Kruisdistel (Eryngium yuccifolium)

Foto: Eric Hunt, CC BY-SA 4.0 · bron

Vaste plant · Apiaceae

Kruisdistel

Eryngium yuccifolium

In andere talen: Panicaut à feuilles de yucca (Français) · Rattlesnake master (English)

Deze kruisdistel komt uit de prairies en open graslanden van het midden en oosten van de Verenigde Staten. Hij vormt een rozet van lange, stijve, grijsgroene bladeren met parallelle nerven en zachte stekeltjes langs de rand, die sterk op het blad van een yucca lijken. Van juli tot september staan daarboven vertakte stengels tot 1,2 m met kleine, bolronde, witgroene bloemhoofdjes van 1,5–2,5 cm. Ondanks zijn uiterlijk hoort hij bij de schermbloemenfamilie, net als wortel en peterselie. Tuiniers houden van zijn grafische vorm en zijn droogtebestendigheid, en bijen, wespen en vlinders komen massaal op de bloemen af.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog tot normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand of leem

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -35 °C

  • Grootte

    1,2 m

    hoog, 0,6 m breed

  • Bloei

    juli–september

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart
Hoogte1,2 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen en vlinders
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeijuli–september

Herkennen

Hoe herken je een kruisdistel?

Groeivorm
Rozet van stijve bladeren met daarboven rechtopgaande, bovenaan vertakte stengels tot 1,2 m; ongeveer 60 cm breed.
Blad
Lijnvormig, tot wel 60 cm lang, stijf en grijsgroen, met parallelle nerven en zachte stekeltjes langs de rand.
Bloem
Bolronde hoofdjes van 1,5–2,5 cm, witgroen, met kleine stekelige schutblaadjes; van juli tot september.
Vrucht
Droge zaadhoofdjes die in de winter blijven staan en lichtbruin worden.
Wortels
Diepe, vlezige wortels: hij verdraagt droogte goed, maar laat zich niet verplanten.

Bloei: juli–september · Planten: april–mei · Snoeien: maart

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een uitzonderlijke, grafische plant: yucca-achtig blad en strakke bolletjes geven structuur aan elke border.
  • Trekt een grote verscheidenheid aan bijen, wespen, kevers en vlinders aan.
  • Zeer droogtebestendig eenmaal gevestigd, ideaal voor een prairie- of grindtuin.
  • Mooi als snijbloem en als droogbloem; de bolletjes houden lang hun vorm.
  • De zaadhoofden blijven in de winter staan en zijn mooi met rijp erop.

Waar staat een kruisdistel graag?

  • Volle zon: in de schaduw gaan de stengels hangen en bloeit hij weinig.
  • Goed drainerende zand- of leemgrond, zuur tot kalkrijk; schrale grond is beter dan rijke.
  • Droog tot normaal vochtig; natte grond in de winter laat hem wegrotten.
  • Zet de planten 45–60 cm uit elkaar, liefst tussen grassen en andere prairieplanten.
  • Kies meteen de definitieve plek, want verplanten lukt slecht.
Licht
Zon
Grondsoort
Zand of leem
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Droog of normaal
Grootte
1,2 m hoog, 0,6 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -35 °C)

Mooi samen met

  • Rode zonnehoed: Een andere prairieplant, met roze bloemen in dezelfde zonnige border.
  • Vingergras: Een siergras dat het grijsgroene blad mooi aanvult en ook in de winter blijft staan.
  • Prachtaar: Paarse aren die mooi contrasteren met de witte bolletjes.
  • Russische salie: Een zilvergrijze, droogtebestendige partner voor een grindtuin.
  • Kattenkruid: Een lage, blauwe rand aan de voet.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een kruisdistel?

Planten in april–mei.

  1. Plant in april–mei, zodat hij een heel seizoen heeft om diep te wortelen.
  2. Graaf een diep plantgat en maak de ondergrond goed los; op zware grond meng je er veel grof zand of grind door.
  3. Zet de plant even diep als in de pot en beschadig de kluit niet.
  4. Hou 45–60 cm afstand tot andere planten.
  5. Geef meteen water en de eerste weken bij droogte; daarna nauwelijks nog.
  6. Mulch met grind in plaats van compost: dat houdt het hart droog.

