
Foto: Eric Hunt, CC BY-SA 4.0 · bron
Vaste plant · Campanulaceae
Blauwe lobelia
Lobelia siphilitica
In andere talen: Lobélie bleue (Français) · Great blue lobelia (English)
De blauwe lobelia komt uit het oosten van Noord-Amerika, waar hij groeit in natte weiden en langs beken. Het is een rechtopgroeiende vaste plant van ongeveer 80 cm met dichte, bebladerde aren vol blauwe, tweelippige buisbloemen van 2–3 cm. Hij bloeit laat, van augustus tot in oktober, wanneer veel borders al wat kaal worden. In tegenstelling tot de rode lobelia is hij erg winterhard en minder kieskeurig. Wit bloeiende vormen komen voor. De plant zaait zich op vochtige grond gemakkelijk uit. Alle delen zijn giftig.
Let op: Giftig: alle delen bevatten alkaloïden en het melkachtige sap kan de huid irriteren. Kinderen, katten, honden en grazende dieren mogen er niet van eten; draag handschoenen bij het snoeien.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Leem, klei of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
0,8 m
hoog, 0,3 m breed
Bloei
augustus–oktober
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 0,8 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | augustus–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een blauwe lobelia?
- Groeivorm
- Rechtopgaande, horstvormige vaste plant van ongeveer 80 cm hoog en 30 cm breed, met onvertakte, bebladerde stengels.
- Blad
- Lancetvormig tot langwerpig, 5–15 cm lang, groen, met een licht gezaagde rand; rozet aan de basis, daarna verspreid langs de stengel.
- Bloem
- Blauwe (soms witte) tweelippige buisbloemen van 2–3 cm in dichte, bebladerde aren, van augustus tot oktober.
- Sap
- Melkachtig sap in stengels en bladeren, dat giftig is en de huid kan irriteren.
- Wortels
- Vezelig, ondiep wortelstelsel dat veel vocht nodig heeft; vormt dikker wordende pollen.
Bloei: augustus–oktober · Planten: april–mei en september · Snoeien: maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Blauwe bloemen van augustus tot oktober, wanneer weinig andere vaste planten nog bloeien.
- Volledig winterhard (tot ongeveer −30 °C) en veel makkelijker dan de rode soort.
- Past in vochtige grond waar veel vaste planten het afleggen: vijverrand, beekrand of natte border.
- De bloemen worden in de late zomer bezocht door hommels en bijen.
- Zaait zich op geschikte plekken vanzelf uit, zodat je gratis nieuwe planten krijgt.
Waar staat een blauwe lobelia graag?
- Zon tot halfschaduw; in de zon heeft hij meer water nodig.
- Humusrijke leem-, klei- of veengrond die vochtig blijft, zuur tot neutraal.
- Normaal tot nat: de grond mag nooit uitdrogen; hij verdraagt ook tijdelijk natte voeten in de zomer.
- Geschikt voor vijverrand, beekrand, vochtige border en wilde tuin.
- Reken op 30–40 cm tussen de planten.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Leem, klei of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal of nat
- Grootte
- 0,8 m hoog, 0,3 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Koninginnenkruid: Hoog en roze, bloeit tegelijk in dezelfde vochtige grond.
- Zonnehoed: Geel dat prachtig contrasteert met het blauw.
- Herfstaster: Bloeit tegelijk in blauw en paars.
- Pijpenstrootje: Fijn gras dat de bloemaren luchtig omlijst.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een blauwe lobelia?
Planten in april–mei en september.
- Plant in april–mei of in september, als de grond niet bevroren of kurkdroog is.
- Werk een flinke hoeveelheid compost of bladcompost door de grond.
- Graaf een plantgat dat net zo diep is als de pot en tweemaal zo breed.
- Zet de plant even diep als in de pot en plant op 30–40 cm van elkaar.
- Geef meteen een flinke gieter water en houd de grond de eerste weken vochtig.
- Leg een laag van 5 cm bladcompost of schors rond de voet.
