
Foto: Kurt Stüber [1], CC BY-SA 3.0 · bron
Eenjarige plant · Convolvulaceae
Spaanse vlag
Ipomoea lobata
In andere talen: Ipomée lobée (Français) · Spanish flag (English)
De Spaanse vlag is een snelgroeiende slingerplant uit Mexico en Midden-Amerika, waar hij een vaste plant is. Bij ons kweek je hem als eenjarige: in één zomer windt hij zich tot 3 m omhoog langs een rek, draden of een obelisk. Hij heeft drielobbig, frisgroen blad op roodachtige stengels. Van juli tot de eerste vorst verschijnen eenzijdige trossen van smalle, buisvormige bloemen die van rood via oranje naar geel en crème verkleuren, zodat elke tros meerdere kleuren tegelijk draagt. Hij is verwant aan de purperwinde en de zoete aardappel en heette vroeger Mina lobata. Tegen een zonnige muur is hij een van de mooiste eenjarige klimmers.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
tot 2 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
3 m
hoog, 0,5 m breed
Bloei
juli–oktober
| Hoogte | 3 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een Spaanse vlag?
- Groeivorm
- Windende klimmer van 2–3 m hoog en zo’n 50 cm breed; de stengels winden zich zelf rond draden en stokken.
- Blad
- Drielobbig, 5–10 cm, frisgroen, met een hartvormige voet, op roodachtige stelen.
- Bloem
- Smalle, buisvormige bloemen van zo’n 2 cm in eenzijdige trossen op lange stelen, van juli tot oktober.
- Kleur
- Rood in de knop, daarna oranje, geel en uiteindelijk crème: elke tros is meerkleurig.
- Zaad
- Grote, harde zaden die je best een nacht laat weken voor het zaaien.
Bloei: juli–oktober · Zaaien: maart–april · Planten: mei–juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een uitbundige kleurwaaier: rode knoppen die oranje, geel en crème openbloeien.
- Bloeit van juli tot de eerste nachtvorst, als veel zomerbloeiers al moe zijn.
- Bedekt in één zomer een rek, hek of pergola van 2–3 m.
- Bijen en hommels bezoeken de bloemen.
- Mooi in een grote pot met een obelisk op een zonnig terras.
- Het sierlijke, drielobbige blad vormt al een groen scherm voor de bloei begint.
Waar staat een Spaanse vlag graag?
- Volle zon en een warme plek: tegen een zuid- of westmuur bloeit hij het rijkst.
- Elke goed doorlatende tuingrond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk, liefst humusrijk.
- Normaal vochtig: geef water bij droogte, zeker tegen een muur of in een pot.
- Beschut tegen koude wind, met een rek, draden, gaas of een obelisk om in te klimmen.
- Plant op 30–50 cm van elkaar; tegen een obelisk volstaan twee à drie planten.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 3 m hoog, 0,5 m breed
- Winterhard
- Vorstgevoelig: pas buiten na de laatste nachtvorst (half mei)
Mooi samen met
- Zwartoogsusanne: Een andere eenjarige klimmer in oranje en geel, voor een warm kleurenscherm.
- Oost-Indische kers: Kleurt aan de voet of klimt mee, in dezelfde warme tinten.
- Pronkboon: Rode bloemen en eetbare bonen op hetzelfde rek.
- Dahlia: Aan de voet van het rek, met bloemen in rood en oranje tot de vorst.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Spaanse vlag?
Planten in mei–juni.
- Week het zaad een nacht in lauw water, zodat de harde zaadhuid opzwelt.
- Zaai in maart–april binnen, twee zaden per potje van 9 cm, 1 cm diep, bij 18–20 °C. Ze kiemen in één à twee weken.
- Zet de zaailingen licht en geef ze meteen een stokje om rond te winden.
- Laat de planten in mei wennen aan buiten en plant ze na half mei uit, als ook de nachten warm zijn.
