
Foto: André Karwath aka Aka, CC BY-SA 2.5 · bron
Heester · Ericaceae
Heide
Erica vagans
In andere talen: Bruyère vagabonde (Français) · Cornish heath (English)
Deze heide, Erica vagans of Cornwallheide, is een lage, groenblijvende dwergstruik uit het westen van Europa: van Cornwall en Bretagne tot in het noorden van Spanje. Hij wordt zo’n 30–40 cm hoog en 50–60 cm breed, met fijne, naaldvormige blaadjes in kransjes. Van augustus tot in oktober draagt hij dichte aren vol kleine klokjes in roze, lila, roodpaars of wit, met donkere meeldraden die net uit de bloem steken. Tuiniers houden van hem omdat hij laat bloeit, bijen voedsel geeft als er weinig anders meer bloeit en minder zure grond nodig heeft dan struikhei. Bekende rassen zijn ‘Mrs D.F. Maxwell’ (dieproze), ‘Lyonesse’ (wit) en ‘St Keverne’ (zalmroze).
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -20 °C
Grootte
0,4 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
augustus–oktober
| Snoeimaanden | maart–april |
|---|---|
| Hoogte | 0,4 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | augustus–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een heide?
- Groeivorm
- Lage, dichte, kussenvormige dwergstruik van 30–40 cm hoog en 50–60 cm breed.
- Blad
- Fijne, naaldvormige blaadjes van ongeveer 1 cm, in kransjes van vier of vijf; frisgroen tot donkergroen, het hele jaar door.
- Bloem
- Kleine klokjes in dichte, rechtopstaande aren tot 15 cm lang, van augustus tot oktober. De bruine meeldraden steken uit de bloem.
- Kleur
- Roze, lila, roodpaars of wit, afhankelijk van het ras. Er bestaan ook rassen met geelgroen blad.
- Wortels
- Fijn en ondiep, zoals bij alle heideachtigen: ze houden van luchtige, humusrijke grond en drogen snel uit.
Bloei: augustus–oktober · Planten: maart–april en september–oktober · Snoeien: maart–april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit van augustus tot in oktober, als de meeste heesters al lang uitgebloeid zijn.
- Een belangrijke nectarbron voor bijen, hommels en zweefvliegen in de nazomer.
- Groenblijvend: het hele jaar een frisgroene, dichte pol, ook mooi op een helling of langs een pad.
- Verdraagt neutrale grond beter dan struikhei en is dus makkelijker in een gewone tuin.
- De uitgebloeide aren kleuren roestbruin en blijven de hele winter sierlijk staan.
- Weinig werk: één scheerbeurt per jaar in het voorjaar houdt hem compact.
Waar staat een heide graag?
- Zon of lichte halfschaduw; in volle zon bloeit hij het rijkst en blijft hij het meest compact.
- Luchtige, humusrijke grond: zand, leem of veen, zuur tot neutraal. Kalkrijke grond vermijd je beter.
- Normaal vochtige grond die goed doorlaat: geen natte voeten in de winter, maar ook niet uitdrogen in de zomer.
- Een open plek met veel licht en lucht; onder bomen wordt hij ijl en bloeit hij slecht.
- Plant 40–50 cm uit elkaar, in groepen van drie tot vijf, voor een gesloten tapijt.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,4 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -20 °C)
Mooi samen met
- Struikhei: Bloeit in dezelfde periode in andere tinten en vraagt dezelfde luchtige, zure grond.
- Winterheide: Neemt de bloei over van december tot april, zodat er bijna het hele jaar heide bloeit.
- Dwergconiferen: Geven hoogte en vorm tussen de lage heidekussens.
- Pijpenstrootje: Een inheems heidegras dat beweging en herfstkleur brengt.
- Dwergrododendron: Lage, groenblijvende struik met voorjaarsbloei op dezelfde zure grond.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een heide?
Planten in maart–april en september–oktober.
- Plant in maart–april of in september–oktober, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er bladcompost of zure potgrond voor heideplanten door.
- Zet de plant even diep of een tikje dieper dan in de pot, zodat de onderste takjes op de grond rusten, en druk goed aan.
- Houd 40–50 cm tussen de planten.
- Geef meteen ruim water, liefst regenwater.