Verzorgen
- Water
- Constant vochtig houden, ook in droge perioden en vooral in het eerste jaar.
- Bemesten
- In het voorjaar compost of een organische mest. Meer is niet nodig.
- Mulchen
- Een laag bladcompost in het voorjaar houdt de grond koel en vochtig.
- Uitgebloeide bloemen
- Laat de aren staan als je wilt dat hij uitzaait; knip ze weg voor een nette border.
- Steun
- Op een open of winderige plek de hoge stengels vastbinden of tussen andere planten laten groeien.
Tip: Winterharder dan de rode lobelia en minder kieskeurig. Geef vochtige grond; hij zaait zich spontaan uit als je de stengels laat staan.
Wanneer snoei je een blauwe lobelia?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: In maart knip je de oude stengels weg; in de herfst alleen als je een nette border wilt.
Hoe:
- Knip de oude stengels in maart tot vlak boven de grond, zonder de nieuwe rozetten te beschadigen.
- Laat de stengels in de herfst staan als je wilt dat de plant uitzaait; ze geven de border ook winterstructuur.
- Knip uitgebloeide aren tot net boven een zijscheut als je geen zaailingen wilt.
Let op: Draag handschoenen: het melkachtige sap is giftig en kan de huid irriteren.
Vermeerderen
- Delen
- Elke drie tot vier jaar in april of in september: graaf de pol op, deel hem in stukken met wortels en rozet en plant ze meteen terug.
- Zaaien
- Het zaad is heel fijn, heeft licht nodig en kiemt het best na een koude periode: zaai oppervlakkig in de herfst of het vroege voorjaar en bedek het niet.
- Zaailingen verplanten
- Zaailingen die zich in de tuin zelf uitzaaien, verplant je in het voorjaar als ze nog klein zijn.
Hoe komt een blauwe lobelia de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: in Belgische winters geen bescherming nodig.
- Laat de bladrozetten in de winter staan; ze beschermen de plant.
- In een pot: zet de pot in een beschutte hoek en zorg dat hij nooit helemaal uitdroogt.
Ziektes en plagen
- Slakken: Jonge rozetten en scheuten worden in het voorjaar aangevreten. Verzamel ze ’s avonds en bescherm jonge planten.
- Uitdrogen: Slap hangend blad en bruine randen bij droogte. Water geven en mulchen.
- Te veel uitzaai: Zaailingen kunnen buurplanten overwoekeren. Wied ze in het voorjaar of knip de aren voor het zaad rijp is.
- Bladluis: Soms op jonge scheuten. Afspuiten met water volstaat meestal.
Het jaar rond
- Maart: Oude stengels terugknippen. Compost geven.
- April: Planten of delen. Slakken in de gaten houden.
- Mei: Planten. Mulch aanbrengen.
- Juli: Water geven bij droogte. Hoge stengels steunen.
- Augustus: Begin van de bloei.
- September: Bloei. Planten of delen.
- Oktober: Laatste bloei. Aren laten staan voor zaad of wegknippen.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Alle delen van de lobelia zijn giftig: ze bevatten lobeline en verwante alkaloïden, die werken zoals nicotine. Inslikken geeft misselijkheid, braken, speekselvloed en buikpijn, en bij grotere hoeveelheden duizeligheid, zweten, een snelle hartslag en ademhalingsproblemen. Een verwante soort werd vroeger als kruid tegen astma en om te stoppen met roken gebruikt: maak van je tuinlobelia nooit thee of middeltjes. Houd kinderen, honden, katten en grazende dieren weg van de plant, en draag handschoenen bij het snoeien, want het melksap kan de huid irriteren. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In het wild groeit de plant in natte weiden en langs beken in het oosten van Noord-Amerika.
- De buisbloemen met hun brede onderlip worden vooral door hommels bestoven, die er stevig genoeg voor zijn.
- Hij bloeit tot in oktober en geeft zo late hommels en bijen nog nectar.