
Foto: Sydenham Edwards, Public domain · bron
Vaste plant · Ranunculaceae
Chinese ridderspoor
Delphinium grandiflorum
In andere talen: Dauphinelle à grandes fleurs (Français) · Chinese delphinium (English)
De Chinese ridderspoor komt uit Siberië, Mongolië en Noord-China, waar hij op droge graslanden en rotsige hellingen groeit. Hij is veel kleiner en fijner dan de bekende hoge ridderspoor: een losse, vertakte plant van 30–60 cm met fijn ingesneden blad. Van juni tot september draagt hij losse trossen felblauwe bloemen met een spoor, een kleur die je bij weinig andere planten vindt. Hij is kortlevend en gaat meestal maar twee à drie jaar mee, maar bloeit al in het eerste jaar als je vroeg zaait. Het bekendste ras is ‘Blue Butterfly’, met diep gentiaanblauwe bloemen.
Let op: Alle delen zijn giftig bij inname, vooral de zaden. Let op met kleine kinderen, huisdieren en grazende dieren, en draag handschoenen bij het snoeien.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand of leem
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
0,5 m
hoog, 0,3 m breed
Bloei
juni–september
| Snoeimaanden | juli en oktober |
|---|---|
| Hoogte | 0,5 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | juni–september |
Herkennen
Hoe herken je een Chinese ridderspoor?
- Groeivorm
- Losse, vertakte pol van 30–60 cm hoog en ongeveer 30 cm breed.
- Blad
- Fijn ingesneden in smalle, bijna draadvormige slippen; frisgroen.
- Bloem
- Bloemen van 3–4 cm met een spoor achteraan, in losse trossen aan de toppen van de stengels.
- Kleur
- Meestal helder gentiaanblauw; er zijn ook witte en lichtblauwe vormen.
- Levensduur
- Kortlevend: na twee tot drie jaar verdwijnt de plant vaak.
Bloei: juni–september · Zaaien: februari–maart · Planten: april–mei · Snoeien: juli en oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de zuiverste blauwe kleuren in de border, van juni tot september.
- Bloeit al het eerste jaar uit zaad en is dus makkelijk zelf op te kweken.
- Hommels en bijen bezoeken de bloemen graag.
- Een sierlijke snijbloem voor kleine, luchtige boeketten.
- Compact genoeg voor de voorkant van de border en voor potten.
Waar staat een Chinese ridderspoor graag?
- Volle zon; in de schaduw worden de stengels slap en bloeit hij weinig.
- Goed doorlatende, niet te zware grond: zand of leem, zuur tot kalkrijk.
- Gelijkmatig vochtig, maar zonder natte voeten in de winter.
- Plant op 25–30 cm uit elkaar, vooraan in de border of in een pot.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,5 m hoog, 0,3 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Margriet: Wit naast blauw: een frisse, klassieke combinatie.
- Kattenkruid: Lage, lavendelblauwe bloemen aan de voet.
- Duizendblad: Platte schermen in geel of roze naast de blauwe trossen.
- Rozen: Blauwe accenten tussen roze en witte struikrozen.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Chinese ridderspoor?
Planten in april–mei.
- Zaai binnen in februari–maart en zet de jonge planten buiten in april–mei.
- Maak een plantgat iets groter dan de kluit en meng er wat compost door; in zwaardere grond ook wat grof zand.
- Zet de plant even diep als in de pot, niet dieper: een te diep geplant hart rot makkelijk.
- Plant op 25–30 cm afstand.
- Geef goed water en bescherm de jonge plantjes de eerste weken tegen slakken.
Verzorgen
- Water
- Bij droogte regelmatig water geven, aan de voet en niet over het blad.
- Bemesten
- In het voorjaar wat compost; na de eerste bloei wat organische mest voor een tweede bloeigolf.
- Steun
- Op een winderige plek een paar takjes of een lage plantensteun plaatsen.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip uitgebloeide trossen weg; na de eerste bloei de hele plant terugknippen voor een tweede golf.
