
Foto: Meneerke bloem, CC BY-SA 3.0 · bron
Bol- of knolgewas · Iridaceae
Crocus goulimyi
In andere talen: Goulimy's crocus (English)
Crocus goulimyi is een herfstkrokus uit het zuiden van Griekenland, die vooral op de Peloponnesos voorkomt. Zoals het hoort bij een herfstbloeier, verschijnen de bloemen in oktober–november: lavendelblauwe tot lila bloemen op een lange, witte bloembuis die als een slank glas uit de grond omhoog komt. Het smalle, grasachtige blad komt rond of kort na de bloei en blijft tot in het voorjaar groen. Hij is een warmteminnende soort en doet het het best op een zonnige, droge plek met goed doorlatende grond, of in een pot die je in de winter beschermt. Een mooie kleine herfstgast voor de rotstuin of een warm hoekje.
Let op: Giftig: de knollen en andere delen van krokussen zijn licht giftig voor honden, katten en kinderen en kunnen maag- en darmklachten geven. Laat ze niet opeten. Verwar hem niet met herfsttijloos (Colchicum), dat veel giftiger is.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog
verdraagt droogte
Grond
Zand of leem
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
tot -12 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
0,1 m
hoog, 0,05 m breed
Bloei
oktober–november
| Hoogte | 0,1 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | oktober–november |
Herkennen
Hoe herken je een Crocus goulimyi?
- Groeivorm
- Kleine knolbloem van ongeveer 10 cm hoog, met bloemen die op lange, slanke buizen boven de grond staan.
- Blad
- Smal en grasachtig, donkergroen met een lichte middenstreep; verschijnt rond of na de bloei en blijft de winter groen.
- Bloem
- Lavendelblauwe tot lila bloemen met een lange, witte buis, in oktober–november.
- Bol/knol
- Een kleine, ronde knol (cormus), bedekt met een bruine vezelige schil.
- Rust
- Zomerrust: van mei–juni tot de herfst rust de knol onder de grond; het blad is dan verdord.
Bloei: oktober–november · Planten: juli–augustus
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit laat in het jaar, in oktober–november, als de meeste tuinbloemen al voorbij zijn.
- Elegante lila-blauwe bloemen met een lange, witte buis.
- Een van de laatste nectar- en stuifmeelbronnen voor bijen in de late herfst.
- Houdt van droogte en zon en past dus in een rotstuin, grindtuin of een warm hoekje.
- Klein en makkelijk te combineren, ook in potten en bakken.
Waar staat een Crocus goulimyi graag?
- Volle zon op een warme, beschutte plek, bijvoorbeeld tegen een zuidmuur of in een rotstuin.
- Goed doorlatende zand- of leemgrond, neutraal tot kalkrijk; meng zware grond met grof zand of grind.
- Droog tot licht vochtig; vooral in de zomerrust moet de grond droog blijven. Natte winters zijn de grootste vijand.
- Reken op 8–10 cm tussen de knollen; plant ze in groepjes van 10 of meer voor het mooiste effect.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Droog
- Grootte
- 0,1 m hoog, 0,05 m breed
- Winterhard
- Matig winterhard (tot -12 °C): bescherm hem in strenge winters
Mooi samen met
- Herfsttijloos: Een andere herfstbloeier met grote bloemen op de grond.
- Vetkruid: Droogtetolerante vaste plant met late bloei, past in een rotstuin.
- Lavendel: Zonminnend en van droge grond houdend.
- Siergras: Zachte pluimen die de bloembuizen mooi doen uitkomen.
- Tijm: Laag, geurend kruid dat dezelfde droge, zonnige grond verdraagt.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Crocus goulimyi?
Planten in juli–augustus.
- Plant de knollen in juli–augustus, zo vroeg mogelijk, voor ze uitdrogen of al uitlopen.
- Graaf een plantgat of plantvak en maak de grond los; zorg voor goed doorlatende grond met zand of grind.
- Plant de knollen 8–10 cm diep, met de punt naar boven.
- Houd 8–10 cm afstand tussen de knollen en plant liefst in groepjes.
- Geef na het planten niet te veel water; de knollen komen vanzelf uit de rust bij herfstregen. Een laag grind bovenop houdt de grond droog.
Verzorgen
- Water
- In de zomer niet water geven. In de herfst en winter volstaat de regen; een pot houd je vanaf september licht vochtig.
- Bemesten
- Niet echt nodig. Eventueel in het najaar een beetje kali-rijke meststof of compost over de grond.
- Mulchen
- Een laagje grof zand of fijn grind rond de planten houdt de grond droog en de bloemen schoon.
