
Foto: No machine-readable author provided. Cookie assumed (based on copyright claims)., CC BY-SA 3.0 · bron
Kamerplant · Arecaceae
Livistona
Livistona chinensis
In andere talen: Latanier de Chine (Français) · Chinese fan palm (English)
De Chinese waaierpalm (Livistona chinensis) komt van nature uit het zuiden van Japan, Taiwan en Zuid-China. Het is een langzaam groeiende palm met één stam en grote, waaiervormige bladeren aan lange stelen met kleine stekeltjes langs de rand. De bladpunten zijn diep ingesneden en hangen sierlijk naar beneden, waardoor de plant een fontein lijkt. Als kamerplant wordt hij ongeveer 2 m hoog en 1,5 m breed. Hij is stevig, verdraagt wat minder licht dan veel andere palmen en mag in de zomer buiten staan. Een mooie, rustige groene plant voor een lichte hal of woonkamer.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Potgrond
Winterhard
Kamerplant
min. 5 °C
Grootte
2 m
hoog, 1,5 m breed
| Hoogte | 2 m |
|---|---|
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een livistona?
- Groeivorm
- Palm met één rechte stam en een kroon van waaiers; als kamerplant ongeveer 2 m hoog en 1,5 m breed.
- Blad
- Waaiervormig, glanzend donkergroen, tot ongeveer 50–60 cm breed, met diep gespleten bladpunten die overhangen. De bladstelen hebben kleine stekeltjes.
- Bloem
- Kleine, gele bloempjes in lange pluimen, maar alleen bij oude planten en in de natuur; binnenshuis bloeit hij vrijwel nooit.
- Vrucht
- Bij oudere planten ronde tot ovale, blauwgroene vruchtjes van ongeveer 1–2 cm.
- Wortels
- Vezelige, sterke wortels die slecht tegen storing kunnen: verpot dus alleen als het echt nodig is.
Planten: april–mei
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Imposante, tropisch aandoende palm die in een grote pot een ruimte meteen een andere sfeer geeft.
- Het hele jaar mooi groen: de bladeren blijven jarenlang aan de plant.
- Sterker en makkelijker dan veel andere palmen en niet zo gevoelig voor een koele winterstandplaats.
- Mag in de zomer buiten staan op een beschutte, halfschaduwrijke plek.
- Groeit langzaam, dus hij blijft lang netjes en past in een vaste hoek.
Waar staat een livistona graag?
- Licht tot halfschaduw: veel licht met wat zachte ochtend- of avondzon is ideaal. Volle middagzon achter glas kan het blad verbranden.
- Zware, humusrijke potgrond met wat leem of klei: iets zuur tot neutraal en goed doorlatend.
- Vochtig, maar nooit nat: regelmatig water en vochtige lucht, zonder dat er water in de pot blijft staan.
- Houd hem uit de buurt van radiator en tocht; er moet genoeg ruimte om de bladeren zijn, want ze worden ongeveer 1,5 m breed.
- Licht
- Zonnig of licht, zonder felle zon
- Potgrond
- Gewone potgrond of luchtige, humusrijke potgrond
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Water geven
- Gewoon
- Grootte
- 2 m hoog, 1,5 m breed
- Temperatuur
- Minimum 5 °C
Mooi samen met
- Kentiapalm: Een tweede palm met een heel andere, gevederde bladvorm in dezelfde hoek.
- Monstera: Groot, ingesneden blad dat mooi contrasteert met de waaiers.
- Ficus: Stevig, breed blad als achtergrond naast de lichte palm.
- Varens: Zachte, fijne bladvormen op de voorgrond; ze houden van dezelfde vochtige lucht.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een livistona?
Planten in april–mei.
- Verpot in april–mei, als de wortels uit de gaten in de bodem groeien of de pot vol zit; meestal om de 2–3 jaar.
- Kies een zware, diepe pot met gaten in de bodem, een maat groter dan de oude. Palmen zijn topzwaar en vallen anders om.
- Leg onderin een laagje kleikorrels en vul aan met een mengsel van potgrond, wat leem of klei en een vijfde grof zand of perliet.
- Zet de palm even diep als eerst en beschadig de wortelkluit zo weinig mogelijk; snij of knip geen wortels weg.
- Geef daarna een flinke gietbeurt en laat het overtollige water weglopen.
Verzorgen
- Water
- Houd de grond in de groeiperiode (april–september) gelijkmatig vochtig; laat alleen de bovenste paar cm opdrogen. Geef kalkarm water (regenwater is ideaal) en laat nooit water in de pot of schotel staan.
