
Foto: Frank Vassen from Brussels, Belgium, CC BY 2.0 · bron
Dwergstruik · Heidefamilie (Ericaceae)
Gewone dophei
Erica tetralix · ook: Dopheide
De gewone dophei is een laag, inheems heideplantje van 20–50 cm, met grijsgroene naaldblaadjes in kransjes van vier en tuiltjes roze klokjes aan de toppen, van juni tot september. Hij groeit van nature op natte, zure heide en in hoogvenen, en is in het wild zeldzaam geworden. In de tuin lukt hij alleen op een zonnige plek met zure grond die altijd vochtig blijft: aan de rand van een vijver of in een natte heidetuin. Daar trekt hij bijen en heidevlinders aan.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Zure grond
zuur
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
20–50 cm
hoog
Bloei
juni–september
| Snoeimaanden | maart–april |
|---|---|
| Hoogte | 20–50 cm |
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–september |
Herkennen
Hoe herken je een gewone dophei?
- Groeivorm
- Laag, vertakt dwergstruikje van 20–50 cm.
- Blad
- Naaldvormige blaadjes van 3–5 mm in kransen van vier, grijsgroen en met klierharen.
- Stengels
- Dunne, behaarde stengeltjes.
- Bloem
- Roze, eivormige klokjes in tuiltjes aan de toppen, juni–september.
- Vrucht
- Kleine doosvruchtjes.
- Verschil met struikhei
- Struikhei heeft schubvormige blaadjes in vier rijen en bloempjes in lange trossen, en groeit op droge heide.
Bloei: juni–september · Snoeien: maart–april
Lijkt op, maar is het niet
- Struikhei Calluna vulgaris: schubvormige blaadjes in vier rijen en bloempjes in lange trossen; droge heide. Verschil met struikhei
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Roze klokjes van juni tot september, lang na de voorjaarsbloeiers.
- Nectar voor bijen en hommels, en waardplant voor heidevlinders.
- Een inheemse, zeldzaam geworden plant van natte heide: een stukje echte natuur in je tuin.
- Blijft laag en compact, ideaal voor de rand van een vijver of een natte hoek.
Waar staat een gewone dophei graag?
- Volle zon; in de schaduw wordt hij ijl en bloeit hij weinig.
- Zure, voedselarme grond die altijd vochtig tot nat blijft, zoals venige zandgrond.
- Kalk verdraagt hij niet: geen kalkrijke grond, en geen kalkrijk leidingwater.
- Reken op 20–50 cm hoog en zo’n 50 cm breed; plant hem in groepjes.
- Licht
- Volle zon
- Grond
- Zure grond
- Vocht
- Vochtig tot nat
- Grootte
- 0,4 m hoog, 0,5 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Struikhei: Voor de drogere, hogere rand van de heidetuin, met dophei in het natte, lagere deel.
- Gagel: Een geurende, inheemse struik van dezelfde natte, zure heide.
- Kruipwilg: Een lage, inheemse wilg die ook op natte heide groeit, met vroege katjes voor de bijen.
- Veenpluis: Witte, pluizige vruchtpluimen in het late voorjaar, op dezelfde natte, zure grond.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Houdt van de zure grond bij: grove den, zwarte den, weymouthden, zomereik, wintereik, mammoetboom
- Houden net als deze plant van zure grond: struikhei, rododendron, skimmia, framboos, blauwe bes, toverhazelaar, brem, gaspeldoorn
Liever niet bij
- De notelaar scheidt juglon af, waar deze plant gevoelig voor is: okkernoot
- Niet onder de dichte kroon van deze bomen planten: fijnspar, gewone zilverspar, kaukasische zilverspar, douglasspar, taxus, witte paardenkastanje, noorse esdoorn, gewone esdoorn
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een gewone dophei?
- Plant in april of in september–oktober, planten in pot van een kwekerij; graaf nooit planten uit in de natuur.
- Op gewone tuingrond maak je een natte, zure plek met zure bladcompost, zand en naaldstrooisel. Gebruik geen turf: het afgraven van veen vernietigt net de plekken waar dophei groeit.
