beschutte plek, als de nachten boven 15 °C blijven.
Licht
Zonnig
Potgrond
Cactusgrond
Zuurtegraad
Neutraal
Water geven
Weinig
Grootte
0,8 m hoog, 0,6 m breed
Temperatuur
Minimum 12 °C

Mooi samen met

  • Madagaskarpalm: Een verwante vetplant met een dikke, stekelige stam en dezelfde verzorging.
  • Aloë: Vlezige rozetten die net zo graag zon en weinig water krijgen.
  • Cactussen: Een groepje op dezelfde zonnige vensterbank, met dezelfde droge winterrust.
  • Jadeplant: Een groenblijvende vetplant die naast de kale woestijnroos in de winter groen blijft.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een woestijnroos?

Planten in maart–april.

  1. Verpot in maart–april, aan het begin van de groeiperiode, om de twee à drie jaar.
  2. Kies een brede, eerder ondiepe pot met een groot drainagegat; terracotta droogt sneller op en is ideaal.
  3. Leg onderin een laag grind of kleikorrels en vul aan met cactusgrond gemengd met grof zand of perliet.
  4. Haal de plant met handschoenen uit de pot, schud de oude grond los en knip rotte of dode wortels weg.
  5. Zet de plant even diep of iets hoger, zodat de stamvoet mooi zichtbaar blijft.
  6. Wacht een week met water geven, zodat beschadigde wortels kunnen opdrogen.

Verzorgen

Water
Van april tot september grondig gieten zodra de grond bijna droog is. In de winter zo goed als niets, zeker als hij zijn blad verloren heeft.
Bemesten
Van april tot augustus eens per maand vloeibare mest voor cactussen of bloeiende planten, half gedoseerd.
Licht
Draai de pot af en toe, zodat hij gelijkmatig groeit.
Buiten zetten
Laat hem na de winter geleidelijk wennen aan de volle zon, anders verbrandt het blad.
Verpotten
Om de twee à drie jaar in maart–april, in verse, luchtige grond.

Tip: Geef hem de zonnigste plek van je huis en houd hem in de winter droog als hij zijn blad verliest. Draag handschoenen bij het snoeien en was daarna je handen: het melksap is zeer giftig.

Wanneer snoei je een woestijnroos?

Snoeimaanden: maart–april.

Wanneer: In maart–april, bij het begin van de groei. Snoeien is niet nodig, maar geeft een vollere, beter vertakte plant.

Hoe:

  • Knip te lange takken in tot boven een bladknoop; onder de snoeiwond lopen meestal enkele nieuwe takken uit.
  • Gebruik een scherp, schoon mes of snoeischaar en draag handschoenen.
  • Laat de wonden opdrogen en geef de week daarna minder water.
  • Gebruik gezonde afgesneden toppen als stek.

Let op: Het melksap is zeer giftig en irriteert huid en ogen. Draag handschoenen, wrijf niet in je ogen en was na het snoeien je handen en je gereedschap.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaad
Vers zaad kiemt vlot bij 25–30 °C, op het oppervlak van vochtige zaaigrond. Zaailingen vormen al snel een dikke stamvoet.
Stekken
In de zomer toppen van 10–15 cm afsnijden, enkele dagen laten drogen en in droge, zanderige grond zetten op een warme plek. Gestekte planten krijgen een minder dikke stamvoet.

Hoe komt een woestijnroos de winter door?

  • Houd hem binnen op een lichte plek en nooit kouder dan 12 °C: kou in combinatie met natte grond is dodelijk.
  • In de winter rust hij en verliest hij vaak een deel of al zijn blad: dat is normaal.
  • Geef dan bijna geen water, hooguit een klein beetje als de stamvoet begint te rimpelen.
  • Zet hem niet tegen een koude ruit of in de tocht. Geef in maart, als nieuwe blaadjes verschijnen, geleidelijk weer meer water.

Ziektes en plagen

  • Stamrot: Een zachte, bruine of zwarte stamvoet door te veel water of kou. Snij het rotte deel weg tot gezond weefsel, laat drogen en geef minder water.
  • Bladval: Geel blad en bladval in de herfst zijn normaal. In de zomer wijzen ze op te weinig licht, te veel water of een plotse verandering van plek.
  • Wolluis: Witte, wollige pluisjes in de bladoksels. Verwijder ze met een wattenstaafje gedrenkt in spiritus.
  • Spint: Fijne gele stippels en spinsel onder het blad bij droge, warme lucht. Spuit het blad geregeld af met lauw water.
  • Geen bloei: Te weinig zon of geen winterrust. Geef hem de zonnigste plek en laat hem in de winter droog en wat koeler rusten.

Het jaar rond

  • Januari: Rust. Bijna geen water, minimum 12 °C.
  • Februari: Rust. Licht en droog houden.
  • Maart: Snoeien en verpotten. Geleidelijk meer water geven bij nieuwe groei.
  • April: Verpotten of snoeien. Beginnen met bemesten.
  • Mei: Eerste bloei. Water geven zodra de grond bijna droog is.
  • Juni: Buiten zetten op een warme, zonnige plek. Bloei.
  • Juli: Volle bloei. Maandelijks bemesten. Stekken nemen.
  • Augustus: Bloei. Laatste keer bemesten.
  • September: Bloei. Binnen zetten voor de nachten afkoelen.
  • Oktober: Minder water geven. Het blad begint te vergelen.
  • November: Rust. Droog en licht, minimum 12 °C.
  • December: Rust. Bijna geen water.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. Alle delen van de woestijnroos zijn zeer giftig, vooral het witte melksap: het bevat hartglycosiden, stoffen die net als die van vingerhoedskruid sterk op het hart werken, en in Afrika werd het als pijlgif gebruikt. Inslikken geeft braken, buikpijn en diarree, en kan het hartritme ernstig verstoren; het sap irriteert ook huid en ogen. Zet de plant buiten het bereik van kinderen, katten en honden, ook als hij in de zomer buiten staat. Draag handschoenen bij het snoeien, stekken en verpotten, laat geen sap in je ogen komen en was daarna je handen en je gereedschap. Bel meteen je dierenarts als een dier ervan gegeten heeft. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Het melksap werd in delen van Afrika vroeger gebruikt om pijlpunten te vergiftigen.
  • De soortnaam obesum betekent ‘dik’ of ‘vet’, naar de opgezwollen stamvoet.
  • In Thailand en elders in Zuidoost-Azië worden talloze rassen gekweekt, met enkele, dubbele en zelfs gestreepte bloemen.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…