
Foto: Relly Komaruzaman, CC BY-SA 4.0 · bron
Eenjarige plant · Asteraceae
Cosmos
Cosmos sulphureus
In andere talen: Cosmos soufré (Français) · Sulphur cosmos (English)
Cosmos sulphureus is een eenjarige uit Mexico en Midden-Amerika, die tot in het noorden van Zuid-Amerika voorkomt. Hij wordt ongeveer 80 cm hoog en draagt van juli tot de eerste vorst talloze enkele of halfgevulde bloemen van 4–6 cm in warm geel, oranje en oranjerood. Het blad is fijn ingesneden, maar breder dan bij de bekende roze cosmos. Tuiniers houden van hem omdat hij maandenlang bloeit, bijen en vlinders lokt en het goed doet op arme, droge grond. Er zijn lage rassen van 30–40 cm voor potten en de voorkant van de border, en hogere voor de snijbloementuin.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand of leem
elke zuurtegraad
Winterhard
tot 0 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
0,8 m
hoog, 0,4 m breed
Bloei
juli–oktober
| Hoogte | 0,8 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een cosmos?
- Groeivorm
- Losse, vertakte eenjarige van ongeveer 80 cm hoog en 40 cm breed.
- Blad
- Tegenoverstaand, diep ingesneden in smalle slippen, frisgroen; breder dan bij de roze cosmos.
- Bloem
- Enkele of halfgevulde bloemhoofdjes van 4–6 cm op lange stelen, van juli tot oktober.
- Kleur
- Geel, goudgeel, oranje en oranjerood, met een geel hart.
- Zaad
- Lange, smalle zaden met kleine haakjes aan de top, die makkelijk aan kleren blijven hangen.
Bloei: juli–oktober · Zaaien: maart–mei · Planten: mei–juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit onafgebroken van juli tot de eerste vorst, zeker als je geregeld plukt.
- Bijen en vlinders vliegen af en aan op de open bloemen.
- Groeit goed op arme, droge grond en verdraagt een droge zomer.
- Een vrolijke, lichte snijbloem voor boeketten.
- Makkelijk uit zaad: hij kiemt snel en bloeit al enkele weken na het uitplanten.
Waar staat een cosmos graag?
- Volle zon: in de schaduw bloeit hij nauwelijks en vallen de stengels om.
- Arme tot gewone, goed doorlatende zand- of leemgrond, zuur tot kalkrijk. Rijke grond geeft veel blad en weinig bloemen.
- Droog tot normaal vochtig; eenmaal geworteld verdraagt hij droogte goed.
- Reken op 30–40 cm tussen de planten; lage rassen kunnen dichter staan.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,8 m hoog, 0,4 m breed
- Winterhard
- Vorstgevoelig: pas buiten na de laatste nachtvorst (half mei)
Mooi samen met
- Patagonisch ijzerhard: Paarse bloemhoofdjes op hoge, ijle stengels, ook geliefd bij vlinders.
- Zinnia: Bloeit tegelijk in warme kleuren en is ook een goede snijbloem.
- Meelsalie: Blauwe aren als koel contrast naast de oranje bloemen.
- Kogeldistel: Blauwe bollen op dezelfde droge, zonnige plek, een magneet voor bijen.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een cosmos?
Planten in mei–juni.
- Zaai in maart of april binnen bij 18–20 °C, ongeveer 0,5 cm diep. Na ongeveer een week komen de zaailingen op.
- Verspeen ze in aparte potjes als ze twee echte blaadjes hebben, en laat ze op een lichte, koele plek verder groeien.
- Of zaai in mei ter plaatse in losse grond, en dun daarna uit tot 30–40 cm.
- Plant voorgekweekte planten eind mei of in juni uit, na de IJsheiligen, even diep als in het potje.
- Geef na het planten water, maar mest niet bij: arme grond geeft de rijkste bloei.