Verzorgen

Water
Alleen het eerste seizoen bij droogte. Een gevestigde plant heeft geen extra water nodig.
Bemesten
Niet doen: in rijke grond worden de stengels slap en vallen ze om.
Steun
Op een zonnige plek in schrale grond niet nodig. In rijke grond of halfschaduw kan wat steun helpen.
Uitgebloeide bloemen
Laat ze staan: ze blijven decoratief tot in de winter.
Snijden
Snij voor de vaas of om te drogen als de hoofdjes volledig gekleurd zijn; hang ze ondersteboven op een droge, luchtige plek.

Tip: Kies meteen een zonnige, schrale plek met goede afwatering en laat hem daar staan: hij heeft diepe wortels en verplant slecht. Laat de zaadhoofden in de winter staan.

Wanneer snoei je een kruisdistel?

Snoeimaanden: maart.

Wanneer: Hij wordt nauwelijks gesnoeid. In maart knip je de oude stengels en dode bladeren weg, voor de nieuwe groei begint.

Hoe:

  • Laat de uitgebloeide stengels in de herfst en winter staan voor structuur en voor insecten.
  • Knip in maart de oude stengels tot net boven het rozet af.
  • Verwijder dode, bruine bladeren aan de voet zonder het hart te beschadigen.

Let op: Draag handschoenen: de bladranden en schutblaadjes hebben stekeltjes.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Zaai in de herfst in een pot met zanderige zaaigrond en zet de pot buiten: het zaad heeft een koude periode nodig en kiemt in het voorjaar. Zet de zaailingen jong op hun vaste plek; ze bloeien meestal pas na twee à drie jaar.
Zelfuitzaai
Op een geschikte plek zaait hij zich soms uit. Verplaats zaailingen alleen als ze nog heel klein zijn.

Hoe komt een kruisdistel de winter door?

Winterhard tot −35 °C.

  • Zeer winterhard, tot ongeveer −35 °C: in België geen bescherming nodig.
  • Natte, zware grond in de winter is een groter gevaar dan vorst: zorg voor goede drainage.
  • Laat de stengels en zaadhoofden staan: ze zijn mooi met rijp en bieden insecten beschutting.

Ziektes en plagen

  • Wortelrot: Het hart wordt zacht en bruin en de plant verdwijnt na een natte winter. Plant in goed drainerende grond, eventueel op een verhoging met grind.
  • Omvallende stengels: In rijke grond, na bemesten of in de schaduw. Kies een zonnige, schrale plek.
  • Slakken: Vreten soms aan jonge planten in het voorjaar. ’s Avonds rapen tot de plant groot genoeg is.
  • Geen bloei: Jonge planten uit zaad bloeien pas na twee à drie jaar. Geduld, en geen mest geven.

Het jaar rond

  • Maart: Oude stengels en dode bladeren wegknippen.
  • April: Planten. Grind rond de voet leggen.
  • Mei: Planten. Water geven bij droogte na het planten.
  • Juli: Begin van de bloei. Veel bijen, wespen en vlinders.
  • Augustus: Volle bloei. Bloemen snijden om te drogen.
  • September: Laatste bloei. Stengels laten staan.
  • Oktober: Zaad oogsten en buiten in een pot zaaien.
  • December: Rust. De zaadhoofden sieren de wintertuin.

Gebruiken

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Vlinders
Nectar voor dagvlinders.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Ondanks zijn yucca-achtige blad hoort hij bij de schermbloemenfamilie, net als wortel, peterselie en venkel.
  • Inheemse volken in Noord-Amerika gebruikten de sterke vezels uit het blad om touw en vlechtwerk te maken.
  • Zijn blad heeft parallelle nerven, wat heel uitzonderlijk is voor een plant uit de schermbloemenfamilie.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…