- Blad laten staan
- Laat het blad na de bloei en in het voorjaar staan; de knol laadt zich op tot het blad in mei–juni afsterft.
- Beschutting
- In een nat klimaat helpt een plekje onder een dakrand, in een koude bak of een pot onder glas om de knollen droog te houden.
Tip: Plant de knollen zo vroeg mogelijk in juli–augustus op een zonnig, droog plekje, en houd het in de zomer en winter droog. In een pot kun je hem makkelijk beschutten.
Wanneer snoei je een Crocus goulimyi?
Wanneer: Snoeien is niet nodig; knip de bloemen en het blad alleen weg als ze verdord zijn.
Hoe:
- Laat het blad natuurlijk afsterven, meestal in mei–juni; knip het pas weg als het geel en slap is.
- Verwijder verwelkte bloemen als je het netjes wilt houden, maar laat het blad intact.
- Verwijder in de herfst dood blad en onkruid, zodat de bloemen vrij staan.
Let op: Snijd het groene blad niet te vroeg weg: de knol heeft het nodig om voor volgend jaar energie op te slaan.
Vermeerderen
- Knolletjes delen
- Rooi de groepjes na het afsterven van het blad (mei–juni) of als ze te dicht staan, ongeveer om de 3–4 jaar. Haal de dochterknolletjes los en plant ze meteen in juli–augustus.
- Zaaien
- Zaai verse zaden in het voorjaar of de herfst in potten met zanderige grond. Het duurt enkele jaren voor de zaailingen bloeien.
Hoe komt een Crocus goulimyi de winter door?
Winterhard tot −12 °C: beschermen in strenge winters.
- Winterhard tot ongeveer −12 °C: in Vlaanderen verdraagt hij de meeste winters, maar nattigheid is gevaarlijker dan vorst.
- Geef de knollen een droge, beschutte plek of een pot die je tegen een muur, onder een afdak of in een koude bak zet.
- Bedek de plek bij strenge vorst licht met een laag dor blad of dennentakken, maar haal dit weg bij mild weer.
Ziektes en plagen
- Muizen en woelmuizen: Ze eten de knollen op. Plant in mandjes van gaas of kies een plek waar ze minder komen.
- Knolrot: Zachte, vuile knollen op natte grond. Zorg voor drainage met grind en zand en geef in de zomer geen water.
- Vogels en slakken: Mussen scheuren bloemen aan flarden, slakken knabbelen aan bloemen in vochtig weer. Bescherm met een gaasje of verzamel de slakken.
- Geen bloei: Te weinig zon in de zomer, te laat geplant of te natte grond. Zorg voor een zonnige, droge plek en plant in juli–augustus.
Het jaar rond
- Januari: Blad verschijnt of staat al. Houd het droog.
- Februari: Blad groeit. Controleren of de grond niet te nat is.
- Maart: Blad groeit door.
- April: Blad laten staan.
- Mei: Blad sterft af. Knollen eventueel rooien en delen.
- Juni: Zomerrust: droog houden.
- Juli: Knollen planten. Droog houden.
- Augustus: Knollen planten.
- September: Eerste herfstregen. Pot licht vochtig houden.
- Oktober: Bloei begint.
- November: Volle bloei. Pot beschermen bij vorst.
- December: Rust. Droog houden.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Ook deze herfstbloeiende krokussen zijn licht giftig: wie een knol of blad opeet, kan maag- en darmklachten krijgen, met braken en diarree, en ook honden en katten worden er ziek van. Ze bloeien in de herfst, net als de saffraankrokus en de zeer giftige herfsttijloos (Colchicum), en lijken op allebei. Saffraan komt enkel van de saffraankrokus (Crocus sativus), met drie lange, rode stempels: pluk geen saffraan van deze krokussen, en wil je saffraan, kweek dan krokussen die als Crocus sativus verkocht zijn. Herfsttijloos, die soms ook herfstkrokus heet, is geen krokus en heeft zes meeldraden in plaats van drie. Je plant ze in de zomer, net als de saffraankrokus en herfsttijloos: houd de knollen apart en gelabeld, en buiten het bereik van kinderen en huisdieren. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Crocus goulimyi is genoemd naar Constantine Goulimis, een Griekse plantenliefhebber die de soort in de jaren 1950 in Griekenland vond.
- Krokussen horen tot de irisfamilie (Iridaceae), en niet tot de lelie- of herfsttijlozenfamilie, al lijken de herfsttijloos en de herfstkrokus erg op elkaar.
- Elk jaar vormt zich een nieuwe knol bovenop de oude, die verschrompelt: de plant ‘klimt’ dus langzaam omhoog.