
Foto: Jerzy Opioła, CC BY-SA 4.0 · bron
Vaste plant · Saxifragaceae
Schoenlappersplant
Bergenia cordifolia
In andere talen: Bergénie à feuilles cordées (Français) · Heartleaf bergenia (English)
De schoenlappersplant komt uit het Altaigebergte in Siberië en Mongolië. Het is een stevige, groenblijvende vaste plant met grote, ronde tot hartvormige bladeren die leerachtig en glanzend zijn en in lage rozetten staan. Van maart tot mei staan trossen roze klokjes op dikke, roodachtige stengels boven het blad, en in de winter kleurt het blad rood tot paarsbruin. Hij groeit in zon en schaduw, op zand, leem en klei, en vormt met zijn kruipende wortelstokken een onverwoestbare bodembedekker. Het ras ‘Purpurea’ heeft magentaroze bloemen en kleurt in de winter extra donker.
Licht
Zon tot schaduw
niet kieskeurig
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -35 °C
Grootte
0,45 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
maart–mei
| Snoeimaanden | maart en juni |
|---|---|
| Hoogte | 0,45 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | maart–mei |
Herkennen
Hoe herken je een schoenlappersplant?
- Groeivorm
- Lage, brede pollen van ongeveer 45 cm hoog en 60 cm breed, die zich traag uitbreiden met dikke, kruipende wortelstokken.
- Blad
- Rond tot hartvormig, tot 30 cm lang, leerachtig en glanzend groen; in de winter rood tot paarsbruin.
- Bloem
- Trossen van klokvormige bloempjes op dikke, roodachtige stengels, van maart tot mei.
- Kleur
- Roze tot purperroze; bij ‘Purpurea’ dieper magentaroze.
- Wortels
- Dikke, vlezige wortelstokken die aan de oppervlakte kruipen en onderweg wortelen.
Bloei: maart–mei · Planten: maart–april en september–oktober · Snoeien: maart en juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groenblijvend: het grote, glanzende blad geeft de border het hele jaar structuur, ook in de winter.
- In de koude maanden kleurt het blad rood tot paarsbruin, het mooist in de zon en op schrale grond.
- Een van de eerste bloeiers voor hommels en bijen, al vanaf maart.
- Een sterke bodembedekker die onkruid onderdrukt, van volle zon tot diepe schaduw.
- Eens ingeworteld verdraagt hij droogte, wind en arme grond zonder klagen.
Waar staat een schoenlappersplant graag?
- Zon, halfschaduw of schaduw: hij groeit bijna overal, maar bloeit en kleurt het rijkst met wat zon.
- Elke grond is goed, van zand tot klei, en zuur, neutraal of kalkrijk.
- Droge tot gewone grond; vermijd plekken waar het water in de winter blijft staan.
- Reken op 40–50 cm tussen de planten, of 4–5 planten per m² als bodembedekker.
- Licht
- Zon, halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,45 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -35 °C)
Mooi samen met
- Elfenbloem: Ook groenblijvend en sterk in droge schaduw, met fijner blad naast het grote.
- Varens: Luchtig, fijn blad als contrast met de grote, ronde bladeren.
- Sneeuwklokje: Bloeit al vroeg tussen het wintergroene blad.
- Hosta: Neemt het in de zomer over in de schaduwborder.
- Siergrassen: Fijne, wuivende halmen naast het stevige blad, op een zonnige plek.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een schoenlappersplant?
Planten in maart–april en september–oktober.
- Plant in maart–april of in september–oktober, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Maak de grond los en haal wortelonkruid zoals kweekgras en zevenblad weg: tussen de pollen wieden is later lastig.
- Graaf een plantgat iets breder dan de pot en meng er wat compost door.
- Zet de plant even diep als in de pot; de wortelstok mag net aan de oppervlakte liggen.
- Geef meteen goed water en houd de grond de eerste weken licht vochtig.