- Plant op 30–40 cm van elkaar, even diep als in de pot.
- Geef na het planten ruim regenwater en houd de grond daarna altijd vochtig.
Verzorgen
- Water
- Houd de grond altijd vochtig met regenwater; uitdrogen verdraagt hij slecht.
- Bemesten
- Niet doen: dophei groeit op voedselarme grond, en mest helpt alleen grassen en onkruid.
- Wieden
- Trek grassen en jonge boompjes (berk, den) tijdig uit; op de heide zorgen begrazing en beheer daarvoor.
- Mulchen
- Een dunne laag naaldstrooisel houdt de grond zuur en vochtig.
Tip: Maak een klein heideveentje: graaf een kuil van 30–40 cm diep, bekleed hem met vijverfolie met een paar gaatjes onderaan, vul hem met zand en zure bladcompost, en giet met regenwater. Zo houdt dophei het ook in een gewone tuin vol.
Wanneer snoei je een gewone dophei?
Snoeimaanden: maart–april.
Wanneer: In maart–april.
Hoe:
- In de tuin knip je de uitgebloeide toppen weg, net onder de oude bloemtuiltjes, om de plant compact te houden.
- Knip niet tot in het kale, houtige deel: daar loopt hij moeilijk opnieuw uit.
- Op de heide zorgt begrazing voor verjonging.
Let op: Snoei niet in de herfst: de oude bloemtuiltjes beschermen de plant in de winter.
Vermeerderen
- Stekken
- Neem in de zomer stekjes van 3–5 cm van niet-bloeiende scheuten en laat ze wortelen in een vochtig mengsel van zand en zure potgrond.
- Afleggen
- Druk een stengeltje tegen de grond en dek het af met zure grond; na een jaar kan je het losknippen.
Hoe komt een gewone dophei de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- De verdorde bloemtuiltjes blijven in de winter aan de plant: laat ze staan tot de voorjaarssnoei.
Ziektes en plagen
- Kalk: Gele, kwijnende plantjes door kalkrijke grond of leidingwater. Geef alleen regenwater en gebruik zure bladcompost.
- Uitdroging: Bruine, verdroogde plantjes na een droge zomer. Dophei heeft natte voeten nodig: kies een natte plek of geef regenwater.
- Vergrassing: Grassen zoals pijpenstrootje en opslag van berken verdringen de heide. Wied ze jong weg.
- Veroudering: Een plant die nooit geknipt wordt, wordt houtig en valt open. Knip elk voorjaar de uitgebloeide toppen weg.
Het jaar rond
- Maart: Snoeien: uitgebloeide toppen weg.
- April: Snoei afronden; planten.
- Mei: Grassen en jonge boompjes wieden.
- Juni: De bloei begint: roze klokjes voor de bijen.
- Juli: Volle bloei; regenwater geven bij droogte; stekken nemen.
- Augustus: Bloei; houd de grond vochtig.
- September: Laatste bloemen; planten kan.
- Oktober: Planten.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Voor de natuur
- Typisch voor natte heide en hoogveen; nectar voor bijen en waardplant voor heidevlinders.
- Tuin en landschap
- Voor een natte, zure plek in een heidetuin of bij een vijver.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Rupsen
- Waardplant: rupsen van vlinders of nachtvlinders eten van het blad.
- Hommels
- Nectar en stuifmeel voor hommels, ook uit diepe bloemen en vroeg in de lente.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Groeit op natte, zure heide en in hoogvenen. In tuinen zie je vaker de winterbloeiende heide (Erica carnea).
- Natte heide met dophei is in Europa een beschermd natuurtype binnen Natura 2000.
- De rupsen van het heideblauwtje eten onder meer van dophei. Ze worden verzorgd door mieren, die de zoete afscheiding van de rupsen drinken en hen beschermen.
- Op arme, zure grond krijgt dophei hulp van schimmels: de wortels leven samen met zogenoemde ericoïde mycorrhiza, die voedingsstoffen voor de plant ontsluiten.