- Mulch met naaldenstrooisel, fijne schors of bladcompost om de grond koel, vochtig en licht zuur te houden.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig bij droogte, liefst met regenwater. Daarna alleen in lange droge periodes: de fijne wortels drogen snel uit.
- Bemesten
- Nauwelijks nodig. Hooguit in april een dun laagje bladcompost of wat organische mest voor zuurminnende planten.
- Mulchen
- Elk voorjaar een dunne laag naaldenstrooisel of fijne schors tussen de planten houdt onkruid weg en de grond vochtig.
- Onkruid
- Wied met de hand tussen jonge planten; schoffelen beschadigt de ondiepe wortels.
- Uitgebloeide bloemen
- Laat de roestbruine aren de winter over staan: ze zijn sierlijk en beschermen de plant. Knip ze pas in het voorjaar weg.
Tip: Wil je heide op een minder zure grond? Kies dan deze soort: hij verdraagt neutrale grond veel beter dan struikhei. Knip in het voorjaar de oude aren weg, maar blijf altijd in het groen.
Wanneer snoei je een heide?
Snoeimaanden: maart–april.
Wanneer: In maart–april, net voor de nieuwe groei begint en als de strengste vorst voorbij is.
Hoe:
- Knip of scheer de oude bloeiaren weg, net onder de uitgebloeide bloemetjes.
- Blijf in het groen: knip nooit in het kale, oude hout, want daar loopt heide zelden opnieuw uit.
- Een grote groep houd je snel bij met een heggenschaar.
- Jaarlijks snoeien houdt de plant dicht en voorkomt een kale, uitgezakte pol met een open midden.
Let op: Een verwaarloosde, kale heideplant herstelt zelden na een harde snoei in oud hout; vervang hem dan liever door een jonge plant.
Vermeerderen
- Stekken
- In augustus–september topstekjes van 3–5 cm van niet-bloeiende scheuten nemen, onderste blaadjes weg, in een mengsel van zure stekgrond en zand onder plastic. In het voorjaar uitplanten.
- Afleggen
- In het voorjaar een lage tak tegen de grond drukken, met wat zand en compost bedekken en vastpinnen; na een jaar loskoppelen en verplanten.
Hoe komt een heide de winter door?
Winterhard tot −20 °C.
- Goed winterhard, tot ongeveer −20 °C: in Belgische tuinen is geen bescherming nodig.
- De bruine, uitgebloeide aren blijven staan en geven structuur in de wintertuin.
- Koude, drogende oostenwind kan het blad bruin kleuren; meestal loopt de plant in het voorjaar weer gewoon uit.
- In een pot of bak: zet hem beschut, wikkel de pot in jute en geef op vorstvrije, droge dagen een beetje water.
Ziektes en plagen
- Wortelrot: Plots verdorde, bruine takken op natte, zware grond. Kies een goed doorlatende plek en haal aangetaste planten weg.
- Kale pol: Het midden valt open en de plant wordt houtig. Komt door jarenlang niet snoeien; vervang een te oude plant door een jonge.
- Geel blad: Gele blaadjes op kalkrijke grond of door kalkrijk leidingwater. Werk zure bladcompost in en geef regenwater.
- Taxuskever: Vooral in potten en bakken: de larven vreten aan de wortels en de plant verwelkt. Zet in de late zomer aaltjes (nematoden) in.
Het jaar rond
- Maart: Oude bloeiaren wegknippen. Planten.
- April: Laatste snoeibeurt. Planten. Dun laagje mulch aanbrengen.
- Mei: Nieuwe scheuten. Onkruid met de hand wieden.
- Juni: Water geven bij droogte, liefst regenwater.
- Juli: Water geven bij droogte. De bloeiaren vormen zich.
- Augustus: Begin van de bloei. Stekken nemen.
- September: Volle bloei, druk bezocht door bijen. Planten.
- Oktober: Laatste bloei. Planten.
- November: Uitgebloeide aren laten staan.
- December: Rust. De roestbruine aren sieren de wintertuin.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Erica vagans werd in 2002 in een publieksstemming gekozen tot graafschapsbloem van Cornwall.
- In het wild groeit hij in Cornwall vooral op het schiereiland The Lizard, op bodems van serpentijngesteente die minder zuur zijn dan gewone heidegrond.
- De soortnaam vagans betekent ‘zwervend’ of ‘dwalend’.