- Opnieuw zaaien
- Zaai om de twee jaar nieuwe planten om de oudste te vervangen.
Tip: Zaai om het jaar een nieuwe lichting in februari: zo heb je altijd bloeiende planten, ook als de oudste verdwijnen.
Wanneer snoei je een Chinese ridderspoor?
Snoeimaanden: juli en oktober.
Wanneer: In juli, na de eerste bloei, terugknippen voor een tweede bloeigolf; in oktober de afgestorven stengels weghalen.
Hoe:
- Knip na de eerste bloei alle bloeistengels terug tot net boven het blad aan de voet.
- Geef daarna water en een beetje mest: in augustus–september volgt een tweede bloei.
- Knip in oktober, als de plant afsterft, de stengels terug tot een paar centimeter boven de grond.
- Draag handschoenen bij het snoeien, want de plant is giftig.
Let op: Knip na de eerste bloei niet in de bladrozet aan de voet: daaruit groeien de nieuwe bloeistengels.
Vermeerderen
- Zaaien
- In februari–maart binnen bij 15–20 °C; dek het zaad licht af. Vers zaad kiemt het best: bewaar zaad koel en droog, bijvoorbeeld in de koelkast.
- Stekken
- In april stekjes van jonge scheuten aan de voet nemen, met een stukje van de wortelstok, en in zanderige stekgrond zetten.
Hoe komt een Chinese ridderspoor de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Winterhard tot ongeveer −30 °C: vorst is geen probleem.
- Natte grond in de winter is wel gevaarlijk: het hart rot weg. Kies daarom een goed doorlatende plek.
- In een pot: zet hem beschut tegen de regen en geef nauwelijks water tot het voorjaar.
Ziektes en plagen
- Slakken: Vreten de jonge scheuten in het voorjaar kaal. Raap ze ’s avonds en plant pas uit als de plantjes wat steviger zijn.
- Meeldauw: Wit poeder op het blad in de nazomer. Geef water aan de voet, laat ruimte tussen de planten en knip aangetast blad weg.
- Uitvallen: De plant verdwijnt na twee tot drie jaar. Dat is normaal: zaai regelmatig nieuwe planten.
- Wortelrot: Gele, slappe planten in natte grond. Plant op een drogere plek of in een verhoogd bed.
Het jaar rond
- Februari: Binnen zaaien.
- Maart: Binnen zaaien. Zaailingen verspenen.
- April: Uitplanten. Beschermen tegen slakken. Stekken nemen.
- Mei: Uitplanten. Steun plaatsen op een winderige plek.
- Juni: Begin van de bloei. Bloemen snijden voor een boeket.
- Juli: Na de eerste bloei terugknippen en bemesten.
- Augustus: Tweede bloeigolf. Water geven bij droogte.
- September: Laatste bloemen. Eventueel zaad oogsten.
- Oktober: Afgestorven stengels terugknippen.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Alle delen van ridderspoor zijn giftig, vooral de zaden en de jonge plant: ze bevatten alkaloïden die verwant zijn aan die van monnikskap en op zenuwen en spieren werken. Inslikken geeft een tintelend of branderig gevoel in de mond, braken en buikpijn, en bij grotere hoeveelheden spierzwakte en een trage of onregelmatige hartslag. Bij koeien is ridderspoor een bekende oorzaak van vergiftiging, en ook andere grazende dieren lopen risico: plant hem niet in of naast een weide en gooi snoeiafval en uitgebloeide stengels nooit in een weide of hok. Houd jonge kinderen, honden en katten weg, ook van de zaden en van een vaas met afgesneden bloemen, en draag handschoenen bij het snoeien. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam Delphinium komt van het Griekse woord voor dolfijn: de bloemknop lijkt op een dolfijntje.
- De naam ridderspoor verwijst naar het lange spoor achteraan de bloem, zoals de spoor aan de laars van een ridder.
- Ondanks de naam komt hij niet alleen uit China, maar ook uit Siberië en Mongolië.