Heester · Malvaceae
Struikmalva
Malva × clementii
In andere talen: Lavatère (Français) · Tree mallow (English)
De struikmalva is een snelgroeiende hybride, vroeger bekend als Lavatera × clementii. Hij vormt in één seizoen een losse, ronde struik van ongeveer 2 m hoog en breed, met grijsgroene, zachtbehaarde, gelobde bladeren. Van juni tot in oktober verschijnen er grote, trechtervormige bloemen in roze of wit met een donker oog, die lijken op die van een stokroos. Bekende rassen zijn ‘Barnsley’ (wit met een roze oog, later roze) en ‘Rosea’ (stevig roze). Bijen en vlinders komen er graag op af. De plant is makkelijk en bloeit onvermoeibaar, maar leeft vaak maar enkele jaren.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
tot -15 °C
jonge planten beschermen
Grootte
2 m
hoog, 2 m breed
Bloei
juni–oktober
| Snoeimaanden | april |
|---|---|
| Hoogte | 2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een struikmalva?
- Groeivorm
- Losse, ronde struik van ongeveer 2 m hoog en breed, met rechtopgaande, vlot groeiende takken.
- Blad
- Grijsgroen, zacht behaard, gelobd als een esdoornblad.
- Bloem
- Grote, trechtervormige bloemen van 5–8 cm, in roze of wit met een donker oog, van juni tot oktober.
- Kleur
- ‘Barnsley’ is wit met een roze oog en wordt later roze; ‘Rosea’ is stevig roze.
- Levensduur
- Kortlevend: vaak slechts enkele jaren, daarna wordt hij houtig en uitgeput.
Bloei: juni–oktober · Planten: april–mei · Snoeien: april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit non-stop van juni tot in oktober, langer dan bijna elke andere struik.
- Groeit razendsnel: een kale hoek is in één seizoen gevuld.
- Bijen en vlinders komen massaal af op de grote bloemen.
- Verdraagt droogte en arme, zandige of kalkrijke grond, zodra hij is ingeworteld.
- Weinig werk: één flinke snoeibeurt per jaar in april volstaat.
Waar staat een struikmalva graag?
- Volle zon voor de rijkste bloei; in halfschaduw bloeit hij minder en kan hij gaan overhellen.
- Goed doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk. Geen natte, koude klei in de winter.
- Droog tot normaal vochtig: eenmaal ingeworteld redt hij zich bij droogte.
- Beschut tegen harde wind: de snelle, brosse takken kunnen afbreken.
- Reken op 1,5–2 m ruimte per plant.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 2 m hoog, 2 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -15 °C)
Mooi samen met
- Lavendel: Paarse bloemen en geur, dezelfde droge, zonnige plek.
- Rode zonnehoed: Roze en paarse bloemen in dezelfde periode, voor een harmonieuze, gelaagde border.
- Salie: Paarse bloemspitsen vooraan in de border, zelfde droge zon.
- Vlinderstruik: Nog meer bloemen voor bijen en vlinders; bloeit in dezelfde periode.
- Siergrassen: Fijne pluimen die een zachte rand vormen om de grote bloemen.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een struikmalva?
Planten in april–mei.
- Plant in april of mei, als de zwaarste vorst voorbij is: dan heeft hij een volledig seizoen om te wortelen.
- Graaf een plantgat dat twee keer zo breed is als de kluit. Mengen met een beetje compost is genoeg.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Plant hem op minstens 1,5 m van de buren.
- Geef meteen een flinke gieter water en het eerste jaar wekelijks bij droogte.
- Leg een laag mulch van compost of houtsnippers rond de voet.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar wekelijks bij droogte. Daarna redt hij zich, al bloeit hij rijker met af en toe een flinke gieter in een droge zomer.
- Bemesten
- In het voorjaar compost of een organische meststof. Te veel stikstof geeft zachte scheuten die gemakkelijk afvriezen.