- Bemesten
- Van april tot september om de 2–4 weken palmenvoeding of groenplantenvoeding in de aangegeven dosis. In de winter niet bemesten.
- Luchtvochtigheid
- Besproei de bladeren af en toe en neem ze af met een vochtige doek: dat houdt het blad glanzend en voorkomt bruine bladpunten en spint.
- Licht
- Veel licht, maar geen felle middagzon achter glas. Draai de pot af en toe, zodat hij gelijkmatig groeit.
- Verpotten
- Om de 2–3 jaar in het voorjaar, en alleen als de wortels de pot vullen. Vervang tussendoor de bovenste grondlaag door verse potgrond.
Tip: Zet een zware pot op een verrijdbaar plateau en spoel de bladeren af en toe af onder een lauwe douche: dat houdt de palm stofvrij en voorkomt spint.
Wanneer snoei je een livistona?
Wanneer: Een palm wordt niet gesnoeid. Je verwijdert alleen volledig bruine bladeren, bij voorkeur in het voorjaar of op het moment dat een blad echt dood is.
Hoe:
- Knip een volledig bruin of verdord blad met zijn steel dicht bij de stam af, met een scherpe, schone schaar.
- Bij bruine bladpunten knip je alleen het bruine deel weg, in de vorm van het blad, en laat je een smal randje bruin staan.
- Gele of half bruine bladeren laat je zitten: de plant haalt er nog voedingsstoffen uit.
- Draag handschoenen: de bladstelen hebben stekeltjes langs de rand.
Let op: Knip nooit de top of het groeipunt in het midden van de kroon weg: een palm groeit maar uit één punt en gaat daarna dood.
Vermeerderen
- Zaaien
- Vers zaad in het voorjaar uitzaaien in een vochtig mengsel van potgrond en zand bij ongeveer 25 °C of meer, onder folie. Het kiemt traag en onregelmatig (weken tot maanden), en de jonge palmpjes groeien jarenlang langzaam. Voor thuis is dit een lange weg.
Hoe komt een livistona de winter door?
- Niet winterhard in België: houd hem boven 5 °C. De beste winterplek is licht en koel, bij 10–15 °C.
- Geef in de winter minder water: de grond mag tussen twee gietbeurten iets verder opdrogen, maar nooit helemaal. Niet bemesten.
- Zet hem uit de buurt van radiatoren en koude tocht; droge verwarmingslucht geeft bruine bladpunten en spint.
- Heeft hij de zomer buiten doorgebracht, haal hem dan in oktober weer binnen, voor het onder ongeveer 10 °C komt.
Ziektes en plagen
- Bruine bladpunten: Komen door droge lucht, hard water of te onregelmatig gieten. Knip het bruine weg, geef kalkarm water en zorg voor vochtiger lucht en een gelijkmatige watergift.
- Spint: Fijn spinragachtig web en gespikkelde, vale bladeren, vooral bij droge verwarmingslucht. Spoel de bladeren af in de douche en houd de lucht vochtiger.
- Schildluis: Bruine bultjes met kleverige druppels op de steel en de onderkant van het blad. Veeg ze weg met een doek met wat zachte zeep en water; herhaal na een week.
- Gele bladeren en rot: Gele onderste bladeren en een zompige grond wijzen op te veel water of een pot zonder afvoer. Laat de grond opdrogen en geef minder water; verpot bij rotte wortels in verse grond.
Het jaar rond
- Januari: Licht en koel zetten (10–15 °C). Zeer matig water.
- Februari: Licht en koel. Af en toe de bladeren afnemen.
- Maart: Bladeren afstoffen. Op het einde van de maand weer meer water geven.
- April: Verpotten als het nodig is. Starten met bemesten.
- Mei: Vanaf half mei mag hij buiten in halfschaduw, uit de volle zon.
- Juni: Regelmatig water geven en bemesten.
- Juli: Bij droogte extra water. Nu en dan de bladeren besproeien.
- Augustus: Regelmatig water geven en bemesten.
- September: Stoppen met bemesten. Controleren op ongedierte.
- Oktober: Binnenhalen voor het koud wordt. Licht en koel zetten.
- November: Winterrust: minder water, uit de buurt van radiatoren.
- December: Winterrust: zeer matig water.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De plant wordt ook fonteinpalm genoemd, naar de overhangende bladpunten.
- In het wild kan deze palm meer dan 10 m hoog worden, veel hoger dan als kamerplant.
- De geslachtsnaam Livistona verwijst naar Patrick Murray, baron van Livingston, die in de 17e eeuw een botanische tuin bij Edinburgh stichtte.