
Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron
Struik · Kaasjeskruidfamilie (Malvaceae)
Altheastruik
Hibiscus syriacus · ook: Hibiscus, Tuinhibiscus
De altheastruik is een rechtopgaande struik van 2–3 m uit Oost-Azië, die bloeit als de meeste struiken al klaar zijn: van augustus tot oktober, met grote trechterbloemen in wit, roze, paars of blauw, vaak met een donker hart. Het drielobbige blad loopt pas laat uit, vaak pas in mei. In de volle zon en op een warme, beschutte plek bloeit hij het rijkst. Hij is winterhard, vraagt weinig werk en past ook in een kleine tuin, als struik of als kleine stamboom.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
2–3 m
hoog
Bloei
augustus–september
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 2–3 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | augustus–september |
Herkennen
Hoe herken je een altheastruik?
- Groeivorm
- Rechtopgaande struik van 2–3 m met stijve, opgaande takken; ook als kleine stamboom gekweekt.
- Blad
- Verspreid, 5–10 cm, ruitvormig, vaak drielobbig, grof getand; loopt pas laat in de lente uit.
- Schors
- Grijsbruin, met rechtopgaande takken.
- Bloem
- Grote trechterbloemen (6–10 cm) in wit, roze, paars of blauw, vaak met een donker hart, van augustus tot oktober.
- Vrucht
- Behaarde doosvruchtjes die de winter overblijven.
- Verschil met de kamerhibiscus
- De kamerhibiscus (Hibiscus rosa-sinensis) is groenblijvend en niet winterhard.
Bloei: augustus–september · Snoeien: maart
Herkennen per kenmerk: Handvormig blad · Paarse of blauwe bloemen
Lijkt op, maar is het niet
- Kamerhibiscus (Hibiscus rosa-sinensis): groenblijvend en niet winterhard.
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Late bloei van augustus tot oktober, als er weinig andere struiken bloeien.
- Grote, exotisch ogende bloemen in wit, roze, paars of blauw.
- Hommels en bijen kruipen tot diep in de bloemen.
- Blijft compact en rechtop: geschikt voor een kleine tuin, ook als stamboompje.
Waar staat een altheastruik graag?
- Volle zon; in de schaduw bloeit hij nauwelijks.
- Elke goed doorlatende grond die in de zomer niet uitdroogt; geen natte voeten in de winter.
- Een warme, beschutte plek, bijvoorbeeld voor een zuidmuur, geeft de rijkste bloei.
- Reken op 2–3 m hoog en zo’n 2 m breed.
- Licht
- Volle zon
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 3 m hoog, 2 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Pluimhortensia: Bloeit ook laat in de zomer, en snoei je eveneens in maart.
- Echte lavendel: Een zonnige, geurende onderbeplanting die al bloeit voor de altheastruik begint.
- Herfstaster: Bloeit in september–oktober aan zijn voet en trekt dezelfde late bijen en vlinders.
Past goed bij, en liever niet bij
Liever niet bij
- Niet onder de dichte kroon van deze bomen planten: fijnspar, gewone zilverspar, kaukasische zilverspar, douglasspar, taxus, witte paardenkastanje, noorse esdoorn, gewone esdoorn
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een altheastruik?
- Plant liefst in het voorjaar (april–mei): dan wortelt hij goed voor zijn eerste winter.
- Graaf een ruim plantgat en meng er wat compost door.
- Zet de struik even diep als hij in de pot stond en druk de grond goed aan.
- Geef ruim water en houd de grond het eerste jaar vochtig.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte, en ook later in droge zomers: anders laat hij zijn knoppen vallen.
- Bemesten
- Wat compost of organische mest in het voorjaar.
- Mulchen
- Een laag compost of schors houdt de grond in de zomer koel en vochtig.
- Laat uitlopen
- Hij staat tot in mei kaal: snoei of verwijder hem niet omdat hij in april nog dood lijkt.
Tip: Wil je grote bloemen, knip dan in maart elke twijg van vorig jaar terug tot op 2–3 knoppen. Wil je een natuurlijke struik met veel kleinere bloemen, snoei dan nauwelijks.
Wanneer snoei je een altheastruik?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: Eind van de winter (maart).
Hoe:
- Hij bloeit op nieuw hout: knip de twijgen van vorig jaar terug tot op 2–3 knoppen, dan krijg je minder maar grotere bloemen.
- Voor een natuurlijke vorm snoei je alleen licht: haal dode, zwakke en kruisende takken weg.
- Een stamboompje houd je in vorm door de kroon elk jaar in maart in te korten.
Let op: Snoei niet te laat in het voorjaar: hij heeft het hele seizoen nodig om nieuwe twijgen met bloemknoppen te maken.
Vermeerderen
- Stekken
- Neem in juli halfhoutige stekken van 10–15 cm en laat ze wortelen in een pot met zanderige grond, onder glas of plastic.
Hoe komt een altheastruik de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Winterhard in België en Nederland; jonge planten zijn de eerste winter wat gevoeliger: leg een laag mulch over de wortels.
- De doosvruchtjes blijven in de winter aan de struik; de kale takken lijken tot in mei dood.
Ziektes en plagen
- Knopval: De knoppen vallen af voor ze opengaan, meestal door droogte. Geef water in droge zomers en mulch de grond.
- Bladluis: Luizen op de jonge scheuten en knoppen in de vroege zomer. Laat lieveheersbeestjes hun werk doen of spuit ze af met water.
- Late uitloop: Hij lijkt in april dood. Wacht tot eind mei en kras dan een twijgje aan: is het groen onder de schors, dan leeft hij.
- Weinig bloei: Meestal te veel schaduw of een te koude plek. Geef hem de zonnigste, warmste plek van de tuin.
Het jaar rond
- Maart: Snoeien: twijgen van vorig jaar inkorten.
- April: Planten; geen paniek als hij nog kaal staat.
- Mei: Hij loopt uit; mulchen.
- Juni: Bladluizen in de gaten houden.
- Juli: Water geven bij droogte; stekken nemen.
- Augustus: De bloei begint.
- September: Volle bloei, met hommels in de bloemen.
- Oktober: Laatste bloemen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Tuin en landschap
- Late zomerbloei, als er weinig anders bloeit; ook als kleine stamboom.
- Voor de natuur
- Hommels kruipen tot diep in de bloemen.
Goed voor dieren
- Hommels
- Nectar en stuifmeel voor hommels, ook uit diepe bloemen en vroeg in de lente.
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Hij loopt pas in mei uit: geen paniek als hij in april nog dood lijkt.
- De naam syriacus is een vergissing: men dacht dat hij uit Syrië kwam, waar hij al lang in tuinen stond, maar hij komt uit Oost-Azië.
- Hij is de nationale bloem van Zuid-Korea.
- Ondanks de naam syriacus komt hij niet uit Syrië maar uit Oost-Azië. Linnaeus dacht dat hij uit Syrië kwam, omdat hij daar in tuinen gekweekt werd.
- Het is de nationale bloem van Zuid-Korea. Daar heet hij mugunghwa, de ‘onvergankelijke bloem’, omdat hij maandenlang blijft bloeien.