- Mulchen
- Na de snoei in april een laag compost of schors rond de voet: dat beschermt tegen droogte en vorst.
- Steun
- Meestal niet nodig, maar zet hem op een beschutte plek: in de herfst kunnen zware takken in de wind breken.
- Verjongen
- Na enkele jaren verslapt hij. Vervang hem tijdig door een jonge plant uit stek.
Tip: Snoei in april alle takken terug tot 30 cm: zo blijft de struik compact en bloeit hij de hele zomer. Neem elk jaar een paar stekken als reserve, want hij leeft vaak maar enkele jaren.
Wanneer snoei je een struikmalva?
Snoeimaanden: april.
Wanneer: In april, als de nieuwe knoppen zichtbaar zijn en de zwaarste vorst voorbij is.
Hoe:
- Knip alle takken terug tot ongeveer 30 cm boven de grond, net boven een gezonde knop.
- Haal dode of afgevroren takken helemaal weg.
- Bij wit-roze rassen als ‘Barnsley’ kunnen takken met donkerroze bloemen verschijnen: knip die bij de basis weg.
- Geef na de snoei compost en een laag mulch.
Let op: Snoei niet in de herfst hard: de oude takken beschermen de voet tegen vorst, en een vroege snoei geeft zachte scheuten die kunnen bevriezen.
Vermeerderen
- Zachte stekken
- In juni–juli: stekken van 10 cm van niet-bloeiende scheuten, onderste bladeren weg, in vochtige stekgrond onder plastic. Ze wortelen gemakkelijk, vaak binnen enkele weken.
- Halfhoutige stekken
- In augustus–september: stekken van 10–15 cm van stevig, halfverhout hout in zandige potgrond. Overwinter ze vorstvrij en plant ze in het voorjaar uit.
Hoe komt een struikmalva de winter door?
Winterhard tot −15 °C: jonge planten beschermen.
- Winterhard tot ongeveer −15 °C: in strenge Belgische winters kan hij tot aan de grond afvriezen en in het voorjaar bij de voet weer uitlopen.
- Beschut hem tegen koude wind en leg in de herfst een laag mulch rond de voet; jonge planten extra goed beschermen.
- Pas na de winter, in april, snoei je terug tot op het gezonde hout: dan zie je wat is afgevroren.
Ziektes en plagen
- Roest: Oranjebruine puntjes onderaan de bladeren, vooral in vochtige zomers. Knip aangetast blad weg en gooi het bij het huisvuil, niet op de composthoop; laat ruimte tussen de planten.
- Afbrekende takken: De snelle takken zijn bros en kunnen in de wind breken. Kies een beschutte plek en snoei jaarlijks terug.
- Vorstschade: In strenge winters sterven takken af of vriest hij tot aan de grond af. Wacht tot april en snoei terug tot op het groene hout.
- Kortlevend: Na enkele jaren wordt hij houtig en slap. Neem tijdig stekken als reserve.
Het jaar rond
- Maart: Nog niet snoeien: kijk of er vorstschade is. Mulch en compost klaarleggen.
- April: Planten of verplanten. Alle takken terugsnoeien tot 30 cm. Compost geven.
- Mei: Planten. Eerste knoppen.
- Juni: Begin van de bloei.
- Juli: Volle bloei. Water geven bij droogte. Zachte stekken nemen.
- Augustus: Bloei. Halfhoutige stekken nemen.
- September: Bloei gaat door.
- Oktober: Laatste bloei. Water geven bij droogte.
- November: Mulch rond de voet leggen.
- December: Rust.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Hij hoort bij de kaasjeskruidfamilie (Malvaceae), net als stokroos, hibiscus en katoen.
- Het bekende ras ‘Barnsley’ is genoemd naar Barnsley House in Gloucestershire, waar het werd gevonden.
- Na de snoei in april bereikt hij in één seizoen weer bijna zijn volle hoogte.