- Leg tussen de jonge planten een dunne laag bladcompost of houtsnippers tot ze aaneensluiten.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte. Daarna alleen bij lange, hete droogte, vooral op een zonnige plek.
- Bemesten
- Een dun laagje compost in het voorjaar volstaat. Te veel mest geeft slap blad en minder winterkleur.
- Oud blad
- Haal in maart bruin, gescheurd of door vorst beschadigd blad aan de voet weg.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip de bloemstengels na de bloei zo laag mogelijk af; dan blijft de pol netjes.
- Verjongen
- Worden de pollen na 4–5 jaar kaal in het midden, steek ze dan op, deel ze en plant de jonge stukken opnieuw.
Tip: Wil je een felle winterkleur, zet hem dan in de zon op schrale grond en bemest weinig: in rijke grond in de schaduw blijft het blad groener.
Wanneer snoei je een schoenlappersplant?
Snoeimaanden: maart en juni.
Wanneer: Echt snoeien hoeft niet. In maart ruim je oud blad op en in juni knip je de uitgebloeide bloemstengels af.
Hoe:
- Knip of trek bruin, gescheurd en beschadigd blad aan de voet weg, zodat het nieuwe blad ruimte krijgt.
- Knip uitgebloeide bloemstengels zo laag mogelijk af.
- Lange, kale wortelstokken mag je inkorten; de afgesneden stukken kan je als stek gebruiken.
Let op: Snoei het blad niet weg in de herfst: het beschermt de plant en is in de winter juist op zijn mooist.
Vermeerderen
- Delen
- Na de bloei of in september: steek een pol op, snijd de wortelstok in stukken met elk een rozet en eigen wortels en plant ze opnieuw.
- Wortelstokstekken
- In de herfst of winter: snijd stukken wortelstok van 5 cm met een slapende knop, leg ze half in vochtige stekgrond en zet ze koel en licht. In het voorjaar lopen ze uit.
Hoe komt een schoenlappersplant de winter door?
Winterhard tot −35 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −35 °C: in België is bescherming nooit nodig.
- Het blad blijft de hele winter staan en kleurt rood door de kou.
- Late nachtvorst kan de vroege bloemen bruin kleuren; de plant zelf lijdt er niet onder.
- In een pot overwintert hij gewoon buiten, als het water goed weg kan.
Ziektes en plagen
- Taxuskever: Halvemaanvormige hapjes uit de bladranden; de witte larven eten de wortels. Zet in het voorjaar of eind zomer aaltjes in tegen de larven en raap de kevers ’s avonds weg.
- Slakken: Gaten in jong blad in het voorjaar. Raap ze ’s avonds weg of leg een plank als val.
- Bladvlekken: Bruine vlekken op het blad, vooral in natte grond en bij vochtig weer. Knip aangetast blad weg en geef de planten wat meer lucht.
- Wortelrot: In blijvend natte grond worden de wortelstokken zacht en rot. Snijd rotte delen weg en plant op een drogere plek.
- Weinig bloei: Meestal te veel schaduw of te veel mest. Geef meer licht en bemest minder.
Het jaar rond
- Februari: De bloemknoppen zitten al tussen het blad. Let op slakken.
- Maart: Begin van de bloei. Oud en beschadigd blad wegknippen. Compost geven.
- April: Volle bloei. Planten.
- Mei: Laatste bloemen. Aaltjes inzetten tegen taxuskeverlarven.
- Juni: Uitgebloeide bloemstengels afknippen. Delen.
- Juli: Water geven bij lange droogte.
- September: Planten en delen.
- Oktober: Planten. Het blad begint rood te kleuren.
- December: Rood winterblad. Niet snoeien.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In het Engels heet hij ook ‘pigsqueak’: wrijf je een blad tussen duim en vingers, dan maakt het een piepend geluid.
- Het geslacht is genoemd naar de Duitse arts en plantkundige Karl August von Bergen, uit de 18e eeuw.
- Door het grote, ronde blad heet hij in Engeland ook ‘elephant’s ears’, olifantsoren.