
Foto: Moriori, Public domain · bron
Heester · Asparagaceae
Palmlelie
Yucca filamentosa
In andere talen: Yucca filamenteux (Français) · Adam’s needle (English)
De palmlelie komt uit het zuidoosten van de Verenigde Staten, waar hij in zandige, droge grond langs de kust en in open bossen groeit. Het is een stamloze rozet van stijve, zwaardvormige bladeren met fijne, krullende witte draadjes langs de rand. In juli–augustus schieten er hoge bloeistengels uit het hart, met pluimen van knikkende, roomwitte klokken. Tuiniers houden van zijn exotische, architecturale vorm, en anders dan veel andere yucca’s is hij bij ons volledig winterhard. Bekende rassen zijn ‘Color Guard’, met een geel hart, en ‘Bright Edge’, met een gele rand.
Let op: De bladeren zijn stijf en hebben een scherpe punt: plant hem niet naast een pad, een zandbak of waar kinderen spelen.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog
verdraagt droogte
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
1 m
hoog, 1 m breed
Bloei
juli–augustus
| Snoeimaanden | april en september |
|---|---|
| Hoogte | 1 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–augustus |
Herkennen
Hoe herken je een palmlelie?
- Groeivorm
- Stamloze bladrozet van 60–75 cm hoog; met de jaren vormt hij een pol van meerdere rozetten, ongeveer 1 m breed.
- Blad
- Lancetvormig, 30–75 cm lang, stijf en blauwgroen tot donkergroen, met een scherpe punt en krullende witte draadjes langs de rand.
- Bloem
- Knikkende, klokvormige bloemen van ongeveer 5 cm aan een vertakte stengel die hoog boven het blad uitsteekt, in juli–augustus.
- Kleur
- Roomwit; bij ‘Color Guard’ en ‘Bright Edge’ is ook het blad deels geel.
- Wortels
- Dik en vlezig, met korte ondergrondse uitlopers waaruit nieuwe rozetten groeien.
Bloei: juli–augustus · Planten: april–mei · Snoeien: april en september
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groenblijvend en architecturaal: het hele jaar een sterk accent in een grindtuin of border.
- Indrukwekkende pluimen roomwitte klokken in juli–augustus.
- Droogtebestendig en volledig winterhard op droge, doorlatende grond.
- Bijen bezoeken de bloemen.
- Bijna geen werk: geen snoei, geen mest en weinig water.
Waar staat een palmlelie graag?
- Volle zon: in de schaduw bloeit hij weinig of niet.
- Goed doorlatende grond: zand, grind of lichte leem; ook klei, als je er flink grind of grof zand door mengt.
- Droog: natte voeten in de winter zijn zijn grootste vijand.
- Houd afstand van paden en speelplekken: de bladpunten zijn scherp.
- Reken op ongeveer 1 m ruimte per plant.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog
- Grootte
- 1 m hoog, 1 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Vedergras: Fijne, wuivende halmen als zacht contrast met het stijve blad.
- Kogeldistel: Blauwe bollen in de zomer en net zo droogtebestendig.
- Lavendel: Paars en zilvergrijs in dezelfde droge, zonnige grindtuin.
- Hemelsleutel: Brede, roze schermen in de nazomer, als de palmlelie uitgebloeid is.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een palmlelie?
Planten in april–mei.
- Plant in april–mei, als de grond opgewarmd is.
- Graaf een ruim plantgat en meng er op zware grond grind of grof zand door; plant op klei liefst wat verhoogd.
- Zet de plant even diep als in de pot: het hart van de rozet moet boven de grond blijven.
- Houd ongeveer 1 m tussen de planten.
- Geef meteen water en de eerste weken af en toe bij droogte.
- Een laag grind of split rond de voet houdt de hals droog en past mooi bij de plant.
Verzorgen
- Water
- Alleen de eerste weken na het planten. Daarna is extra water zelden nodig; in een pot geef je in de zomer af en toe water.
- Bemesten
- Niet nodig: hij groeit het best op arme grond.
- Bloeistengel
- Knip de bloeistengel na de bloei aan de voet af.
- Dood blad
- Trek of knip in het voorjaar droge, bruine bladeren onderaan de rozet weg.
- In pot
- Gebruik een terracotta pot met een gat en potgrond gemengd met veel grind. Zet de pot in de winter tegen een muur en uit de regen.
Tip: Meng op zware grond een flinke hoeveelheid grind door het plantgat en plant hem wat verhoogd: droge voeten in de winter zijn het geheim van een gezonde palmlelie.
Wanneer snoei je een palmlelie?
Snoeimaanden: april en september.
Wanneer: Snoeien is niet nodig. Knip in september de uitgebloeide bloeistengel af en haal in april dode bladeren weg.
Hoe:
- Knip de verdorde bloeistengel zo laag mogelijk af, met een scherpe snoeischaar of een zaagje.
- Trek of knip in april droge, bruine bladeren onderaan de rozet weg.
- Een rozet die gebloeid heeft, groeit niet meer en sterft langzaam af. Snijd hem weg zodra de jonge zijrozetten groot genoeg zijn.
Let op: Draag stevige handschoenen en werk voorzichtig: de bladpunten zijn scherp en prikken makkelijk, ook in je ogen.
Vermeerderen
- Zijrozetten
- In april–mei jonge rozetten met een stuk wortel van de moederplant afsteken en apart planten in doorlatende grond.
- Wortelstekken
- In de winter stukken dikke wortel van 5–8 cm in een pot met zanderige stekgrond leggen en licht afdekken. In het voorjaar groeien er nieuwe rozetten uit.
Hoe komt een palmlelie de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Volledig winterhard tot ongeveer −25 °C, maar alleen op droge grond: winternatheid is gevaarlijker dan vorst.
- Bescherming is niet nodig; sneeuw op de rozet kan geen kwaad.
- In een pot: zet hem in de winter onder een afdak of tegen een muur, zodat de potgrond niet doornat wordt.
Ziektes en plagen
- Rot: Het hart van de rozet wordt bruin en zacht, vooral na een natte winter op zware grond. Plant op een doorlatende, wat verhoogde plek en haal aangetaste rozetten weg.
- Bladvlekken: Bruine of grijze vlekken op het blad bij nat weer. Knip aangetaste bladeren weg en zorg voor een luchtige plek.
- Geen bloei: Jonge planten bloeien pas na enkele jaren, en te veel schaduw remt de bloei. Geef hem volle zon en wat geduld.
- Afstervende rozet: Na de bloei sterft de rozet die gebloeid heeft langzaam af. Dat is normaal: de zijrozetten nemen het over.
Het jaar rond
- Januari: Wortelstekken nemen. In de volle grond niets doen.
- April: Planten. Droge, bruine bladeren weghalen.
- Mei: Planten. Zijrozetten afsteken.
- Juni: De bloeistengel groeit uit het hart.
- Juli: Bloei.
- Augustus: Bloei. Planten in een pot af en toe water geven.
- September: Uitgebloeide bloeistengel afknippen.
- November: Pot onder een afdak zetten, uit de winterregen.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In zijn thuisland wordt hij bestoven door kleine yuccamotten, die bij ons niet voorkomen. Daarom vormt hij hier zelden zaad.
- De krullende witte draadjes zijn vezels die loskomen van de bladrand; daaraan dankt hij de naam filamentosa.
- De Engelse naam Adam’s needle verwijst naar de scherpe bladpunt met de draadjes eraan, als een naald met draad.