Verzorgen
- Water
- De eerste weken na het planten water geven bij droogte. Daarna alleen bij langdurige droogte; in een pot regelmatig.
- Bemesten
- Niet nodig in de volle grond: te veel mest geeft blad in plaats van bloemen. In een pot af en toe een beetje mest voor bloeiende planten.
- Toppen
- Knip de top van jonge planten één keer weg als ze ongeveer 20 cm hoog zijn: dan vertakken ze beter.
- Plukken
- Pluk geregeld bloemen voor de vaas en knip uitgebloeide bloemen weg: zo blijft hij nieuwe knoppen maken.
- Steun
- Hoge rassen op een winderige plek met een paar stokjes of takken steunen.
Tip: Zaai in april binnen of in mei ter plaatse in arme grond: te veel mest geeft blad in plaats van bloemen. Pluk geregeld, dan blijft hij bloeien.
Wanneer snoei je een cosmos?
Wanneer: Cosmos wordt niet gesnoeid. Je toppt jonge planten één keer in juni, knipt uitgebloeide bloemen weg van juli tot oktober en ruimt de planten op na de eerste vorst.
Hoe:
- Top jonge planten één keer net boven een bladpaar als ze ongeveer 20 cm hoog zijn.
- Knip uitgebloeide bloemen met de steel weg tot net boven een blad of zijscheut.
- Laat in september een paar bloemen uitbloeien als je zaad wilt oogsten.
- Trek de planten na de eerste vorst uit en zet ze op de composthoop.
Vermeerderen
- Zaad
- Laat in september een paar bloemhoofdjes op de plant verdrogen en pluk de zaden als ze bruin zijn. Bewaar ze droog en koel en zaai in maart–april binnen of in mei buiten.
- Zelf uitzaaien
- Na een warme zomer zaait hij zich soms uit. Verplant de zaailingen in mei naar de plek waar je ze wilt.
Hoe komt een cosmos de winter door?
Winterhard tot 0 °C: beschermen in strenge winters.
- Niet winterhard: de plant sterft bij de eerste vorst af. Hij is eenjarig en hoeft niet te overwinteren.
- Laat een paar uitgebloeide planten staan: vogels pikken graag de zaden uit de hoofdjes.
- Bewaar eigen zaad droog en koel, in een papieren zakje, tot het voorjaar.
Ziektes en plagen
- Slakken: Eten jonge zaailingen in één nacht op. Plant stevige planten uit en raap slakken ’s avonds weg.
- Bladluis: Op de jonge toppen en knoppen. Spuit ze af met water; lieveheersbeestjes en zweefvliegen helpen.
- Veel blad, weinig bloemen: Te rijke grond of te veel mest. Plant op een arme, zonnige plek en bemest niet.
- Meeldauw: Wit poeder op de bladeren in de nazomer. Laat genoeg ruimte tussen de planten en knip aangetaste bladeren weg.
Het jaar rond
- Maart: Binnen zaaien bij 18–20 °C.
- April: Binnen zaaien. Zaailingen verspenen.
- Mei: Ter plaatse zaaien. Voorgekweekte planten laten wennen buiten.
- Juni: Uitplanten na de IJsheiligen. Jonge planten één keer toppen.
- Juli: Eerste bloei. Bijen en vlinders op bezoek. Bloemen plukken.
- Augustus: Volle bloei. Uitgebloeide bloemen wegknippen. Water bij lange droogte.
- September: Bloei. Zaad oogsten van uitgebloeide hoofdjes.
- Oktober: Laatste bloei. Na de eerste vorst de planten opruimen.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam cosmos komt van het Griekse ‘kosmos’, orde of versiering. Volgens de overlevering kozen Spaanse priesters in Mexico die naam om de regelmatige stand van de bloemblaadjes.
- Sulphureus betekent in het Latijn ‘zwavelgeel’, naar de gele bloemen van de wilde plant.
- Cosmos is familie van de dahlia, die ook uit Mexico komt.