- Plant even diep als in de pot, aan de voet van het rek, en leid de stengels naar de steun.
- Geef goed water en leg een mulch van compost rond de voet.
Verzorgen
- Water
- Regelmatig, vooral tegen een muur en in potten: de grond mag niet uitdrogen.
- Bemesten
- In juni–augustus om de twee weken vloeibare mest voor bloeiende planten. Te veel stikstof geeft veel blad en weinig bloemen.
- Steun
- Draden, gaas of touw geven houvast. Leid jonge scheuten in de goede richting; daarna windt hij zich zelf omhoog.
- Toppen
- Knijp de top van jonge planten van 20 cm uit: ze maken dan meer stengels.
- Uitgebloeide trossen
- Knip ze weg om de bloei te verlengen.
Tip: Wacht met uitplanten tot na half mei, als ook de nachten warm zijn: in koud weer staat hij weken stil. Tegen een zonnige muur met een rek of draden bloeit hij het rijkst.
Wanneer snoei je een Spaanse vlag?
Wanneer: Een eenjarige klimmer die je niet snoeit. Toppen in mei en bijsturen tijdens de zomer is genoeg.
Hoe:
- Knijp de top van jonge planten van 20 cm uit voor meer zijscheuten.
- Leid scheuten die van het rek wegwaaien terug, of knip ze af.
- Knip uitgebloeide trossen weg, zodat de bloei tot de vorst doorgaat.
- Haal de plant na de eerste nachtvorst weg; de verdorde stengels laten makkelijk los van het rek.
Vermeerderen
- Zaad
- In maart–april binnen bij 18–20 °C, na een nacht weken. Je kunt in oktober zaad oogsten uit rijpe, bruine zaaddozen, maar in onze korte zomer rijpt het niet altijd.
Hoe komt een Spaanse vlag de winter door?
Winterhard tot 2 °C: beschermen in strenge winters.
- Niet winterhard: hij verdraagt geen vorst en sterft bij de eerste nachtvorst.
- Kweek hem als eenjarige en zaai elk voorjaar opnieuw.
- Ruim de plant na de vorst op en controleer het rek, zodat het in het voorjaar klaarstaat.
Ziektes en plagen
- Spint: Fijne gele stippels en spinsel onder het blad, vooral tegen een hete muur. Spuit het blad geregeld met water en laat de grond niet uitdrogen.
- Bladluis: Op jonge toppen. Spuit ze af met water of veeg ze weg met de vingers.
- Slakken: Ze vreten jonge planten net na het uitplanten. Controleer ’s avonds en bescherm de voet.
- Trage groei: Bij koud weer in mei staat hij stil en wordt het blad soms geel. Wacht met uitplanten tot het echt warm is.
- Weinig bloemen: Te veel schaduw of te veel stikstof. Zet hem in de volle zon en gebruik mest voor bloeiende planten.
Het jaar rond
- Maart: Zaad een nacht weken en binnen zaaien bij 18–20 °C.
- April: Binnen zaaien. Zaailingen een stokje geven.
- Mei: Jonge planten laten wennen aan buiten en na half mei uitplanten. Toppen.
- Juni: Uitplanten. Stengels naar het rek leiden. Water geven.
- Juli: Eerste bloei. Bemesten en water geven bij droogte.
- Augustus: Volle bloei. Letten op spint tegen hete muren.
- September: Bloei. Uitgebloeide trossen wegknippen.
- Oktober: Bloei tot de eerste vorst, daarna opruimen.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Elke bloem verkleurt naarmate ze ouder wordt, van rood via oranje naar geel en crème. Zo draagt één tros alle kleuren tegelijk, als een wapperende vlag.
- Botanisch heette hij lang Mina lobata; nu hoort hij bij Ipomoea, net als de purperwinde en de zoete aardappel.
- In zijn thuisland is hij een vaste plant die jarenlang doorgroeit.